Home

Rapport over moeders die afstand moesten doen van kinderen stelt betrokkenen teleur, want waar blijft herstel?

Afstandsouders en -kinderen reageren teleurgesteld op het langverwachte rapport van de Commissie-De Winter over ongehuwde moeders die – vaak onder dwang – hun kind afstonden in de periode 1956-1984. Ze vinden dat de commissie gedegen onderzoek heeft gedaan, maar zijn kritisch over de ‘slappe’ aanbevelingen.

‘Het historisch onderzoek is prima, maar de conclusies zijn pruts- en broddelwerk’, zegt Ronald Notenboom van de Stichting Verleden in Zicht, belangenbehartiger van afstandskinderen. ‘Hiermee schieten we niks op, we worden gewoon verder het moeras in gestuurd’, voegt Ellen Venhuizen, namens stichting De Nederlandse Afstandsmoeder (DNA), toe.

Ongehuwde vrouwen die hun kind afstonden

Donderdag werd het langverwachte rapport Schade door Schande gepresenteerd. De commissie onder leiding van pedagoog Micha de Winter onderzocht bijna drie jaar lang wat er tussen 1956 en 1984 gebeurde met ongehuwde vrouwen die hun kind afstonden.

Naar schatting gaat het om 13 duizend tot 14 duizend moeders, vaak minderjarige meisjes, die veelal onder zware druk van familie, kerk of hulpverleners hun kind opgaven. De helft van hen had hun baby graag zelf opgevoed.

Volgens de commissie zijn de gevolgen onvoorstelbaar groot en werken ze tot op de dag van vandaag door. ‘De moeders is de regie over hun leven ontnomen’, zei De Winter in een interview met de Volkskrant. ‘En veel kinderen voelen zich afgedankt en gedumpt.’

Continu wantrouwend en onzeker

Zowel de afstandsouders als -kinderen waarderen hun welzijn, kwaliteit van leven en psychische gezondheid lager dan gemiddeld. ‘Dat is heel herkenbaar’, zegt Venhuizen. ‘Ik ben continu wantrouwend en onzeker. Het leed draag ik altijd met mij mee, het is een wond die nooit meer heelt.’

Venhuizen werd naar een opvanghuis gestuurd nadat ze als 15-jarige zwanger was geworden van haar vriendje. Zowel haar moeder als de hulpverleners boden haar geen keus. Over haar kind kreeg ze na de bevalling niets te horen – zelfs niet of het een jongen of een meisje was. Pas jaren later vond ze haar dochter terug. Ook zij was getekend door haar voorgeschiedenis en worstelde met psychische problemen. ‘Ze kon het leven uiteindelijk niet meer aan.’

Onder druk gezet

Zowel Venhuizen als Notenboom vindt dat de commissie te mild oordeelt over de betrokken instanties. Vooral de rol van de Raad voor de Kinderbescherming blijft volgens hen onderbelicht. Venhuizen: ‘Ik werd onder druk gezet om afstandsverklaringen te tekenen. Mij werd verteld dat ik geen keuze had. Later bleek dat die verklaringen niet eens rechtsgeldig waren. Ik ben gewoon bedonderd.’

De commissie wijst in het rapport op een gedeelde verantwoordelijkheid, waarbij ook huisartsen, psychiaters, kerken en families een rol speelden. Maar Notenboom vindt dat de overheid niet kan wegkijken. ‘Toen mijn moeder haar handtekening zette en afstand van mij deed, was de kinderbescherming volledig verantwoordelijk voor mij.’

Notenboom werd als baby direct na de geboorte afgestaan. ‘Mijn moeder had – anders dan veel andere moeders – wél een keuze, maar geen zin in mij. Ze heeft een briefje ondertekend van weg ermee, en dat was het dan.’ Hij heeft veel moeite moeten doen om alle informatie bij instanties als de kinderbescherming boven tafel te krijgen. ‘Het is voor veel afgestane kinderen een levenslange opgave om alle puzzelstukjes te vinden.’

Volledige toegankelijkheid van de dossiers

Daarom hadden hij en Venhuizen gehoopt dat de commissie-De Winter zou pleiten voor het volledig toegankelijk maken van de dossiers, zodat ouders en kinderen kunnen achterhalen wat er precies is gebeurd. Maar de commissie wijst erop dat dit niet zomaar kan, onder meer vanwege privacyregels en omdat er soms botsende belangen zijn, bijvoorbeeld als de moeder niet wil dat een kind haar dossier kan lezen.

Ook pleiten Venhuizen en Notenboom voor onbeperkte toegang tot psychologische hulp. ‘De commissie schrijft onder meer dat er mediation en herstelbemiddeling moet komen in situaties van emotionele pijn en bij belangenconflicten. Maar ga toch weg met je bemiddeling. Ik wil gewoon herstel’, zegt Venhuizen.

Over de opvallendste aanbeveling van De Winter halen ze allebei hun schouders op. De onderzoekers stellen dat deze pijnlijke geschiedenis zo veelzeggend is voor het naoorlogse Nederland dat het verhaal van de afstandsmoeder en -kind opgenomen zou moeten worden in de Canon van Nederland.

‘Tsja, de Canon?’, reageert Venhuizen. ‘Wat moet ik daarmee? Wie leest dat en wie gaat er dan over ons schrijven?’ Notenboom vindt de aanbeveling om de geschiedenis op te nemen in de Canon ‘een beetje voor de bühne, ook omdat het geen geld kost. Het is op zich leuk als aanbeveling nummer 26, maar niet als de kern van het herstelbeleid.’ Zelf had hij liever gezien dat naamswijzigingen gratis werden. ‘Je geboortenaam terugkrijgen is nu omslachtig en duur. Dáár had de commissie zich stevig over moeten uitspreken.’

Op weg naar herstelmaatregelen

Naar het onderzoek van de commissie-De Winter was lang uitgekeken. Een eerdere onderzoekspoging liep op een teleurstelling uit. Dat onderzoek werd in 2021 voortijdig stopgezet wegens ernstige fouten: persoonlijke, soms nooit eerder vertelde getuigenissen bleken verkeerd vastgelegd, namen en gebeurtenissen door elkaar gehaald en privacyregels geschonden.

Nu richten de belangengroepen van afstandsmoeders en -kinderen zich op Den Haag. Een motie van VVD, SP en D66, die pleit voor volledige en onbeperkte toegang tot dossiers, werd onlangs aangenomen. ‘We voelen ons serieus genomen door de politiek’, zegt Notenboom. ‘Met hen gaan we op weg naar herstelmaatregelen, mét of zonder de aanbevelingen van meneer De Winter.’

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next