Twee prominente belangenorganisaties van ouders die gedwongen afstand moesten doen van hun kind hebben snoeiharde kritiek op onderzoek naar hun leed. De kritiek volgt na een zeer moeizame aanloop naar het onderzoeksrapport, waarbij het kabinet een eerder onderzoek liet stoppen.
Tussen 1956 en 1984 voelden duizenden ongetrouwde vrouwen en meisjes zich door hulpverleners, zorgprofessionals of hun familie onder druk gezet om afstand te doen van hun pasgeboren kind. Zeker tien zwangeren kregen een doek over hun hoofd tijdens de bevalling en zagen hun kind nooit.
Onderzoek in opdracht van de Staat concludeerde donderdag dat het leed van deze afstandsmoeders soms levenslang doorwerkte. Dat gold ook voor de vaders en de kinderen zelf. Aanbevelingen van de onderzoekers zijn onder meer om het leed vast te leggen in de Canon van Nederland, een overzicht van de belangrijke gebeurtenissen uit de geschiedenis van ons land, en ervoor te zorgen dat mensen aan voorbehoedsmiddelen kunnen komen.
Twee prominente belangenorganisaties zeggen namens de afstandsouders en hun kinderen dat ze heel teleurgesteld zijn over de aanbevelingen. Stichting Verleden in Zicht (VIZ) eist zelfs dat de onderzoekers die weer intrekken.
"Een aanbeveling over voorbehoedsmiddelen past bij de jaren vijftig van de vorige eeuw, maar sluit totaal niet aan bij onze behoefte", licht bestuurslid Frans Haven namens de belangenorganisatie toe. "Dit is zo ongevoelig. Hier hebben we niets aan."
Stichting De Nederlandse Afstandsmoeder (DNA) deelt de kritiek van VIZ. "De aanbevelingen slaan kant noch wal", stelt bestuurslid Ellen Venhuizen.
Het intrekken van de aanbevelingen gaat DNA wat ver omdat er volgens Venhuizen wel goed onderzoek is gedaan. Maar er moeten wat de stichting betreft in ieder geval extra aanbevelingen bij.
"Bijvoorbeeld het aansprakelijk stellen van de Raad voor de Kinderbescherming", zegt Venhuizen. "Die hebben de afstandsmoeders gewoon besodemieterd, door ze via een niet rechtsgeldig document afstand te laten doen van hun kind."
Dat het een dag na het uitkomen van Schade door schande alleen over de aanbevelingen gaat, overschaduwt volgens voorzitter van het onderzoeksteam Micha de Winter het "uitvoerige" onderzoek dat de kern is van het rapport. Intrekken gaat sowieso niet, want het rapport is al overhandigd aan de Staat.
De kritiek van de twee stichtingen is misschien het hardste, maar niet het enige geluid over het rapport en de aanbevelingen, stelt De Winter namens de Commissie onderzoek Binnenlandse Afstand en Adoptie (CBAA). "We hebben ook veel positieve reacties gekregen van betrokkenen."
Bovendien zijn er ook veel verschillende meningen over wat te doen nu het leed van de afstandsouders en hun kinderen bevestigd is in onderzoek voor de Staat, benadrukt De Winter. "Sommige mensen willen financiƫle compensatie, maar anderen vinden dat juist een belediging. Sommigen willen excuses van de Staat maar anderen zeggen dat dat ze niet verder helpt. Onze aanbevelingen zijn gebaseerd op onderzoek, en niet op meningen."
In de aanloop naar Schade door schande hadden de twee belangenverenigingen niet het volledige vertrouwen dat het leed van de afstandsmoeders voldoende uit de verf zou komen, zeiden ze toen tegen NU.nl.
DNA en VIZ vonden dat ze te weinig betrokken waren bij het opstellen van het rapport. Ze mochten het gevoelig liggende document ook niet inzien voordat het openbaar werd.
De Winter zei daarover dat dat bewust was. Net als het niet tijdens het onderzoek betrekken van de belangenorganisaties. CBAA wilde absoluut onafhankelijk onderzoek doen, want bij een eerder onderzoek ging daardoor zo veel mis dat het kabinet dat in 2021 stopzette.
Maar de belangenorganisaties zijn wel degelijk aan het woord geweest tijdens het nieuwe onderzoek, via interviews en gesprekken. "Hun verhalen en meningen staan in het rapport", zei De Winter eerder.
Source: Nu.nl algemeen