Home

De vergeten geschiedenis van de afstandsmoeders: ‘Sommige vrouwen kregen tijdens de bevalling een doek over hun hoofd’

Tussen 1956 en 1984 werden duizenden ongehuwd zwangere vrouwen gedwongen hun kind af te staan. Een commissie, onder leiding van pedagoog Micha de Winter, presenteerde gisteren haar onderzoek naar deze droeve geschiedenis. ‘De meisjes werden weggezet als debiel.’

Verbijstering. Dat gevoel bekroop Micha de Winter (73) elke keer weer als hij zich over een dossier van een afstandsouder of -kind boog. En hoewel de emeritus-hoogleraar pedagogiek inmiddels honderden verhalen kent, kan hij het nog steeds niet echt bevatten hoe rigide veel ouders nog geen vijftig, zestig jaar geleden reageerden als ze hoorden dat hun ongehuwde dochter zwanger was.

Donderdag presenteerde De Winter het langverwachte rapport Schade door schande. Onder zijn leiding onderzocht een commissie wat er tussen 1956 en 1984 gebeurde met de naar schatting 13- tot 14 duizend ongehuwde moeders die hun kinderen afstonden. Al is ‘afstaan’ eigenlijk niet het juiste woord. De helft van de vrouwen had haar baby willen houden. Veelal werden de vaak minderjarige meisjes zwaar onder druk gezet door familie, de kerk en hulpverleners. Hun werd verteld dat ze niet voor hun kind zouden kunnen zorgen.

De gevolgen van deze onvrijwillige adoptie werken tot op de dag van vandaag door, stellen de onderzoekers. ‘De moeders is de regie over hun leven ontnomen’, zegt De Winter. ‘En veel kinderen voelen zich afgedankt en gedumpt.’

Deze pijnlijke geschiedenis is zelfs zo veelzeggend voor het naoorlogse Nederland dat de commissie bepleit om het verhaal van de afstandsmoeder en -kind op te nemen in de Canon van Nederland. Het rapport toont een kille kant van de toentertijd heersende moraal. ‘Veel mensen kennen deze geschiedenis niet. En wil je dat dit nooit meer gebeurt, dan moeten volgende generaties ervan kunnen leren’, aldus De Winter.

‘Tijdens ons onderzoek spraken we bijvoorbeeld met een vrouw met wie als jong meisje iets was gebeurd op de kermis met een meneer, daarna was ze zwanger. Van seks wist ze toeten noch blazen. Haar vader zei: jij bent mijn dochter niet meer, wegwezen! De argumentatie van die man was dat hij zijn slagerij wel zou kunnen sluiten als zijn klanten hier erzouden komen.

‘De schande was dus blijkbaar zo groot dat je liever de relatie met je dochter verbreekt, je dierbare, dan dat uitkomt dat ze ongehuwd zwanger is. Ik ben ook vader, en ik kan het me niet voorstellen. Maar nog niet eens zo lang geleden was dat op veel plaatsen in Nederland heel normaal.’

Door een gebrek aan seksuele voorlichting wisten veel meisjes destijds niet eens precies wat er gebeurde als zoenen overging in penetratie. Bovendien was de seks lang niet altijd vrijwillig. En als niet veel later bleek dat ze zwanger waren, werden ze als de paria van de familie weggestuurd naar speciale tehuizen om daar te bevallen. Alles was erop gericht om de schande voor de familie zo veel mogelijk te beperken.

‘Destijds kon je als vader zelfs ontslagen worden als uitkwam dat jouw dochter ongehuwd zwanger was’, zegt De Winter. ‘Want je had de taak als gezinshoofd niet goed vervuld.’

Door hulpverleners en psychiaters werden de meisjes bovendien geregeld weggezet als ‘debiel’ en ‘gestoord’. De baby werd vaak meteen na de bevalling al weggehaald. Soms werden de meisjes zelfs geblinddoekt.

Zo vertelt een van de geïnterviewde moeders dat ze een doek over haar hoofd kreeg tijdens de bevalling. ‘Na een helse wee hoorde ik hoe de vroedvrouw zei: ‘Ja, het is eruit.’ Toen even later het doek van mijn ogen werd gehaald, was mijn kind al weg.’

Een ander vertelt dat er daarna ‘nooit meer een woord over werd gesproken. Met niemand.’ De meisjes werden geacht door te gaan met hun leven. ‘Ik kwam thuis en ik had in die tijd maat 36 en ik zat weer in maat 36 en mijn moeder zei: ‘O fijn, niemand kan in ieder geval iets aan je zien.’ En dat was het dan.’

De baby’s werden ondertussen ondergebracht in tehuizen. Ze zouden naar een pleeggezin gaan, maar die waren niet altijd beschikbaar. ‘Het resultaat was dat sommige kinderen jaren in een tehuis hebben gezeten. In de meest kille tehuizen lagen die kinderen zelfs de eerste twee jaar alleen maar in een bedje.’

En dit alles, vervolgt De Winter, ‘gebeurde in het belang van de baby.’

Als je met de ogen van nu kijkt, is het moeilijk voorstelbaar dat dit in het belang van het kind was. Hoe heeft dit kunnen gebeuren?

‘Omdat gezaghebbende deskundigen het verkondigden en de samenleving, overheid en instellingen erin meegingen. Veel partijen hadden een blinde vlek, veel mensen waren ervan overtuigd dat dit het juiste was.’

De Winter realiseert zich dat dit antwoord voor sommige slachtoffers onbevredigend zal zijn. Zij willen graag duidelijkheid: wie was er verantwoordelijk? ‘Maar we kunnen op grond van wat wij hebben gevonden niet zeggen: nou die meneer of mevrouw of die instelling, dié was de schuldige.’

Aanvankelijk twijfelde De Winter dan ook om met dit precaire onderwerp aan de slag te gaan toen hij in 2022 door toenmalig minister Franc Weerwind (Rechtsbescherming) werd gevraagd. De pedagoog had enkele jaren eerder een lijvig rapport over misstanden in de jeugdzorg afgeleverd en vroeg zich af of hij zich opnieuw aan zo’n onderzoek moest wagen.

Wat dit onderwerp extra beladen maakte, was dat een eerdere onderzoekspoging was uitgelopen op een teleurstelling. Dat onderzoek werd voortijdig gestaakt toen bleek dat er grote fouten waren gemaakt: persoonlijke, soms nooit eerder vertelde getuigenissen van slachtoffers, waren verkeerd vastgelegd, namen en gebeurtenissen door elkaar gehaald en privacyregels geschonden.

‘Uiteindelijk heb ik ja gezegd, omdat het bij mij ook een persoonlijke snaar raakte’, zegt De Winter. ‘Mijn vader was vlak voor de Tweede Wereldoorlog getrouwd. Zijn eerste vrouw was zwanger toen ze afgevoerd werd. Haar baby werd in Auschwitz meteen na de bevalling vermoord. Ik heb dus een halfzusje dat ik nooit heb gekend. Het idee dat iemand je kind afpakt, dat je dat nooit meer te zien krijgt, dat maakte een innerlijke drive in mij los.’

Waarom begint het onderzoek in 1956? Ongehuwde moeders zijn van alle tijden.

‘Adoptie was voor 1956 wettelijk nog niet mogelijk. Als je ongehuwd zwanger was, was je zondig, maar het uitgangspunt was dat moeder en kind bij elkaar hoorden.

‘Natuurlijk gebeurde het toen ook al dat een moeder niet voor een kind mocht, kon of wilde zorgen. Dan probeerde de moeder of de familie zelf een oplossing te zoeken. Wij zijn veel advertenties tegengekomen waarin bijvoorbeeld stond: ‘Goed katholiek huis gezocht voor blond meisje.’

‘Vanaf 1956 veranderde dat. De adoptiewet werd ingevoerd, mede om misstanden in de ongeorganiseerde pleegzorg, die natuurlijk ontstonden, te voorkomen. Tegelijkertijd veranderde de kijk op ongehuwde moeders, mede onder invloed van psychiaters. De meisjes werden niet langer alleen zondig gevonden, maar ook ‘sociaal gestoord’, dus ongeschikt om een kind op te voeden.

‘Psychiaters en psychologen deden morele uitspraken op basis van discutabele wetenschappelijke gegevens. Er was bijvoorbeeld een psycholoog van een Brabants opvanghuis, die zei dat als een zwanger ongehuwd meisje zich heftig verzette tegen het afstaan van haar kind, ze sowieso een ongeschikte, labiele moeder zou zijn. Dat verzet zou voortkomen uit haar eigen gebrek aan moederliefde of het gevolg zijn van emotionele verwaarlozing.’

Vaak worden de jaren zestig en zeventig beschreven als jaren van de seksuele revolutie. Maar uit dit rapport stijgt weinig flowerpower op, eerder een verstikkende moraal.

‘De overheid, gegoede burgerij en religieuze leiders maakten zich na de oorlog ernstig zorgen over, zoals zij het zagen, verwildering van de massajeugd en vooral het zedelijk verval.

‘De strenge veroordeling van zwangerschappen van ongehuwde meisjes paste in dat kader. De beroemde psychiater Kees Trimbos, die later veel goede dingen heeft gedaan, schreef in de jaren vijftig dat een ongehuwde zwangerschap mogelijk nóg erger was dan homoseksualiteit.

‘In de jaren zestig en zeventig verschoof die moraal vervolgens in rap tempo. Toen kregen we makkelijk beschikbare voorbehoedsmiddelen, de pil en de ‘bommoeders’: de bewust ongehuwde moeders. En in 1984 kwam de abortuswet.

‘Dat maakt het extra pijnlijk voor de afstandsmoeders. Zij zijn enorm onder druk gezet om hun kind af te staan én moesten dat geheim houden. En dan zie je verdorie een paar jaar later de wind helemaal draaien en hoor je vrouwen zeggen: ik word een bewust ongehuwde moeder.’

Zijn zij slachtoffers van de tijdgeest?

‘Nee, want ook in de jaren vijftig en zestig waren er wel degelijk mensen die zich verzetten tegen afstand ter adoptie. We hebben ook een verhaal van een protestants meisje in het noorden van het land. Zij was zwanger geworden. Op zondag werd in de kerk gezegd: Marietje heeft een onbezonnen daad begaan, dat is heel slecht. Maar wie heeft er een bedje? Of andere spullen voor de baby? Ze werd gestigmatiseerd, maar tegelijkertijd ging de gemeenschap wel om haar heen staan.’

U zei al: er is niet één schuldige aan te wijzen. Maar bij wie of welke instantie ligt de grootste verantwoordelijkheid ?

‘Dat is een lastige vraag. Politiek, overheid, huisartsen, psychiaters, kerk, families: alle hebben steken laten vallen. Dit is echt een probleem van de samenleving geweest.’

Maar een samenleving kan geen ‘sorry’ zeggen. En voor slachtoffers kunnen excuses wel een vorm van erkenning zijn.

‘Ik kan niet iemand aanwijzen die excuses moet maken, maar daarmee is de verantwoordelijkheid die we als samenleving hebben nog niet weg. Laat al de partijen die een deel van de verantwoordelijkheid dragen voor deze geschiedenis, kritisch naar het eigen aandeel kijken en daar consequenties uit trekken.’

Na eerdere, min of meer soortgelijke onderzoeken, hebben slachtoffers schadevergoedingen gekregen. Jullie benoemen dat niet in jullie aanbevelingen.

‘Dat is aan de politiek. Bij de commissie-Deetman, die in 2011 seksueel misbruik van minderjarigen in de rooms-katholieke kerk onderzocht, hebben die schaderegelingen in sommige gevallen juist tot nieuwe trauma’s geleid. De slachtoffers moesten namelijk kunnen bewijzen wat er was gebeurd om daarvoor in aanmerking te komen, soms werden hun aanvragen afgewezen. Dat voelde alsof ze wéér niet werden geloofd dat die pater met zijn vingers aan hen had gezeten.

‘Na ons onderzoek naar misstanden in de jeugdzorg in 2019 besloot het kabinet om dat niet opnieuw te doen. Toen kreeg iedereen die aannemelijk kon maken dat hij of zij in een tehuis of pleeggezin had gezeten waar het niet goed is gegaan, 5.000 euro.

‘In ons onderzoek hebben we wel gevraagd hoe mensen kijken naar een eventuele financiële compensatie. Er wordt verschillend over gedacht. De een stelt het zeer op prijs, de ander zou het een schande vinden om afgescheept te worden met 5.000 euro.’

In het onderzoek wordt vooral stilgestaan bij de moeders en kinderen. Hoe is het met de afstandsvaders?

‘Sommigen wisten niets van de zwangerschap. Anderen wilden er niets van weten. En er zijn er ook die wel hun verantwoordelijkheid wilden nemen, maar buitengesloten werden. Een vader vertelde dat hij zich nog altijd schuldig voelt. Hij zei: ‘Ik had tegen haar vader moeten zeggen: godverdomme, het is ons leven, niet jouw leven. Maar ik heb me destijds laten overdonderen.’

U wilt dat er wordt geleerd van deze geschiedenis. Ziet u gevaren dat zoiets weer kan gebeuren?

‘Dat er nu weer discussies ontstaan over seksuele voorlichting aan kinderen op scholen, de Lentekriebels, is zorgelijk. Want als wij kinderen niet goed voorlichten, dan krijgen we weer meer tienerzwangerschappen.

‘En er zijn natuurlijk krachten in de samenleving die vinden dat de zwangerschap niet alleen maar een zaak is van de vrouw zelf, zoals je nu in Amerika weer ziet.

‘Dit onderzoek maakt duidelijk dat je niet snel moet oordelen en dat je nooit jouw opvattingen over hoe goed te leven, moet opleggen aan een ander zonder eerst goed naar die ander te luisteren. Want als je mensen zeggenschap en regie over hun eigen leven ontneemt, krijg je een herhaling van dit soort ellende en daarmee verwoest je levens.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next