Een grote meerderheid van de Tweede Kamer steunt het standpunt dat het demissionaire kabinet Schoof komende week wil innemen tijdens de Navotop in Den Haag. De politieke vraag over waar de extra miljarden vandaan moeten komen, lijkt een van de grote thema’s van de aankomende verkiezingen te worden.
is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.
In het debat dinsdagavond stelden partijen van alle kanten van het politieke spectrum, van GroenLinks-PvdA tot PVV, zich achter het kabinetsvoornemen om op de Navo-top het voorstel te volgen om ‘stapsgewijs tot een’ nieuwe Navo-norm te komen van 5 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Dit is onderverdeeld in 3,5 procent defensieuitgaven en 1,5 procent defensiegerelateerde uitgaven, waaronder zaken als verbetering van de infrastructuur en cyberveiligheid vallen.
Slechts vier kleine partijen, Denk, Forum voor Democratie, Partij voor de Dieren en Forum voor Democratie, samen goed voor minder dan 10 procent van de zetels in het parlement, stemden er niet mee in. SP-leider Jimmy Dijk sprak over ‘niet een fles, niet een krat, maar een hele fabriek gratis bier’, die ten goede komt aan het ‘militair-industrieel complex’. Dijk zei het wel te steunen als de Amerikaanse veiligheidsrol in Europa wordt teruggedrongen, bijvoorbeeld op het gebied van inlichtingen. Zijn betoog dat een defensienorm van 3,5 procent ‘door niemand is onderbouwd’ werd weersproken door andere partijen, die wezen op de onderliggende Navo-analyse van capaciteitsdoelen waaraan sinds 2023 is gewerkt.
Christine Teunissen (Partij voor de Dieren) noemde het ‘helaas noodzakelijk om te investeren in de eigen Europese verdediging’, maar zei dat haar partij elk voorstel daartoe apart zal beoordelen en niet gaat tekenen voor een ‘blanco cheque’ en ‘tegen de Navo-norm is, ongeacht het percentage’.
Ondanks de zeer brede steun in de Kamer voor de nieuwe Navo-norm die volgende week zal worden afgesproken, en die inzake de 3,5 procent defensieuitgaven volgens het demissionaire kabinet een uiteindelijke structurele verhoging betekent van 16 tot 19 miljard euro per jaar, riep het debat grote vragen op over de vraag waaruit deze investeringen moete worden gefinancierd.
Een centrale rol in het debat werd gespeeld door Groenlinks-PvdA. Frans Timmermans oogstte lof van andere partijen voor de bereidheid van zijn partij om het kabinetsstandpunt op weg naar de top te steunen evenals, in Timmermans woorden, ‘de analyse die daarachter zit van de Navo’. Er is een rechtstreekse dreiging van Rusland voor heel Europa en ook voor Nederland, zei Timmermans, en de Amerikaanse president Trump ‘staat met de rug naar Europa en wij kunnen niet meer op hem rekenen. Dat is de kern waarop we de Europese defensie moeten versterken.’
Timmermans kwam echter onder vuur toen bleek dat hij zich niet wilde laten vastpinnen op een termijn waarbinnen die 3,5 procent moet worden gehaald. Daarover is als richtdatum 2032 voorgesteld, maar er werd de afgelopen weken nog onderhandeld tussen de bondgenoten. Sommige landen dicht bij Rusland vinden dat 2030 als richtsnoer nodig is (anders komen de investeringen volgens hen te laat), zuidelijke landen pleiten juist voor een ruimere termijn.
Henri Bontenbal (CDA) toonde zich teleurgesteld in Timmermans standpunt. ‘Ik dacht eerst: mooi, er is brede consensus in de Kamer. Maar als het tijdpad (naar die 3,5 procent, red.) niet geaccordeerd wordt, wat zeggen we dan? Dan zeggen we alsnog niks.’ Maar Timmermans wees op de onderhandelingen die nog gaande zijn. ‘Ik wil me nu niet vastleggen op 2032.’
Hij kreeg ook kritiek omdat GroenLinks-PvdA, zoals eerder, geen voorstander is van het wettelijk vastleggen van een uitgavenminimum van 2 procent voor defensie. Een wetsvoorstel daartoe, dat brede steun heeft in de Kamer, werd dinsdag aangenomen door de Eerste Kamer. Nadat Timmermans had gezegd dat het logisch is dat als het dreigingsbeeld verandert, ook de defensieuitgaven weer omlaag kunnen, waarschuwde VVD-leider Dilan Yesilgöz dat ‘als je dat doet, een soort jojo-beleid met defensie, je later weer terechtkomt in de situatie waarin we nu zitten’.
Timmermans, die de obsessie van andere partijen met het wettelijk vastleggen van die uitgaven ‘fetisjisme’ noemde, bestreed dat met de opmerking dat zijn partij ziet dat defensie-hervormingen en investeringen tijd nodig hebben en bereid is zich politiek te committeren aan langdurige defensie-investeringen. ‘Ik ben bereid met de VVD en anderen een politiek akkoord te sluiten dat we ons over de verkiezingen heen, voor een aantal kabinetsperiodes, committeren aan hogere defensie-uitgaven.’
De stelligheid waarmee GroenLinks-PvdA zegt dat de extra investeringen in geen geval ten koste mogen gaan van sociale zekerheid, zorg, onderwijs of investeren in duurzaamheid is ook te vinden bij de PVV. Die zei bij monde van Raymond de Roon dat hogere defensieuitgaven ‘nooit ten koste mogen gaan van mensen in het land: zorg, sociale zekerheid of het schrappen van lastenverlichting’.
‘Zowel links als rechts geven vandaag niet het hele antwoord’, zei Mirjam Bikker (ChristenUnie), ‘we zullen eerlijk moeten zijn: als het onveiliger wordt, dan stijgt de verzekeringspremie.’ De miljarden zijn volgens haar niet te halen door ‘de kettingzaag te zetten in uitgaven die mensen hard nodig hebben’, maar kunnen ook niet alleen worden opgehaald door belastingenverhoging voor vermogende burgers en bedrijven (een van de voorstellen van GroenLinks-PvdA).
Zeker is dat veel partijen verlekkerd kijken naar de staatsschuld die in Europese termen laag is, en ook zit Nederland nog onder de EU-norm dat het begrotingstekort niet groter mag zijn dan 3 procent (een norm waar tijdelijk rek in komt om lidstaten ruimte te bieden voor meer defensie-investeringen). Maar ook hogere schulden kunnen niet het hele antwoord zijn, zei Bontenbal vorige week al, ‘want dan leg je de rekening bij toekomstige generaties’.
Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant