Julien Althuisius is schrijver en voor de Volkskrant columnist over het dagelijks leven.
Vanaf de achterbank klonk gefluister. Toen: ‘Pap, hoeveel kosten twee grote cappuccino’s en een croissant?’ Twee grote cappuccino’s en een croissant is wat ik altijd bestel in het café waar ik kom om te werken (inmiddels hoef ik niet eens meer te bestellen, zo voorspelbaar ben ik. Als mijn grote tronie de toonder nadert, wordt de melk al opgestoomd. De vraag is alleen of er een croissant bij komt – ik mag er drie per week – en wanneer die croissant erbij komt; tijdens de eerste of de tweede ronde). Ik antwoordde dat het bij elkaar 9 euro 50 was. Even was het stil, er werd nagedacht. ‘Oké’, klonk het daarna beslist.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De volgende morgen werd ik wakker gemaakt met een kop waterige gevangenisthee, die ze hadden gemaakt door zelf willekeurige theeblaadjes in een zeefje te stoppen en die te overgieten met heet water. ‘We wisten niet hoe het moest’, zei Mevrouw Tien, ‘en als je het niet lekker vindt hoef je het niet op te drinken.’ Mevrouw Zeven pakte een grote gouden envelop met daarop geplakt in uitgeknipte letters ‘love’. In de envelop zat een insteekmap die ik kon gebruiken voor ‘papa-rassen’.
Mevrouw Tien had een kaart geschreven: ‘mij papa is soms een beetje gek, stoer en sterk, gezellig en grappig, mijn grot held’. Wat mensen ook van me mogen vinden, ik ben dus een grotheld. Ze had ook – met tegenzin, ‘want dat moest van school’ – een onderzetter gemaakt van ijsstokjes met daarop een gedichtje dat ze zelf had bedacht. Ze was niet tevreden met het resultaat en keek me meewarig aan toen ik zei dat ik dit voor de rest van mijn leven op mijn nachtkastje wilde bewaren.
‘Kan je er eigenlijk contant betalen?’, vroeg Mevrouw Tien, toen we op het punt stonden naar het café te gaan. Nee, zei ik, ze accepteren alleen maar pinbetalingen. Boos sloot ze het kistje dat tot aan de rand gevuld is met haar gespaarde geld. Ik opperde dat ik het bedrag kon pinnen en dat zij me dan het geld contant terug zou geven. Schoorvoetend ging ze akkoord.
Even later zaten we gedrieën in mijn stamcafé, de tafel vol met koffie, ijsthee, een croissant, pastel de nata en een appelflap. Van mijn dochter kreeg ik een briefje van 20 euro en zo werd ik voor het eerst in mijn leven getrakteerd door mijn kinderen.
’s Avonds bracht ik de jongste naar bed. Na even gelezen te hebben, legde ze haar tijdschrift weg en deed ze het lampje uit. ‘Eigenlijk vind ik het zonde’, zei ze. ‘Wat is zonde?’, vroeg ik. ‘Nou, dat ik een Penny lees is een beetje tijdverspilling. Ik vind het gezelliger als jij me voorleest.’
Nu had ik eerlijk gezegd nooit gedacht dat mijn dochter al op haar zevende het woord tijdverspilling zou kennen. Laat staan dat ze het zou gebruiken om mijn hart te breken.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant