Home

Alleen als de dreiging tastbaar is, investeert Nederland in defensie

De Tweede Kamer debatteert dinsdag over de verhoging van de defensie-uitgaven naar 5 procent van het bbp. Investeren in de krijgsmacht is politiek alleen te verkopen alleen als Nederland zich onveilig voelt, blijkt steeds weer.

is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over financiën en landbouw.

De Amerikaanse generaal Dwight Eisenhower ergert zich in januari 1951 groen en geel aan het ‘gemits en gemaar’ van het Nederlandse kabinet. De opperbevelhebber van de Navo is op bezoek in Den Haag om de Nederlanders eraan te herinneren dat ze hun defensie-uitgaven moeten opvoeren. Het Amerikaanse Congres wil verdere militaire hulp aan Europa namelijk alleen goedkeuren als de Europese Navo-landen financieel hun steentje bijdragen.

Het Nederlandse kabinet beroept zich in het gesprek met Eisenhower op organisatorische problemen. De minister van Oorlog en Marine, Hans s’Jacob, legt de generaal uit dat zo’n snelle budgetverhoging ten koste gaat van de doelmatigheid van de uitgaven.

Maar de Amerikanen staan op hun strepen. Allemaal smoezen, schrijft Eisenhower aan de ambassadeur in Nederland, Selden Chapin. ‘Den Haag vertoont een gebrek aan gevoel van urgentie, aan bereidheid offers te brengen en aan vastberadenheid om zijn deel van de gezamenlijke last te dragen.’

Chapin stuurt de Nederlandse regering een bits memorandum: om zijn Navo-verplichtingen na te komen moet het kabinet zijn defensiebudget verhogen naar 1,5 miljard gulden per jaar. Dat is bijna een verdubbeling van het bedrag dat Nederland in 1950 aan defensie besteedt.

Toch gaat het kabinet-Drees door de knieën. Het uitbreken van de Koreaanse oorlog in 1950 (Noord-Korea valt Zuid-Korea binnen met steun van Rusland en China) geeft de aarzelende regering het laatste zetje. Die invasie wakkert in Europa de angst aan voor het communisme, en specifiek de Russen. In de jaren erna verhoogt Nederland zijn defensie-uitgaven stapsgewijs naar ongeveer 4 procent van het bruto binnenlands product (bbp).

Alles over politiek vindt u hier.

Dat is ook meteen de naoorlogse piek van de nationale defensie-inspanning. Het percentage vertoont daarna tientallen jaren een gestaag dalende trend. In 2015 bereiken de Nederlandse defensie-uitgaven de voorlopige bodem (1,08 procent van het bbp). Pas vanaf 2018 gaan ze weer omhoog. De reden voor de trendbreuk is precies dezelfde als in de jaren vijftig: de Verenigde Staten voeren de druk op en het internationale dreigingsniveau neemt toe.

Impopulair onder kiezers

Bij afwezigheid van een tastbare oorlogsdreiging zijn investeringen in het militaire apparaat impopulair onder kiezers en daarmee ook onder politici. Als Nederlanders in opiniepeilingen wordt gevraagd waarop het kabinet eventueel kan bezuinigen, staan defensie en ontwikkelingssamenwerking doorgaans bovenaan het lijstje.

Politici die kiezers blij willen maken, kunnen daarom beter geld uitgeven aan gezondheidszorg, sociale zekerheid of werkgelegenheidsprojecten. Alleen als Nederlanders echt vrezen voor hun veiligheid, ontstaat er electoraal en politiek draagvlak voor verhoging van het defensiebudget.

In een peiling van Hart van Nederland uit september 2024 spreekt 33 procent van de deelnemers zich uit voor een verhoging tot boven de Navo-norm van 2 procent. In maart 2025, als de nieuwe Amerikaanse president Donald Trump openlijk heeft gedreigd met het staken van de militaire bijstand aan Europa, is dat ineens 62 procent.

De Amerikanen klagen sinds de jaren vijftig vrijwel continu over de tekortschietende militaire bijdrage van Europese landen, maar dat heeft – ondanks de dreiging van de Koude Oorlog – meestal weinig effect. In de jaren zeventig blijven de Nederlandse defensie-uitgaven nog enigszins op peil, omdat PvdA-premier Joop den Uyl de Amerikaanse president Jimmy Carter zo’n aardige vent vindt. Carter vraagt de andere Navo-landen in 1977 hun defensie-uitgaven jaarlijks met 3 procent te laten stijgen. Hoewel de PvdA eigenlijk op defensie wil bezuinigen, zegt Den Uyl dit toe. Hij wil Carter niet teleurstellen.

Na Koude Oorlog hard omlaag

Niet dat Nederland die belofte ook nakomt. Het kabinet-Den Uyl voert de toegezegde uitgavenverhoging maar gedeeltelijk door en na 1980 duiken de defensie-uitgaven als percentage van het bbp alweer omlaag. Na de val van de Berlijnse Muur in 1989 gaat het helemaal hard, want dan is de Koude Oorlog voorbij. De Europese Navo-landen, dus niet alleen Nederland, zijn er als de kippen bij om het ‘vredesdividend’ te incasseren door hun defensiebegrotingen uit te kleden.

De PvdA-minister van Financiën en latere premier Wim Kok heeft sowieso weinig op met het leger. Begin jaren negentig vraagt hij zijn partijgenoot, defensieminister Relus ter Beek, er de kettingzaag in te zetten. Ter Beek moet in één kabinetsperiode 20 procent op het militaire apparaat bezuinigen. Hij doet dat onder andere door de dienstplicht op te schorten (hij schaft de opkomstplicht af; de dienstplicht bestaat formeel nog steeds).

In zijn Prioriteitennota (1993) maakt Ter Beek klip en klaar waar de politieke prioriteiten liggen: niet bij defensie. ‘Vanwege de algemene begrotingsproblematiek en de gewijzigde veiligheidssituatie heeft de regering besloten verdergaand op het defensiebudget te bezuinigen.’ Het gaat volgens Ter Beek om de ‘meest ingrijpende inkrimping van de krijgsmacht sinds de Tweede Wereldoorlog’.

Ter Beeks opvolgers Joris Voorhoeve, Frank de Grave, Henk Kamp en Hans Hillen snoeien – al dan niet onder protest – stug door. Nederland doet tussen 1990 en 2016 bijna 70 procent van de gevechtsvliegtuigen de deur uit, decimeert het aantal pantservoertuigen en heft al zijn tankbataljons op. Tienduizenden defensiebanen worden geschrapt, kazernes gesloten en marineschepen verkocht.

Minimumnorm van de Navo

In 2006 roept de Navo ‘2 procent van het bbp’ formeel uit tot minimumnorm voor alle lidstaten. Die norm komt tamelijk willekeurig tot stand. Het percentage houdt namelijk geen enkel verband met een bepaalde doelstelling voor defensieve slagkracht. Tussen 1999 en 2004 sluit een groot aantal voormalige Warschaupactlanden zich aan bij de Navo. Er volgt een discussie over wat zij financieel moeten bijdragen. Omdat deze landen gemiddeld ongeveer 2 procent van hun bbp aan defensie besteedden onder het Warschaupact, verheft de Navo dat percentage gemakshalve tot nieuwe norm.

De meeste West-Europese lidstaten halen de 2 procent dan al niet meer. In 2008 voldoen alleen Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk nog aan de Navo-norm. De Verenigde Staten agenderen het gebrek aan begrotingsdiscipline in 2014 voor de Navo-top in Wales. President Barack Obama voert een ‘normoverdragend gesprek’ met de regeringsleiders van de andere Navo-landen, maar die boodschap gaat ‘het ene oor in, het andere weer uit’, ook bij de Nederlandse premier Mark Rutte. Europa rekent erop dat de Amerikanen het continent in geval van nood niet in de steek zullen laten, ook al laten de bondgenoten de VS op financieel gebied wél in de steek.

De kabinetten-Rutte zetten de sloopwerkzaamheden gewoon voort. Defensieminister Hillen moet in 2011, tijdens de recessie na de kredietcrisis, meer dan 1 miljard euro bezuinigen op een totaalbudget van rond de 8 miljard. Hij maakt hierover veel misbaar in de media (‘We zitten rock-bottom, we zijn maximaal uitgeknepen’), maar voert de opdracht desondanks loyaal uit. De rotsige putbodem blijkt daarna toch nog niet bereikt, want na Hillens krachttoer moet Jeanine Hennis-Plasschaert in 2013 nog eens 348 miljoen euro van het defensiebudget afhalen.

Overigens constateert de Algemene Rekenkamer in 2021 dat lang niet al die bezuinigingen ook echt gerealiseerd zijn. Zo moet de verplaatsing van de marinierskazerne van Doorn naar Vlissingen een flinke besparing opleveren, maar de verhuizing wordt in 2020 afgeblazen.

Het afstoten van 116 gevechtstanks is begroot als een bezuiniging van 536 miljoen euro. Dat wordt 200 miljoen minder, omdat defensie vervolgens tanks van Duitsland gaat leasen om de kennis over gevechtstanks bij de Nederlandse landmacht op peil te houden. Eerst alle tanks verkopen om er daarna een aantal weer terug te huren, dat vindt de Rekenkamer niet zo doelmatig.

Omstreden marineschepen

Hoezeer de defensie-uitgaven (net als andere overheidsuitgaven) een speelbal zijn van politiek opportunisme, illustreert de omstreden aanschaf van vier korvetten in 2004. Defensieminister Henk Kamp moet net als zijn voorgangers bezuinigen, maar de Tweede kamer eist tegelijkertijd dat hij à raison van 480 miljoen euro marineschepen koopt. Schepen die hij niet nodig heeft, omdat de oude nog jaren mee kunnen.

Maar scheepsbouwer Damen lobbyt hard voor de megaorder, waarvan volgens het bedrijf honderden banen afhangen. Geld spenderen aan het leger mag dan weinig stemmen opleveren, voor een heldenrol als banenredder kun je elke politicus ’s nachts uit bed bellen. Dus wordt Kamp te midden van zware bezuinigingen gedwongen de overbodige schepen te bestellen, en een paar oudere vroegtijdig af te schrijven – wat tientallen miljoenen euro’s kost.

Het aandeel van defensie in de totale rijksuitgaven is geslonken van bijna 100 procent in de 19de eeuw, tot een kwart in de jaren vijftig naar bijna 6 procent in 2025. In guldens en euro’s gerekend zijn de defensie-uitgaven wel gestegen, maar andere kabinetsuitgaven stegen veel harder. De opbouw van de verzorgingsstaat is daarvan de belangrijkste oorzaak. Aan gezondheidszorg en sociale zekerheid is de overheid dit jaar 115 miljard euro kwijt; aan defensie (inclusief de hulp aan Oekraïne) ruim 27 miljard euro.

De Russische invasie van Oekraïne en de herverkiezing van Donald Trump hebben het draagvlak voor investeringen in de krijgsmacht vergroot. Het demissionaire kabinet ging vrijdag ­akkoord met de verhoging van de norm naar 5 procent van het bbp, de Tweede Kamer debatteert er dinsdag over. Het door Trump geëiste minimum vraagt veel politiek kapitaal. Volgens de recentste raming van het Centraal Planbureau stijgt het Nederlandse bbp naar 1.400 miljard euro in 2029. 5 procent daarvan is 70 miljard euro, bijna drie keer zoveel als het kabinet dit jaar aan defensie uitgeeft.

Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next