Toine Heijmans is rondreizend columnist van de Volkskrant. Daarnaast is hij romanschrijver.
Dit is wat je krijgt wanneer politici, ook degenen van wie je nuance verwacht, dag na dag, debat na debat, talkshow na talkshow over migratie beginnen: een protestbord, breeduit in de verzorgde voortuin van Lana en Emiel. ‘Hollanders eerst’, ‘ons straatje naar de klote’, ‘geen asielzoekers’.
Hun aanstaande buren zijn statushouders, geen asielzoekers, dat weet Lana ook wel: een jong gezin met drie kinderen, meer is ze niet verteld. ‘Ik heb op zich geen probleem met die mensen, als ze zich aanpassen is er niks aan de hand.’ Maar mocht er wel iets aan de hand zijn: ‘Ik sta niet voor mezelf in.’
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Lana en Emiel wonen in een kluwen van straatjes in het heerlijk heuvelende dorp Groesbeek, koop en sociale huur uit baksteen, rolluiken, hier en daar glanzende dakpannen. Dat ‘buitenlanders’ hun buren worden, terwijl ‘Nederlanders’ jaren op een woning wachten, is de kern van hun probleem. De politiek belooft meer huizen en minder buitenlanders, zegt Emiel, maar levert niet: ‘Het begint in Den Haag.’ Dat burgers inmiddels zelf maar grenscontroles houden vindt hij ‘mooi’: ‘En er gaat nog véél meer gebeuren.’
Brandbom in Ugchelen, varkenspoten in Berlicum, bedreigingen in Best, rellen in Uden, protestborden in Groesbeek, een burgerwacht aan de grens op zoek naar ‘zwarten’: eigenrichting floreert bij gebrek aan tegenspraak. Politici ruilden hun voorbeeldfunctie in voor volksgevoel en onmogelijke beloften, en dit is wat je krijgt: de moraal van de straat, versterkt door terugkaatsende echo’s uit Den Haag.
Moet je luisteren, zegt Emiel: ‘Ze dumpen hier alle statushouders, niet in de rijkere dorpen van de gemeente.’ Nogmaals: ‘Wij discrimineren niet’, zegt Lana, ‘maar je hoeft ’s avonds de tv maar aan te zetten: allemaal buitenlanders.’
En als ik vraag of die protestborden niet beangstigend zijn voor de nieuwe buren: ‘Die angst zien wij niet zo, dat is wat ons betreft niet nodig.’
Asiel gold in Den Haag lang als ‘hoofdpijndossier’: het gaat om kwetsbare mensen en onmogelijke, morele afwegingen. Zelfs de ijzeren Rita Verdonk las elk weekend dossiers van de immigratiedienst, en gaf op eigen gezag alsnog verblijfsvergunningen. Nu willen álle kabinetspartijen de ministerspost, want er valt verkiezingswinst te halen voor wie keihard is. ‘Grip op migratie’, een ‘integratieprobleem’ (premier Dick Schoof) en een buitenissig grenzen dicht-tienpuntenplan: Wilders, Van der Plas, Yesilgöz, Van Vroonhoven en consorten blijven er maar over bezig.
Migranten zeggen toch niks terug, dat maakt ze geweldig campagnemateriaal. Zo jut de politiek de burgers op, en omgekeerd.
Lana en Emiel kochten hun huis van de woningbouw en zorgen er goed voor – ‘Kijk eens naar die andere tuinen, dat ziet er toch niet uit?’ – en als ik vraag of er ook Nederlanders zijn die er een puinhoop van maken, wijst Lana naar achteren: ‘Ja zeker, echt niet normaal die rotzooi daar.’ Toch vrezen ze vooral de statushouders: ‘Die spreken niet eens Nederlands.’
‘Verderop wonen ze ook en daar hebben ze een hek van één meter tachtig hoog, dat mag helemaal niet maar bij hun mag het wel.’
De burgemeester was duidelijk over de protestborden: hier ging hij niet eens over praten, citeert de Gelderlander: ‘Het einde is zoek wanneer we steeds aan buren moeten vragen of er iemand ergens mag wonen.’ De wethouder draaide snel bij: ‘Voor sommige mensen is het lastig om te zien hoe onze samenleving verandert.’
Dat meevoelen werd ook zichtbaar in de politieke reacties op de illegale burgeractie aan de grens, bedacht door een veroordeelde querulant, zoals Ana van Es gisteren in de krant beschreef. ‘Ik begrijp de frustratie’, zei de minister van Justitie, David van Weel (VVD), ‘we kunnen in Nederland de huidige instroom niet aan’ – onzin die zo op een protestbord kan. De staatssecretaris van Defensie, Gijs Tuinman (BBB) zei: ‘Ik heb er wel begrip voor.’ Dat ze daarmee de weg vrijmaken voor nog meer burgerverzet, is minder belangrijk dan hun politieke toekomst.
Hoe dat afloopt is duidelijk: de agressieve eigenrichting van radicale boeren met hun trekkers werd beloond met vele zetels, maar inmiddels vindt Farmers Defence Force die politieke helden alweer ‘woke’. Want ze leveren niet.
Het is wat Emiel zegt, staande in zijn voortuin: ‘Ik laat me door niemand meer wegcijferen.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant columns