is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.
Minder wind? Een bericht van het CBS wekte verbazing. Tegen de wind in schreeuwden we elkaar toe dat het juist steeds meer is gaan waaien. De beste weerlui staan aan wal.
Sinds een frisse wind door mijn leven waait, speelt dat leven zich af op kruipafstand van zee. Daar ruikt die wind sterk naar visafslagen en haringrokerijen in de buurt, maar niet alleen daarom is hij onontkomelijk. Het is geen windje: vanuit zee komt een permanente storm. Nooit gaat die liggen, zelden heb je hem in de rug. Op weg naar werk of binnenstad trap ik me dagelijks het zweet tussen de schouderbladen, en vraag ik me tussen de tornado’s door af hoe sterk de eenzame fietser is die kromgebogen over zijn stuur tegen de wind zichzelf een weg baant. Ook de verse balkonplant heeft inmiddels deemoedig het hoofd gebogen voor de elementen. Tegen zeewind is geen kruid gewassen.
Ook daarom wekte een bericht van afgelopen woensdag verbazing: de CO2-uitstoot is volgens het CBS afgelopen kwartaal met 7 procent gestegen. Dat kwam door de elektriciteitssector. Bedrijven konden minder gebruik maken van duurzame bronnen als windenergie, want – en nu komt het: ‘Het heeft minder gewaaid.’
Tussen de wapperende vlaggen op de boulevard van Scheveningen brak onze klomp. Dit kon niet waar zijn, toch? De beste weerlui staan aan wal, maar daar schreeuwden wij, ervaringsdeskundigen, elkaar tegen de wind in toe dat het niet minder, maar juist steeds meer en harder is gaan waaien. Klimaatverandering, weet je wel: de extremen nemen toe.
In deze rubriek geeft Jean-Pierre Geelen, natuurredacteur van de Volkskrant, zijn persoonlijke commentaar op opmerkelijke confrontaties tussen mens en natuur.
Het is wetenschap van de natte vinger, maar we zijn de enigen niet. Ook op een internetforum voor zeilers constateren deelnemers dat het langer en harder waait dan tien, twintig jaar eerder. Wat is hier aan de hand? Is het misschien de leeftijd, een gevalletje van penopauzale perceptie? Je wordt ouder, papa (m/v), geef het maar toe: je kunt het stormachtige bestaan niet meer bijbenen.
Als wetenschapsjournalist duik je dan in de vakliteratuur. Dan stuit je al snel op het klimaatdashboard van het KNMI, dat al decennia de windgegevens van Eindhoven, Eelde (Groningen), Schiphol en Cabauw (bij Lopik) bijhoudt ‘met een cup anemometer die regelmatig geijkt wordt in de windtunnel van het KNMI’. De conclusie ondersteunt die van het CBS: in de afgelopen dertig jaar is de windsterkte in Nederland afgenomen, met gemiddeld 2 procent per tien jaar. Oorzaak: bebouwing en bebossing remmen de wind, aldus het KNMI. Daar heb je aan zee geen last van, dus de meeste windmolenparken ook niet.
Het effect van klimaatverandering op de windsnelheid in Nederland is vooralsnog klein, stelt het KNMI ook nog.
Maar dat is gek: in 2019 concludeerde een team internationale wetenschappers precies het tegenovergestelde. ‘Het is de afgelopen tien jaar op het noordelijk halfrond iets harder gaan waaien. Die stijging zal naar verwachting nog tien jaar doorzetten’, luidde het nieuws na een publicatie in wetenschappelijk tijdschrift Nature Climate Change. Dat was gebleken uit data van meer dan veertienhonderd weerstations op het noordelijk halfrond, sinds 1978. De windsnelheid is sinds 2010 met 7 procent toegenomen, berekenden de onderzoekers. De verklaring: onder meer klimaatverandering. Doordat gebieden op aarde met verschillende snelheden opwarmen, verschuiven luchtdrukpatronen, met hardere winden als gevolg.
Tot zover de wetenschap. Zo de wind waait, waait hun jasje, schamperde een werkloze garnalenvisser op de kade, dromerig starend naar de surfers die jubelend door de witschuimende koppen scheerden.
De huiskamergeleerden hier aan de vloedlijn (tevens ervaringsdeskundigen) staan voor een raadsel. Hoe kunnen perceptie, praktijk en meetresultaten zo uiteenlopen? Als volleerde wetenschappers stellen wij dan ook na onze eerste bevindingen: nader onderzoek is dringend gewenst.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns