Home

Krijg je wel genoeg daglicht binnen? Waarschijnlijk niet, en dat is een slechte zaak

Dat bewegen goed is en roken slecht weet iedereen, maar over het belang van daglicht hoor je weinig. Ten onrechte; een flinke dosis daglicht vermindert stress en neerslachtigheid en verbetert de nachtrust.

is cultuurredacteur bij de Volkskrant en schrijver van Rust, reinheid en regelmaat

Op het dak van het Vertigo-gebouw van de Technische Universiteit Eindhoven schijnt de zon dat het een lieve lust is. Universitair docent Juliëtte van Duijnhoven knijpt haar blauwe ogen toe en wijst naar een van de vele gebouwtjes om ons heen, die allemaal zijn volgehangen met de nieuwste zonnetechnologie.

Bij het gebouwtje dat ze aanwijst liggen de zonnepanelen niet op het dak, maar hangen ze aan de gevel. Van Duijnhoven, die zes jaar geleden cum laude promoveerde op het kwantificeren van persoonlijke lichtcondities en het effect van licht op de alertheid van kantoormedewerkers, onderzocht wat dat betekent voor de hoeveelheid daglicht die dat gebouw binnenkomt.

Hoe krijgen we meer rust, reinheid en regelmaat in ons leven? Volkskrantverslaggever Wilma de Rek, tevens auteur van het boek Rust, reinheid en regelmaat, zoekt om de week naar een antwoord. Vandaag: hoeveel daglicht heeft een mens nodig?

Ik ben met Van Duijnhoven op dit dak beland omdat ik me vanwege het naderen van de langste dag afvroeg hoeveel daglicht een mens eigenlijk nodig heeft. Op 21 juni staat de zon het langst aan de hemel van het hele jaar (vanuit het noordelijk halfrond bezien) en begint de zomer. In Nederland is het dan zestien uur en drie kwartier licht. Deze dag van de zomerzonnewende is vermoedelijk de oudste feestdag aller tijden.

Maar waar onze voorouders op de langste dag van het jaar juichend over vreugdevuren sprongen en een lied aanhieven, zitten mensen nu 80 tot 90 procent van hun tijd binnen, als treurwilgjes over hun stomme telefoon gebogen, en dat zal op 21 juni niet anders zijn. Er zijn allerlei redenen waarom dat eindeloze binnen zitten slecht is; een ervan is dat je niet genoeg daglicht binnenkrijgt.

Biologische klok

Licht is de motor achter onze regelmaat. De zon dirigeert het ritme van de dagen door op te komen en onder te gaan en ons lijf beweegt met die licht-donkercyclus mee. Het licht van de zon zorgt er niet alleen voor dat wij kunnen zien, het synchroniseert tevens onze ‘biologische klok’, een stukje weefsel in het midden van ons brein dat ervoor zorgt dat de diverse onderdelen in ons lichaam op tijd hun dingen doen.

Zonder zonlicht zou onze biologische klok zijn dagelijkse riedel in gemiddeld 24,2 uur afdraaien en liepen we dramatisch uit de pas met de aarde. Maar gelukkig zet het licht van de zon ons elke dag gelijk. Het vindt zijn weg naar de biologische klok via de zogeheten ‘intrinsieke lichtgevoelige ganglioncellen’ in het netvlies van het oog, die ook de productie van het ‘slaaphormoon’ melatonine reguleren. Alleen moet het zonlicht dan wél de kans krijgen dat oog binnen te dringen.

Neplicht

En daar gaat het mis. Sinds de uitvinding van de gloeilamp is ons lichtleven een zootje. ’s Avonds en ’s nachts zien we te veel neplicht, overdag te weinig daglicht. Hoevéél te weinig is een lastig dingetje, zegt Van Duijnhoven, want de lichtbehoefte is voor ieder individu anders. Zo hebben we naarmate we ouder worden meer licht nodig omdat de ooglens troebeler wordt, waardoor het licht het netvlies moeilijker kan bereiken, wat vervolgens tot slaapproblemen kan leiden. ‘Idealiter zou je van iedereen willen weten hoeveel licht hij of zij de hele dag door op het oog krijgt, buiten, in huis en op het werk, zodat je de lichtcondities per persoon kunt bijsturen.’

Voldoende daglicht vermindert stress en neerslachtigheid en verbetert de nachtrust, om maar een paar gezondheidseffecten te noemen. Van Duijnhoven: ‘Dat bewegen goed is en roken slecht weet iedereen, maar over het belang van licht hoor je weinig. We moeten veel meer doen om het lichtbewustzijn van de lichtleek te vergroten.’

We verlaten het dak en lopen naar een ruimte met verschillende kantooropstellingen. Hier wordt gemeten hoeveel licht proefpersonen binnen krijgen als ze achter een bureau zitten, wat onder meer afhangt van de afstand tot het raam en de kleur van de wanden.

Van Duijnhoven: ‘We kijken ook naar welk déél van het lichtspectrum er binnenkomt. Het licht dat mensen kunnen waarnemen zit tussen de 380 en 780 nanometer, dat zijn die bekende kleuren van de regenboog, van violet naar rood. De ultraviolette straling aan de ene buitenkant van het spectrum zien we niet, de infrarode straling aan de andere buitenkant evenmin. In gebouwen willen we die ook graag blokken, vooral om de zonopwarming binnen tegen te gaan. Voor onze biologische klok is het blauwe licht het effectiefst, dus dat wil je wél binnenkrijgen.’

Sombere dagen

Wie buiten is ziet het hele daglichtspectrum, in krachtige hoeveelheden. Onder een blauwe hemel bedraagt de hoeveelheid licht wel 100 duizend lux, vertelt Van Duijnhoven (lux is lumen per vierkante meter; lumen is de totale hoeveelheid licht die door een bron gegenereerd wordt). En op een grauwe en bewolkte dag is er buiten toch altijd nog sprake van tienduizend lux. Maar binnen blijft daar niet veel van over. ‘Hier bij dit bureau, een paar meter van het raam, haal je hooguit duizend lux.’

Hoeveel daglicht heeft een mens nodig?

Overdag geldt: hoe meer licht hoe beter, zegt Van Duijnhoven, als je uiteraard maar zorgt dat de zon je niet verblindt of je huid verbrandt. Op de huidige cijfers valt volgens haar wel wat af te dingen. Zo schrijft het Bouwbesluit voor dat in gebouwen de daglichtfactor – dat is de hoeveelheid daglicht die binnenkomt ten opzichte van het licht buiten – 2 tot 3 procent moet zijn, behaald op tenminste 50 procent van het vloeroppervlak. Van Duijnhoven: ‘Op sombere dagen kun je dan echt te weinig licht krijgen.’

Ze vertelt over de laatste aanbevelingen van een internationale groep experts, die stelt dat we gedurende de dag steeds een m-EDI van minimaal 250 lux moeten hebben (m-EDI staat voor ‘Melanopic Equivalent Daylight Illuminance’). ‘Dat is een hoeveelheid die de meeste mensen binnen niet halen. De komst van ledverlichting is een positieve ontwikkeling op het gebied van lichttechnologie, maar led is niet volledig vergelijkbaar met daglicht.’

Vort, naar buiten! Pak in elk geval de ochtend mee, daarmee help je jezelf het best op gang. Pluk hem, die langste dag.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next