Met het succes van The Beach Boys holde ook de gezondheid van creatief genie achter de band Brian Wilson achteruit. De geestelijk vader van de Pet Sound overleed woensdag op 82-jarige leeftijd.
Het beste popalbum aller tijden? In zulke lijstjes staat Pet Sounds (1966) van The Beach Boys altijd hoog, niet zelden bovenaan. Neem alleen al de psychedelisch rondzingende minisymfonie Good Vibrations, met synthesizer en elektro-theremin. Pet Sounds verzette de bakens in de pop.
De geestelijk vader van het album, opper-Beach Boy Brian Wilson, is woensdag overleden, 82 jaar oud, na een leven vol psychisch leed. Zijn familie en management hebben geen details over zijn overlijden vrijgegeven, maar we weten dat in 2024, twee jaar na zijn afscheid van het podium, dementie bij hem werd vastgesteld.
Met Wilson verliest de popmuziek een van zijn grote visionairs en vernieuwende geluidsarchitecten, maar hij schreef ook kleine, fonkelende popliedjes als God Only Knows, ook van Pet Sounds. Weinig songwriters kwamen zo dicht bij pure schoonheid als Wilson.
Wilson, in 1942 geboren in Inglewood in zuidelijk Californië, bereikte als studiogenie zulke hoge pieken dat je de jaren vóór 1966 bijna zou vergeten, waarin Wilson een stormachtige carrière als surfpopidool beleefde.
Met zijn broers Carl en Dennis, neef Mike Love en vriend Al Jardine vormde hij in 1961 The Beach Boys. Ze versmolten rock-’n-roll, doo-wop, rhythm-and-blues en pop met surfmuziek. Het resultaat was een zonnige, typisch Californische popsound waarmee The Beach Boys Amerikaanse tieneridolen werden en aanvankelijk, als enige, het Britse importsucces van The Beatles konden bijbenen. Surfin’, Surfer Girl, Surfin’ U.S.A. en wat later Help Me Rhonda, California Girls en Barbara Ann, allemaal enorme, klassieke surfhits.
Al snel was duidelijk dat Brian het meest in zijn mars had: hij had een absoluut gehoor, kon loepzuiver zingen, schudde de liedjes uit zijn mouw en bleek ook een talent in de studio, als producer, zelfs al werd hij al jong doof aan één oor.
Het had iets ongemakkelijks: die grote, wat lompe Brian, die hip en vrolijk moest doen in zwembroekjes en met surfplanken. Het paste eigenlijk helemaal niet bij hem. Al in 1964 besloot hij, na een diepe zenuwinzinking en paniekaanval, niet meer met de groep op tournee te gaan. Brian was gevoelig voor depressie, angsten.
Aan dat gevoelige brein ontsproot Pet Sounds, zijn hoogtepunt als kunstenaar, maar ook het startschot van een getroebleerd leven. Om zijn demonen het hoofd te bieden, gebruikte Wilson cannabis en LSD, middelen die hem aanvankelijk hielpen, maar daarna zijn klachten verergerden.
Hij hoorde stemmen in zijn hoofd, kreeg waanbeelden, moest in psychiatrische ziekenhuizen worden opgenomen en werd bijkans waanzinnig tijdens het maken van de opvolger van Pet Sounds: Smile, dat pas in 2011 (onvoltooid) zou verschijnen. De diagnose: schizofrenie en een milde vorm van manische depressie.
Vanuit zijn studio maakte Wilson, op de momenten dat hij richting vond, hemelbestormend mooie, rijk gearrangeerde Beach Boys-albums als Friends (1968), Sunflower (1970) en Surf’s Up (1971). In 1972 streek de band een zomer neer in Nederland: het album Holland (1973) werd opgenomen in een tot studio verbouwde kippenschuur in Baambrugge. Brian woonde die zomer aan de Eemnesserweg 23 in Laren. The Beach Boys maakten in de jaren zeventig vaker een zwoel soort americanarock. De band voerde nieuw werk én oude hits uit op tournees; Brian bleef thuis.
De verkoopcijfers van The Beach Boys holden na 1970 achteruit. De gezondheid van Wilson ook. De dood van zijn vader in 1973 was een dreun die hij nauwelijks kon verwerken. Hij raakte verslaafd aan drank en drugs, ontwikkelde eetstoornissen, woog bij het aanbreken van de jaren tachtig 150 kilo en ging door diepere dalen dan ooit, tot een psychiater genaamd Eugene Landy hem er min of meer bovenop hielp.
Brians broer Dennis overleed in 1983, waarna Brian zich eindelijk los worstelde van The Beach Boys, met wie hij nog wel verschillende rechtszaken over royalty’s en smaad uitvocht. Ook met psychiater Landy raakte hij in conflict.
Na een adempauze begint Wilson in 1988 aan een solocarrière die hem, warempel, vanaf 1999 ook terug naar het podium zal brengen om tijdens lange wereldtournees Pet Sounds en later ook het ‘verloren meesterwerk’ Smile uit te voeren met de begeleidingsband The Wondermints. Wilson kan zich zijn muziek en songteksten nauwelijks nog herinneren. Met bandleider Darian Sahanaja studeert hij het allemaal weer in.
Tijdens sommige avonden zit Wilson er verdwaasd bij, als een vreemdeling in zijn eigen show, en in interviews laat hij soms weten dat hij liever thuis had gezeten, maar tijdens latere tournees lijkt hij zich beter te vermaken, als een enorm kind achter een piano. In 2011 blijkt hij zelfs te porren voor een reünietournee en een heus nieuw studioalbum met The Beach Boys: That’s Why God Made the Radio. Zijn broers Dennis en Carl (1998) leven dan allang niet meer.
Zo kunnen generaties bewonderaars Brian Wilson toch nog zien optreden en hem met een ovatie bedanken voor al het prachtigs dat hij maakte. Wilson wordt overal liefdevol begeleid door zijn vrouw Melinda Kae Ledbetter (overleden in januari 2024), met wie hij vijf kinderen adopteerde. In interviews zegt hij inmiddels ook de enige woorden die je nog van hem wilde horen: dat hij gelukkig was en het leven leuk vond.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant