is columnist voor de Volkskrant en doet eens per week op geheel eigen wijze verslag van een debat in politiek Den Haag.
In een Flixbus naar Den Haag gaan voor het vragenuur brengt twee gevoelens over Nederland met zich mee:
1. Wat fijn dat hier over het algemeen wél treinen rijden, en
2. Wat is Nederland vaak toch ontstellend lelijk.
De tweede gedachte is ingegeven door twee oudere vriendinnen die hun dagje uit met de Flixbus moeten bereizen en schuin achter me zitten, van wie de een tegen de ander zegt, als we door een dode zone in Schiphol-Rijk rijden, met grijze lucht, striemende regen en veel file: ‘Ja, dat is echt Nederland, hè?’
Aaf Brandt Corstius doet eens per week op geheel eigen wijze verslag van een debat in politiek Den Haag.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Wat ook echt Nederland is, is een gevallen kabinet. Als ik de gezichtjes van de Kamerleden afspeur op zoek naar moeheid, sipheid of andere emoties over de afgelopen week, vind ik ze niet anders dan anders. Misschien went het, kabinetten die vallen.
Het enige opmerkelijke onderonsje, lichaamstaalgewijs, zie ik in de pauze tussen vragenuur en stemmingen tussen Henk Vermeer (BBB) en Geert Wilders en Edgar Mulder van de PVV. Vermeer is, zoals vaker, aan het buurten bij de nabijgelegen zetels van zijn PVV-collega’s. Op een gegeven moment in hun geanimeerde gesprek maakt hij met zijn hand het blablagebaar – dus met één hand bewegend als de kwekkende snavel van een eend. Wilders en Mulder lachen, Mulder herhaalt het blablagebaar. Ook Gidi Markuszower van de PVV strekt zijn nek uit naar voren en doet mee met lachen. Dit onderonsje roept vragen op. Gaat het blabla over de uitspraak van Dilan Yesilgöz (VVD), van op dat moment nog geen etmaal geleden, dat zij niet meer zal regeren met de PVV?
Yesilgöz is ook de Kamer ingelopen voor de stemmingen, maar maakt geen oogcontact met Wilders. Ze draait zich om naar een VVD-collega, vraagt om een smintje, pakt dat met een sierlijk gebaar aan en gaat in conclaaf met demissionair VVD-minister David van Weel, die nog in vak K zit na het vragenuur.
Het thema van het vragenuur dat zich ervoor afspeelde, viel samen te vatten als ‘zeden’. De eerste vraag ging over het bericht dat er door een fout van justitie mogelijk zedendelinquenten in de kinderopvang en de taxibranche hebben gewerkt. De tweede vraag gaat over het onderzoek waaruit blijkt dat driekwart van de jonge vrouwen het afgelopen jaar op straat geïntimideerd is. Bang- en droevigmakend.
Bij de eerste vraag, over de kinderopvang, is gebleken dat de ‘continue screening’, die werd ingevoerd na de tragedie met misbruik in Amsterdamse crèches in 2010, niet continu blijkt te geweest, en ook niet afdoende screenend.
Demissionair staatssecretaris Teun Struycken (NSC) probeert uit te leggen hoe die continue screening gaat, en waar het misging. Je hebt Justis, en die geeft een verklaring omtrent het gedrag af voor mensen zoals crècheleiders. Justis wordt geinformeerd door een informatiedienst die Justid heet. Maar: er was een mutatie in de software van Justid, en daarom kwam er geen melding naar boven bij bepaalde mensen die beschikten over ‘een strafblad dat inmiddels schoon was geworden’, zoals Struycken het verwoordt. Het is allemaal weinig vertrouwenwekkend, terwijl een crèche dat nou net zou moeten zijn.
De tweede zedenvraag komt van Songül Mutluer (GroenLinks-PvdA) en gaat over het bericht dat driekwart van de jonge vrouwen het afgelopen jaar op straat is geintimideerd. Van Weel: ‘Driekwart is driekwart te veel.’ Maar hij heeft ook een ‘klein beetje positief nieuws’: ‘In Nederland zijn zo’n kleine negentig aangiften gedaan en daar zijn vijfentwintig veroordelingen uit voortgekomen.’
Ik begrijp dat Van Weel het misschien opbouwend bedoelt, maar als driekwart van de jonge vrouwen geïntimideerd is, dan zijn vijfentwintig verdoordelingen er erg weinig. Mutluer en andere Kamerleden dringen er bij Van Weel op aan dat een pilot met speciale boa’s tegen straatintimidatie, die nu in een paar gemeenten loopt, in heel Nederland wordt ingevoerd.
‘Een pilot heet een pilot om een aantal redenen’, zegt Van Weel, wat ik naast ‘driekwart is driekwart te veel’ de mooiste uitspraak van dit treurigstemmende vragenuur vind.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant