Home

Interview: Morris Schuring over zijn overstap van WEC naar DTM

Morris Schuring is dit jaar een debutant in de DTM. De Nederlander blikt in gesprek met Motorsport.com terug op zijn tijd in WEC en wat DTM zo anders maakt.

Een jaar sinds zijn zege in de LMGT3-klasse van de 24 uur van Le Mans - direct bij zijn debuut in de langeafstandsklassieker - is er een hoop veranderd voor de twintigjarige Morris Schuring. Hij maakt nog altijd deel uit van Manthey Porsche en heeft sinds dit jaar een contract bij Porsche, maar is dit jaar als rookie in de DTM gestapt. Hij heeft zodoende de langeafstandsracerij voor nu achter zich gelaten, al was dat ook een kwestie van noodzaak. Reden daarvoor? Sinds dit jaar valt Schuring niet meer onder de zilveren, maar gouden FIA-categorie en dus viel een zitje in de LMGT3's af voor 2025. 

"Het is inderdaad allemaal begonnen bij mijn upgrade naar goud", vertelt Schuring over zijn overstap naar DTM in een interview met Motorsport.com. Uiteindelijk was er vanuit beide partijen de intentie om door te gaan met de samenwerking. "Maar we wisten nog niet precies wat de invulling daarvan zou zijn, of het World Endurance Championship of DTM zou worden", voegt de Porsche-coureur toe. "Toen ik geüpgraded werd, was het al vrij snel duidelijk dat de ogen op DTM gericht waren. Dat begon met een meeting waarin zij daarover begonnen. Dat gaf mij natuurlijk een grote lach op mijn gezicht, want dat was iets wat ik heel graag wilde en al helemaal met zo'n team, dat in 2023 kampioen is geworden en echt een gevestigde naam is. Zo is dat eigenlijk gaan rollen. Dat is allemaal rond oktober, november vorig jaar een beetje in zijn gang gezet. En sindsdien is dat zo gelopen."

Voor Schuring was het wel een kwestie van wennen, want in het WEC draaide veel om managen, in DTM gaat het om één uur knallen. Schuring zegt 'heel veel' geleerd te hebben van zijn eerste jaar in het WEC, wat hij omschrijft als een 'echt heel andere discipline'. "Nog anders dan ik ingebeeld had", vertelt de coureur uit Den Dolder. "Alles is daar echt endurance. Je moet je materiaal sparen, je banden sparen, energie sparen - eigenlijk alles sparen. En hier moet je alles bijna slopen, zeg maar. Zo hard moet je rijden. Dus het is gewoon heel hard racen. En technisch voorbeeld: ik rijd altijd heel netjes op mijn banden en hier moet je gewoon wat agressiever zijn om die banden snel te kunnen activeren."

Foto door: Alexander Trienitz

Schuring erkent dan ook dat het 'wel tijd nodig heeft gehad' om te wennen aan de sprints in DTM. "En nog steeds nodig om daar helemaal 100 procent van te kunnen wisselen", voegt hij toe. "Maar ik denk dat we ook wel in de races laten zien dat het elke keer beter gaat en dat er echt een hele duidelijke stijgende lijn in zit. Daar ben ik gewoon heel erg blij mee. Het team geeft me ook echt de tijd en de ondersteuning om te groeien. Ik voel geen druk vanuit hen, niet op een negatieve manier. Natuurlijk [voel ik wel de druk] dat ze met mij succesvol willen zijn, maar dat zie ik als iets positiefs en daar werken we gewoon heel hard aan."

Het avontuur in WEC was voorlopig dus van korte duur, al wil hij die deur nog niet helemaal dichtdoen. De coureur beseft - en benadrukt - dat hij ook pas twintig jaar is en dat er dus nog genoeg tijd is om te groeien in en deel te nemen aan de verschillende kampioenschappen. Dat hij nog niet weet wat zijn toekomst precies te bieden heeft, ziet Schuring als 'iets moois'. "Ik vind het WEC fantastisch, dus ik zou zeker nog terug willen, op welk moment dan ook", vertelt Schuring. "Maar daar zet ik geen tijdstempel op. Want ik heb hetzelfde gevoel voor de DTM. Ik vind het prachtig en ik zou het geweldig vinden om hier jaren rond te rijden. In dat opzicht weet ik nog niet zo goed hoe mijn toekomst eruitziet, maar dat is ook niet echt mogelijk, denk ik. Het is allemaal nog vrij open."

Na zijn zege op Le Mans deelde Schuring dat hij ervan droomt om uiteindelijk in een Hypercar deel te nemen aan de 24 uur van Le Mans. Die ambitie is er nog steeds, al wil hij er nog niet te veel haast achter zetten. "Natuurlijk wil je in de hoogst mogelijke klasse terechtkomen, maar ik ben me ook gewoon steeds bewuster van mijn leeftijd en dat ik gewoon nog zoveel tijd voor me heb, dat ik helemaal niks gehaast doe", legt hij uit. "En ik wil nu gewoon succesvol worden in de GT's. Ik heb nog behoorlijk veel doelen die ik wil behalen in de GT's voordat ik aan Hypercars denk. Dus ja, ik wil heel graag in de hoogste klasse rijden, maar ik heb geen geforceerde haast."

Foto door: Alexander Trienitz

Momenteel beschikt Schuring dus over een gouden licentie binnen de FIA-categorieën en is hij één stap verwijderd van het hoogste niveau: platinum. Zelf zou hij het mooi vinden om die status te bereiken, al is hij er niet actief mee bezig. "Tussen goud en zilver verandert er wezenlijk iets als rijder, omdat je dan een pro bent", legt hij uit. "Ik heb dan gelukkig ook een contract bij Porsche, dus ook de status als Porsche-rijder. Maar van goud naar platinum verandert niet heel veel. Het is meer een soort eerbetoon, zo zie ik het, vanuit de FIA. Dat is heel mooi en ik wil dat op een gegeven moment wel halen, maar daar heb ik niet heel veel haast of echt belangen bij. In die zin gaat er niks voor mij veranderen als ik platinum word. Het is alleen een mooie bevestiging als dat ooit zou gebeuren."

Dit jaar ligt de volledige focus op de DTM en dat is met drie raceweekenden achter de rug al prima verlopen voor Schuring. Op Oschersleben waren de punten nog te ver weg, maar in de tweede race op de Lausitzring pakte hij vijf punten dankzij een elfde plek. In zijn thuisraces op Zandvoort ging het zelfs nog beter. In de eerste race liep hij door de hectische slotfase het podium mis, al kwam hij wel als zesde over de streep, wat vervolgens de vijfde werd dankzij een tijdstraf voor Luca Engstler. In de tweede race was hij lange tijd in strijd met Arjun Maini verwikkeld, een strijd die hij in de laatste ronde verloor waardoor hij elfde werd.

"Ik voel me steeds meer en meer thuis", zegt Schuring over zijn eerste ervaringen met het Duitse GT3-kampioenschap. "Ik vind het kampioenschap heel mooi. De races zitten gewoon echt vol actie en daar geniet ik heel erg van. Ik merk ook dat ik mijn ritme vind in het kampioenschap. Hoe ik een weekend aanvang, waar ik op moet focussen, wat ik moet laten gaan - en ik vind het gewoon echt supergaaf. Helemaal nu natuurlijk ook dicht bij huis in Zandvoort. En het voelt ook een beetje als thuiskomen in dit paddock, omdat ik hier zo lang in de Porsche Carrera Cup heb rondgereden. Dus ik zie heel veel bekende gezichten en ik kom echt thuis hier."

Wat wel een duidelijk verschil vormt ten opzichte van het WEC, is dat er in DTM nog agressiever gereden wordt. "Ik denk dat ik in Oschersleben, de eerste race, al wist ik dat het zo zou zijn, maar nog steeds had ik het een beetje onderschat", geeft hij toe. "Ik had toch een beetje de indruk dat je zonder contact kon racen in de DTM, maar dat is echt niet zo. Alles gaat wel met een klein duwtje of zetje. Maar wel op een slimme manier. Het is niet zo van 'we rijden in bumperauto's en we rijden alles kapot', maar gewoon een klein beetje leunen op elkaar."

Foto door: Alexander Trienitz

"En omdat het niveau zo hoog ligt, weet je dat zij een heel hoog bewustzijn hebben van wat er om hen heen gebeurt", vervolgt Schuring. "Daardoor kan je ook op elkaar vertrouwen dat het goed gaat. Het racen is gewoon heel hard en daar moest ik aan wennen. Ik heb nu het idee dat ik wel een beetje mijn weg erin aan het vinden ben. Ik ben er nog steeds niet perfect in, ik moet nog steeds leren. Ik denk dat Thomas Preining een heel goed voorbeeld voor mij is, die is heel goed in racen", doelt hij op een van zijn stalgenoten bij Manthey. "Dus daar probeer ik ook heel veel van te leren, want hij is daar gewoon een voorbeeld in. Het is gewoon hartstikke cool, want wat je hier leert kan je ook weer in andere kampioenschappen toepassen als de GT World Challenge, de 24 uur van de Nürburgring... Dat zijn allemaal kleine dingetjes die je daar ook weer in kan zetten."

Het DTM-avontuur is nog jong, maar aan ambities is er geen gebrek bij Schuring. Hij heeft zichzelf enkele doelen gesteld, maar aan een aantal daarvan heeft hij in die eerste drie weekenden al voldaan. "Het gaat heel hard op dit moment", wijst hij naar zijn doelstellingen. "Vóór de Lausitzring was het mijn doel om punten te halen - dat is gelukt. Vóór Zandvoort was mijn doel een top-vijf. Dat is nu gelukt. Het volgende doel is dan het podium halen. Waar we op zaterdag [in Zandvoort] al dichtbij waren, dus dat was een mooi teken."

Toch benadrukt Schuring dat hij zich bij zijn doelstellingen niet alleen wil vastklampen aan bepaalde resultaten. "Ik zeg wel dat ik het podium wil bereiken, dat wil ik gewoon heel graag, maar ik wil vooral constant voorin zitten en een van de namen zijn waar je rekening mee moet houden", verklaart hij zijn ambities. "Dat je weet van 'oké, Schuring die doet mee voor de punten - voor de grote punten'. Dus een podium of een race winnen zou fantastisch zijn, maar ik ben meer een persoon die wil dat hij constant voorin zit. Ik zou blijer zijn met een weekend waarin ik twee keer derde word dan één keer winnen en één keer uitval. Ik wil gewoon echt goede punten scoren en gewoon constant daar zitten. We gaan zien wat voor uitdagingen er nog op mijn pad komen - waarschijnlijk genoeg. Het is niet zo dat ik op zaterdag
vijfde word en dat ik het dan allemaal geleerd heb. Dus we gaan het zien", besluit hij. 

Source: Motorsport

Previous

Next