is econoom en publicist.
Mogen we al gaan nadenken over het volgende kabinet?, vroeg ik vorige week. Tuurlijk mocht dat. En nu het kabinet prompt gevallen is, en we op onze wenken zijn bediend, is het zelfs een verplichting. Hoe kan het volgende (midden)kabinet wél een aantal van de grote problemen oplossen die het gevallen kabinet zo onverantwoord heeft laten liggen?
Het antwoord op deze vraag is saai. Sorry. De korte versie van het antwoord is namelijk: polderen. Verantwoorde politici van serieuze partijen moeten samen, en op veel onderwerpen ook samen met bestuurders van betrokken organisaties, werkbare oplossingen afspreken voor echte problemen. Deze oplossingen zijn, in het gunstigste geval, effectief én efficiënt.
Dit mag dan saai zijn, of in elk geval saai lijken, andere smaken zijn er niet in een land als Nederland. We zijn een land van minderheden, we zijn een land van coalitievorming, en als we er ‘samen niet uitkomen’ dan loopt de polder vol met water. En inderdaad, dat klotst op menig onderwerp al tegen de kuiten.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen. Frank Kalshoven is econoom en publicist. Reageren? E-mail: frank@frankkalshoven.nl.
Dit wezenskenmerk van Nederland impliceert dat (politieke) bestuurders compromissen kunnen sluiten, water bij de wijn kunnen doen. En dat is het moeilijkste van alles: goede compromissen sluiten.
Stel: ik vind onderwerp A erg belangrijk en heb hiervoor het voorstel nummer 1. U vindt onderwerp G belangrijk en hebt hiertoe voorstel 7. Wij onderhandelen over een coalitieakkoord. Wat gaan we doen? Welk compromis sluiten we?
Laat we het erover eens zijn dat A en G beide belangrijke onderwerpen zijn. Wat is dan de volgende stap? Zijn mijn A1 en uw G7 uitvoerbaar, effectief en efficiënt? Laat dat het geval zijn. Dan is het toch simpel? Nee. Want laat mijn A1 nu de belangen schaden van uw achterban. En uw G7 de belangen van de mijne. Wat dan?
Dan zijn er meerdere uitkomsten mogelijk: een positief compromis, een negatief compromis en een inhoudelijk compromis. We kunnen, ten eerste, afspreken dat we beide oplossingen voor deze echte problemen gaan uitvoeren, ondanks de ophef die zal ontstaan in onze achterbannen. Met dit positieve compromis bewijzen we het land een dienst.
We kunnen ook afspreken: we doen mijn A1 niet en uw G7 evenmin. Dan hebben we een fijne politieke overeenkomst, die uw achterban en de mijne rustig houdt. Met dit negatieve compromis bewijzen we het land geen dienst.
We kunnen ook een inhoudelijk compromis sluiten. We doen ze allebei, maar u sleutelt net zolang aan mijn A1 totdat het een draak is geworden; en ik onderhandel net zolang door tot uw G7 op een koeienvlaai lijkt. De draak en de koeienvlaai zijn geen uitvoerbare, effectieve laat staan efficiënte oplossingen meer, en dus blijven de echte problemen bestaan, nu toegedekt met een extra laag complexe regelgeving.
Naast dit slechte inhoudelijke compromis, kunnen we uiteraard ook een goed inhoudelijk compromis sluiten, waarmee we het land wél een dienst bewijzen. Denk aan dingen als: we voeren G7 in, maar iets langzamer. Of: met wat meer compensatie voor de verliezers. Of: onder voorwaarden.
We zoeken dus naar een coalitie die op de belangrijke inhoudelijke onderwerpen vooral positieve compromissen weet te sluiten, op onderwerpen (A1 én G7), of inhoudelijk (een acceptabel aangepast A1 én een acceptabel aangepast G7).
De kans dat dit gaat lukken moet niet te hoog worden ingeschat. En toch is het wat Nederland nodig heeft.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns