Home

Apple-ontwerper Bill Atkinson, pionier van de ‘grafische interface’, overleden

Computerpionier William ‘Bill’ Atkinson is afgelopen week overleden op 74-jarige leeftijd. Als kunstenaar-programmeur maakte hij van computers gebruiksvriendelijke apparaten met elementen als het bureaublad, de muiscursor en mapjes voor bestanden.

is nieuwsverslaggever van de Volkskrant, met tech als specialisme.

‘Waarom is deze computer anders?’, vraagt een zakenman aan de camera in een reclame voor de Apple Lisa uit 1983. ‘Mijn Lisa werkt zoals ik.’ Niet met regels computercode om programma’s aan te sturen, maar visueel: als een ‘bureaublad’ met ‘mapjes’ voor bestanden, die desgewenst met een muiscursor in een prullenbak gesleept konden worden. ‘Vanaf nu zijn er twee soorten mensen: zij die computers gebruiken, en zij die Apples gebruiken’, luidde de slogan van de Lisa dan ook.

Een bombastische uitspraak, maar met een kern van waarheid: de visuele gebruikstaal die Apple destijds introduceerde maakte computeren dermate gebruiksvriendelijk dat concurrenten gedwongen waren hun computers opnieuw te ontwerpen. Het is Apple-oprichter Steve Jobs die doorgaans de erkenning krijgt voor het populariseren van het virtuele bureau. Toch was het William ‘Bill’ Atkinson die deze eerste commerciële ‘grafische gebruikersinterface’ ontwierp en programmeerde.

Atkinson overleed donderdag op 74-jarige leeftijd aan de gevolgen van alvleesklierkanker, maakte zijn familie zondag bekend. ‘De wereld zal voor altijd anders zijn door hem’, schrijven nabestaanden in een verklaring.

Atkinson leefde in de toekomst. Niet alleen sleepte hij computers uit het slijk van de programmeertaal, bij Apple ontwikkelde hij ook ‘HyperCard’, soms aangehaald als voorloper van het internet. Gebruikers konden er teksten in schrijven en die via knoppen en hyperlinks met elkaar verbinden. Het resultaat was een soort oer-Wikipedia, die gebruikers op floppydisks konden zetten om te delen en uit te breiden.

In 1978 werd Atkinson gebeld door een vriend: ‘Hij drong erop aan dat ik bij een veelbelovende nieuwe start-up genaamd Apple Computer kwam werken’, schreef Atkinson in 2018 in het Apple-blog Folklore. Atkinson bedankte – hij vond het aanbod niet interessant genoeg om afscheid te nemen van zijn promotieonderzoek in de neurowetenschappen. Steve Jobs zelf wist Atkinson er uiteindelijk wél van te overtuigen bij zijn bedrijf te komen werken, door beroep te doen op Atkinsons liefde voor het futuristische.

‘Jobs stelde me een beeld voor: ‘Stel je voor hoe leuk het is om op de voorrand van een golf te surfen, en hoe saai het is om achter die golf aan te peddelen.’ Dat idee overtuigde me, en twee weken later was ik gestopt met mijn promotie. Mijn vader was boos op me omdat ik tien jaar studie, die hij had gefinancierd, had verspild. Ik was behoorlijk nerveus, maar wist dat ik de juiste keuze had gemaakt’, aldus Atkinson, die de 51ste medewerker van Apple werd. Hij bleef twaalf jaar bij het bedrijf.

Gedurende die jaren werkte Atkinson aan de verwezenlijking van de visie van Jobs om technologie, kunst en mode samen te brengen. ‘Ik zie mijzelf als een mengeling van een kunstenaar en een uitvinder’, zei Atkinson in een interview in 1983. ‘Programmeertaal is het medium waarmee ik mijn kunst maak.’

Een mooi voorbeeld hiervan is ‘Atkinson dithering’. Het is een snelle methode om realistische zwart-witbeelden weer te geven op een oud computerscherm. De pixels op zo’n scherm staan aan of uit, en lijken daardoor niet toereikend voor grijstinten. Een schaduw op een gezicht werd daardoor bijvoorbeeld een onaantrekkelijk zwart vlak. Atkinson verzon een algoritme om deze witte en zwarte pixels in een afbeelding te mengen, als in een pointillistisch schilderij, waardoor een illusie van grijstinten ontstaat.

Het was een van de trucs die de opvolger van Lisa, de Macintosh, een superieure grafische output gaf. Dit kwam bijvoorbeeld tot uiting in grafische programma’s zoals MacPaint, dat Atkinson eigenhandig ontwikkelde.

Weinig mensen zullen nu nog opkijken van een tekening in MacPaint. In 1984 was het woord ‘hello’, getekend met MacPaint, echter genoeg om te fungeren als reclamemateriaal voor de Macintosh. De boodschap: een computer is geen kille machine, maar is in staat allerlei moois te creëren. Zo dacht Atkinson er ook over, vertelde hij journalist Stephen Levy in 1983: ‘Tot nu toe was de kunstwereld een soort heilige club. Nu is kunst iets voor dagelijks gebruik.’

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next