Drie Grands Prix op rij stond Yamaha met Fabio Quartararo op pole-position. Een herhaling van die prestatie is echter ver weg op Motorland Aragón, waar dit weekend de achtste ronde van het MotoGP-seizoen wordt gehouden. De Japanse fabrikant moet zelfs hard aan de slag om überhaupt vertegenwoordigd te zijn in Q2, want op vrijdag is het geen van de vijf rijders - inclusief testrijder Augusto Fernández, die een wildcard heeft gekregen - gelukt om rechtstreekse plaatsing af te dwingen voor de strijd om pole-position.
Voor Álex Rins kwam dat niet helemaal als een verrassing. Motorland Aragón staat bekend als een circuit waar weinig grip is, precies de omstandigheden waarin Yamaha het over het algemeen moeilijk heeft. "We wisten voordat we in Aragón arriveerden dat we het moeilijk zouden krijgen in omstandigheden met weinig grip. Vanochtend ging het echter heel goed", vertelde de Spanjaard, die in de eerste vrije training nog een knappe vierde tijd reed. In de tweede vrijdagtraining was hij op de vijftiende positie eveneens de beste Yamaha-rijder. Het probleem zat hem volgens Rins in de zachte achterband. "Zodra we die monteerden, ging de motor niet lekker tijdens het remmen. Normaal helpt de zachte band om meer contactoppervlak te hebben en de snelheid eruit te halen, maar nu gingen we met heel veel snelheid de bochten in en verloren we de voorkant."
Dat het met de grip aan de achterkant van de Yamaha M1 ook niet goed zat, bleek vooral tijdens de tweede vrijdagtraining. Het kwam vooral tot uiting bij Fabio Quartararo, die meermaals bijna van zijn machine werd gelanceerd bij het uitkomen van snelle bochten 10 en 17. "Daar had ik ook bijna wat highsiders, net zoals Fabio", erkende Rins, die zag dat er werk aan de winkel is voor de monteurs en technici van Yamaha. "Het is tijd voor de engineers om de motor te bekijken en te analyseren, want alle Yamaha's staan in de achterhoede."
Rins was in de training nipt sneller dan Jack Miller, Fernández en Quartararo, terwijl Miguel Oliveira op P20 ook Aprilia-testrijder Lorenzo Savadori nog voor moest laten gaan. "In één woord: rampzalig", liet de Portugees van Pramac Racing optekenen over de tweede oefensessie. Net als Quartararo en Rins kampte hij met een uitbrekende achterkant bij het uitkomen van de snelle bochten en de oplossing daarvoor moet gezocht worden in de elektronica, vermoedt hij. "Het was niet normaal, dus er is iets groots wat we aan moeten passen. Dat geldt vooral voor de elektronica, zodat we kunnen proberen om de motor goed te gebruiken in de time attack."
Miller en Quartararo sloten zich aan bij hun merkgenoten door eveneens op te merken dat het probleem vooral opspeelde zodra de zachte banden werden gemonteerd. Laatstgenoemde oordeelde eveneens dat dit gerelateerd leek aan de elektronica van de M1. "Vooral op de zachte band weten we niet wat er gebeurde met de elektronica, dus het was niet onze beste dag", aldus Quartararo, die zijn frustratie over de momentjes duidelijk liet zien tijdens de training. "De motor doet dit zonder reden en het probleem is dat je nooit weet wanneer je het kunt verwachten. Het is niet fijn als je onder maximale hellingshoek niet weet of je de motor in de bocht of bij het uitkomen gaat verliezen. In alle vier de ronden maakte ik fouten, dus we moeten een oplossing vinden."
Source: Motorsport