De Europese Centrale Bank (ECB) heeft donderdag haar belangrijkste rentestand verlaagd van 2,25 naar 2 procent. Het is de achtste renteverlaging in een jaar tijd. Op het hoogtepunt een jaar geleden lag de rente nog twee keer zo hoog.
is economieredacteur van de Volkskrant.
Met de renteverlaging hoopt de ECB de Europese economie een zetje te geven in onzekere tijden. Amerikaanse invoerheffingen kunnen de economie schaden, zeker als Trump ze zoals voorgenomen eind juli verhoogt, en de EU daarna terugslaat met eigen heffingen.
Tegelijkertijd kan een dergelijk handelsconflict het Europese inflatiecijfer weer omhoog stuwen. De ECB balanceert dus op een dun koord.
Vrijwel alle analisten waren er zeker van dat de ECB de rente donderdag zou verlagen, zeker na de bemoedigende inflatiecijfers die Eurostat dinsdag publiceerde.
Prijzen in de eurozone lagen in mei 1,9 procent hoger dan een jaar eerder. Het was de eerste keer sinds september vorig jaar dat de inflatie onder het ECB-doel van 2 procent dook.
De ECB verwacht dat de inflatie over heel 2025 op precies 2 procent uitkomt, en in 2026 op 1,6 procent. Beide cijfers zijn iets lager dan in de voorspelling van maart dit jaar.
De vraag is vooral welk besluit de ECB bij de eerstvolgende vergadering in juli neemt. Dan zou er meer duidelijkheid moeten zijn over de handelsrelaties tussen de EU en de VS.
Een andere onzekere factor zijn de bestedingen van Europese overheden. De defensie-uitgaven gaan de komende jaren omhoog, en het soepelere begrotingsbeleid van de nieuwe Duitse regering jaagt de uitgaven eveneens aan.
Zowel een handelsconflict als grotere overheidsuitgaven leiden tot hogere inflatie. Dat kan een reden zijn voor de ECB om even pas op de plaats te maken met het renteniveau. Tegelijkertijd zijn de vooruitzichten voor economische groei in de EU nog altijd matig. De ECB rekent op 0,9 procent groei dit jaar en 1,1 procent volgend jaar.
Luister hieronder naar onze nieuwspodcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant