De afgelopen twee jaar zat ik elke dinsdagmiddag in de Tweede Kamer bij het vragenuur, om verslag te doen voor de Volkskrant. Eén ding dat ik daar leerde, is dat politici écht zo onbeschoft met elkaar omgaan als in soundbites uit de media blijkt. Er zijn er maar weinig die elkaar op een elegante manier volledig onderuit kunnen schoffelen – iets waar ik nog wel respect voor heb. De meesten doen het met een grove, nogal ontalige schop.
Ik las tijdens het Kamerdebat over de val van het kabinet het liveblog van telegraaf.nl en realiseerde me dat de hoogtepunten, die eigenlijk natuurlijk dieptepunten zijn, elkaar in rap tempo opvolgen. Dat komt ook doordat elke partijleider vier minuten spreektijd heeft, en in die vier minuten gaan ze elkaar razendsnel beledigen.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Er is een rangorde aan te brengen in het scala aan vervelende dingen die Kamerleden naar elkaar roepen. Je hebt, en die staan dan bovenaan de lijst, de soms best poëtische verwijten die ze elkaar maken. Stephan van Baarle die tegen Dilan Yesilgöz zegt dat de val van het kabinet ‘haar ruïne’ is: dat klinkt best mooi. Al bedoelt hij denk ik eigenlijk ‘haar ondergang’.
Ook ‘tergend gek’ vind ik nog best aardig taalgebruik – Geert Wilders zei dat Nicolien van Vroonhoven zijn partij tergend gek had gemaakt. Het is wel zo dat het, als je het met de extreem felle zachte g – die bestaat – van Geert Wilders uitspreekt, als keihard schelden klinkt.
Dan is er de tweede categorie, en hier wordt het beledigen wat dommer: ‘Wat je zegt ben je zelf.’ Iedereen heeft als kind geleerd dat dat werkt als een trein. ‘U bent een schandvlek voor het land’, zegt Frans Timmermans tegen Wilders. Wilders: ‘U bent een schandvlek voor dit huis.’
Dilan Yesilgöz doet precies hetzelfde bij Frans Timmermans. ‘U heeft met dit
rechtse kabinet niets bereikt voor Nederland’, zegt Timmermans tegen haar, waarop Yesilgöz antwoordt: ‘Helemaal niets zou nog beter zijn dan de plannen die meneer Timmermans voor Nederland heeft.’ ‘Mooie comeback’, noemen mijn kinderen deze stijlfiguur altijd als ik hem gebruik.
En dan categorie drie, het absolute afvoerputje: de belediging die is verkleed als een leuk grapje. Dat Geert Wilders de NSC ineens de Nationale Sabotage Club noemde, wijt ik maar aan heel veel slaapgebrek.
Maar los van alle treurige dingen die deze mensen naar elkaars hoofden slingeren, vind ik één zin van Dilan Yesilgöz, die gewoon en passant ergens tussen de beledigingen stond, ook bijzonder erg: ‘We moeten met elkaar gaan zitten’, zei ze, op de vraag wat de resterende coalitiepartijen gaan doen met het hoofdlijnenakkoord.
Nee! Niet met elkaar gaan zitten! Dat kunnen jullie niet.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant