Home

David Cope, de ‘Tin Man’ die geschiedenis schreef met algoritme dat Bach nabootst

David Cope wordt over het algemeen gezien als de peetvader van met AI gemaakte muziek. Hij begon in 1981 te experimenteren met een algoritme dat patronen in muziek herkent en aan de hand daarvan nieuwe ‘riedels’ bedenkt.

is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.

Van David Cope, de Amerikaanse componist die vorige maand op 83-jarige leeftijd overleed, kan zonder overdrijving worden gezegd dat hij zijn tijd ver vooruit was. Nog maar zo’n anderhalf jaar geleden stond de wereld paf van Suno, een applicatie die via kunstmatige intelligentie muziek maakt puur op de beschrijving die de gebruiker daarvan opgeeft. Cope flikte dat kunstje al in 1981, met een programma dat hij EMI doopte, Experiments in Musical Intelligence.

In 1987 evenwel, toen de eerste werken ‘gecomponeerd’ door EMI door een symfonisch orkest werden uitgevoerd, stond de wereld niet versteld. Cope werd met hoon overladen voor zijn namaak-Johann Sebastian Bach. Vakgenoten gaven hem de bijnaam Tin Man, naar het blikken personage uit de musicalfilm The Wizard of Oz dat op zoek is naar een hart omdat hij dan eindelijk liefde en compassie kan voelen.

Niet dat Cope zich wat aantrok van de kritiek op EMI. ‘Ik ben blij met al die negatieve reacties’, zei hij in een documentaire die in 2021 over zijn baanbrekende werk werd gemaakt. ‘Ik laaf me eraan.’

Ook anderen konden wel waardering opbrengen voor EMI’s artistieke vaardigheden. Cope’s gekloonde muziek verscheen op twaalf albums met titels als Virtual Mozart en Bach by Design.

Writer’s block

Cope’s pionierwerk in muziekalgoritme werd uit nood geboren. De componist kreeg in 1981 de opdracht om een opera te componeren, maar door een writer’s block kwam er geen kruis of mol uit zijn pen. Hij besloot daarop zijn eigen werk om te zetten in enen en nullen en die in een database te gieten, zodat een algoritme dat Cope zelf ontwikkelde, de patronen in zijn composities kon opsporen. Het computerprogramma smeedde vervolgens die terugkerende passages om tot nieuwe combinaties, waarmee Cope nieuwe muziek schreef.

Het duurde een aantal jaren voor het algoritme iets bruikbaar opleverde. Maar daarna was EMI in staat om binnen luttele uren een volledige opera uit te spuwen.

Musicologen mochten dan hun neus ophalen voor wat zij zagen als ‘computermuzak’, leken konden de ‘namaak’ wel waarderen. In 1997 nam de Amerikaanse schrijver en computerwetenschapper Douglas Hofstadter de proef op de som, met een krachtmeting geboetseerd naar de beroemde Turing Test. Alan Turing, een Britse wiskundige, bedacht in 1950 een manier om na te gaan of een computer zo slim was dat hij voor een mens kon doorgaan – in de ogen van een mens.

Origineel partituur

Hofstadter liet een gehoor van docenten en studenten van de University of Oregon luisteren naar drie stukken, uitgevoerd door een pianist. Een werk was gecomponeerd door Johann Sebastian Bach, een ander voortgebracht door EMI en een derde geschreven door Steve Larson, een hoogleraar aan de universiteit. Aan het einde van de opvoering vroeg Hofstadter het publiek het nummer aan te wijzen dat volgens hen een origineel partituur was van de grote Duitse componist (1685 - 1750). De meesten zetten hun kaarten in op de versie van EMI.

Tegenover The New York Times zei Hofstadter na afloop dat de uitkomst van deze muzikale Turing Test hem omver had geblazen. Als het mogelijk is om muziek terug te brengen tot een variatie aan riedels, zei hij, ‘dan is muziek veel minder (ingewikkeld) dan ik ooit heb gedacht dat het was‘.

Wetenschappers die sceptisch stonden tegenover computers die even slim werden genoemd, hadden in 1997 toch al een slecht jaar. Vijf maanden voor EMI werd aangezien voor Bach, werd schaakgrootmeester Garry Kasparov verslagen door Deep Blue, een supercomputer gebouwd door IBM.

Warren Zevon

David Howell Cope werd op 17 mei 1941 geboren in een muzikale familie. Zijn moeder was een pianolerares en een oom geluidstechnicus voor films als Sunset Boulevard, terwijl een jongere neef in de jaren zeventig van de vorige eeuw naam maakte als popmuzikant: zijn naam was Warren Zevon.

Cope leerde op de middelbare school cello spelen en begon zelfs zijn eigen kwartet, David Cope & The Asteroids. Hij studeerde klassieke muziek aan universiteiten in Arizona en Californië en gaf les in Cleveland en Miami, voor hij in 1997 ging onderwijzen aan de University of Californië, waar hij dertig jaar zou aanblijven.

Cope was niet de allereerste die een computer gebruikte om muziek te maken. In 1957 lieten componisten Lejaren Hiller en Leonard Isaacson de Illiac I, een mainframe computer van vijfduizend kilo, al een compositie maken voor een strijkkwartet. De Illiac Suite wordt gezien als het eerste muziekstuk dat door een computeralgoritme tot stand kwam, maar Cope wordt algemeen beschouwd als de echte peetvader van de muziekmakende AI.

Schamper

Waarom werd er in de jaren tachtig zo schamper gedaan over door computer-gegeneerde muziek en is nu iedereen enthousiast? Een pc destijds was nog een betrekkelijke luxe. Suno, de muzikale AI-app, draait al op een smartphone, dus iedereen kan nu muziek laten maken door een machine.

Cope haalde zijn schouders op over het verwijt dat zijn muziek geen ‘ziel’ zou hebben. In 2015, acht jaar voor Suno om de hoek kwam kijken, was de componist-programmeur er al rotsvast van overtuigd dat machines de vaardigheid kunnen hebben om creatief te zijn, zo gaf hij te kennen in een interview. ‘Ja ja, een miljoen keren ja.

3 X David Cope

David Cope was niet blind voor de kritiek dat de muziek gemaakt door een algoritme iets mist wat mensen wel kunnen. ‘EMI schept prachtige muziek, maar geen muziek die je naar de strot grijpt.’

Mensen kunnen vervoerd raken van muziek waarvan ze aannemen dat die door een mens is gemaakt, aldus Hope ‘Maar als ik ze vertel dat er achter deze muziek niks meer zit dan een machine die optelt en aftrekt, ontkennen ze dat ze in vervoering waren.’

Hope snapt het verwijt niet dat algoritme-muziek zielloos is. ‘Als ik in het Sierra-gebergte kampeer zie ik een ongelooflijke schoonheid om me heen. Maar dat is onbedoeld door de natuur. De planten proberen me niet iets over te brengen en de bergen proberen me niet iets te vertellen. En toch maken ze indruk.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next