Het is mooi geweest, vindt Peter de Bie. De voormalig radiopresentator en weduwnaar van Dieuwertje Blok koos dinsdag, op zijn 75ste verjaardag, voor euthanasie. Vol liefde blikt hij terug. ‘Ik was tot op de allerlaatste dag verliefd op die vrouw.’
is tv-maker, schrijver en journalist. Voor Volkskrant Magazine interviewt ze bekendere Nederlanders.
‘Moet je heel snel wezen. Op 3 juni stop ik ermee’, appt Peter de Bie. Ik heb hem gevraagd of ik langs mag komen voor een kop koffie, in verband met een interviewbundel. Daarin wil ik twee interviews opnemen met zijn in maart overleden vrouw Dieuwertje Blok, die ik voor het Volkskrant Magazine schreef.
Twee dagen later zitten we aan de keukentafel van de man die ruim 45 jaar voor de radio werkte, waarvan 28 jaar bij de Nieuwsshow (het latere Nieuwsweekend). Vanuit zijn rolstoel vertelt hij dat hij heeft besloten om voor euthanasie te kiezen. Zijn 75ste verjaardag werd daardoor gisteren de sterfdag van de voormalige radiopresentator en echtgenoot van Dieuwertje Blok.
Hoe ben je tot je besluit gekomen?
‘Mijn artsen zeggen al een paar jaar dat ze niks meer voor me kunnen doen. Ik ben vaak gedotterd, mijn hart trekt het niet meer, ik heb 100 procent hartfalen, mijn been is geamputeerd, ik heb meerdere keren op het randje van de dood gelegen. Mijn lijf valt letterlijk uit elkaar. Na drie maanden revalideren met een prothese dacht ik dansend de kliniek uit te komen, maar mijn hart is daarvoor te zwak. Ik heb nooit meer leren lopen.
‘Al die tijd heeft Dieuw eindeloos mijn hand vastgehouden, we zouden er samen nog iets van maken. Maar toen overleed zij ineens. En dan moet je toch serieus nadenken over hoe het nu verder moet. Ik red me dankzij hulp en vrienden die voor me koken en blijven slapen, maar op den duur zal er een zorgverlener in huis moeten komen, en daar ben ik karakterologisch ongeschikt voor. Of ik moet naar een verzorgingstehuis, maar daarvoor ben ik al helemáál niet geschikt.
‘Dus dan blijft er weinig over. En dan moet je op een goed moment denken: misschien is het wel zover, ik kan het beter zelf regelen.’
Hoelang geven de artsen je in principe nog?
‘Veel meer dan een jaar zou ik sowieso niet hebben. Al zeggen de cardiologen dat al jaren. Mijn humeur heeft er gek genoeg nauwelijks onder geleden. Maar de afgelopen maanden heb ik mezelf wel een paar keer streng toe moeten spreken om niet in een depressie te schieten. Dat kan echt niet, zei ik tegen mezelf, we gaan niet depressief het graf in. We gaan vrolijk fluitend, als het even kan.’
Was je langer doorgegaan als Dieuwertje nog had geleefd?
‘Misschien was ik dan nog wel een tijdje doorgegaan. Dan heb je het te leuk om aan euthanasie te denken. Maar mijn lijf geeft echt aan dat het op is. Het hele punt waar ik nu tegenaan kijk, is: er is geen perspectief. Hoe hard de kinderen en de vriendenkring ook hun best doen om de boel hier met heel veel liefde en zorg overeind te houden, fysiek zal het alleen maar minder worden.’
Maar het perspectief dat het fysiek alleen maar minder zou worden, was er ook toen Dieuwertje nog leefde.
‘Ja. Maar iedere dag dat je naast Dieuwertje Blok wakker wordt, is wel iets om naartoe te leven, hoor. Ik was tot op de allerlaatste dag verliefd op die vrouw. Iedere dag realiseerde ik me: wauw, wat ben jij geweldig. Leuker worden ze niet gebouwd. Mijn hart ging sneller kloppen als ik de voordeur hoorde. Dus ja, toen was er reden genoeg om te willen blijven leven, maar die is weggevallen.
‘Ze was ook mijn mantelzorger. Dat was geen fijne situatie, maar pff, we hadden het toch nog hartstikke leuk. We hebben ongelooflijk veel gelachen.’
Dieuwertje Blok belde in april 2024 dat haar neus geamputeerd moest worden vanwege kanker. Eenmalig wilde ze in Volkskrant Magazine haar verhaal doen, om mensen voor te bereiden op de schrik als ze haar tegenkwamen op straat.
Na de operatie appte ze: ‘Het gaat me goed. Midden in mijn gezicht zit een ravage, maar het is wel míj́n ravage. Ik durfde al meteen te kijken en het zelf te behandelen. Ik heb ook al een tijdelijke neus die ik eroverheen plak. Alsof ik een nose job heb gehad. Al die mooie goede reacties na het interview waren zo fijn en helpen ook.’
Is het haar gelukt dat optimisme te behouden?
‘Ja. Precies zoals ze in jullie interview vertelde, zag ze het als een avontuur. Ze was altijd het mooie meisje geweest, nu niet meer, eens kijken hoe het leven er dan uitziet. Ze trok zich na operatie drie weken terug in een zorghotel, ze wilde er op een rustige plek in haar eentje aan wennen. De eerste keer dat ze zichzelf in de spiegel zag moest ze huilen van ontroering. Ze zette haar neus op – dat was nog een fopneus – en dacht: ik ben er nog. Ze was tot tranen toe zo blij dat ze zich nog dezelfde Dieuwertje voelde.’
In augustus bleek dat niet alle kankercellen bij de neusamputatie waren verwijderd en dat ze moest worden bestraald. Net hersteld, voelde ze een knobbeltje onder haar oor. Een uitzaaiing, waarna ze weer moest worden geopereerd en bestraald.
‘Het voelt inmiddels als een hele foute vaste verkering’, appte ze me. ‘Maar ik ga ervan uit dat dit het slotoffensief is. Ik weet dat er geen enkele garantie is, maar het is echt mijn tijd nog niet. Vrolijk voorwaarts nu, in slakkengang. Niet echt mijn stijl, maar ik heb voorbeelden genoeg in mijn tuin en kruip met de stroom mee. Op naar betere tijden.’
Waren jullie soms ook bang dat het niet goed zou aflopen?
‘Nee, we hebben altijd gedacht: ze halen het weg en dan zijn we klaar. We hebben er nooit rekening mee gehouden dat ze dood zou gaan.
‘Na die bestralingen leek het eindelijk klaar. We keken weer vrolijk vooruit. Maar op een nacht kreeg ze vreselijke pijn. De volgende dag kreeg ze een pet-scan, die stond al gepland, en daarna belde ze me vanuit het ziekenhuis. Ze had onmiddellijk de uitslag gekregen. ‘Ik heb overal in mijn lijf tumoren’, zei ze. ‘Echt overal.’
Hoe was zij daaronder?
‘Zoals altijd: meteen berustend. Het was gelijk duidelijk dat het haar doodvonnis was. Uit, over, schluss.’
Hoe reageerde jij?
‘Pff.’ Hij blaast zijn wangen op, is lang stil. ‘Het kwam bij mij pas later binnen. Ik gooide in eerste instantie de luiken dicht, alsof dit mij niet betrof. Het duurde een paar dagen voordat het in volle omvang binnenkwam. Maar ook toen ben ik niet ingestort. Dat gebeurt niet als je met Dieuw bent, want zij trekt je erdoorheen. Ze neemt je bij de hand.’
Wat goed dat ze de weg al kende, terwijl ze hem niet eerder had bewandeld.
‘Ja, maar dat was Dieuw. Zij had een wijsheid waarvan ze zelf niet wist dat ze die bezat, maar die ze op noodlottige momenten kon aanboren. We waren vooral blij dat ze weer thuis was.
‘We hebben nog een diner gehad met de kinderen en hun aanhang. Als man weet je vaak niet wat je aan je vrouw moet geven. Bij veel bijzondere gelegenheden kreeg zij een speciale ring. Die ringen heeft ze die avond aan de meisjes uitgedeeld. Het was prachtig. We hebben het goed afgerond met zijn allen. Drieënhalve week na de uitslag in het ziekenhuis was ze dood.
‘Ik heb nog aan Dieuwertje gevraagd: zal ik samen met je gaan? Nou, daar was geen sprake van, haha. Ze wilde het einde in haar eentje doorleven. En dat haar uitvaart daarna een feestje werd. Nou, dat werd het, op haar uitvaart waren 350 man. Zo zal het bij mij niet zijn, ik ken niet eens zoveel mensen.’
Heeft ze tijdens dat diner ook geen traan gelaten?
‘Nee! Grappig hè? Ik heb daar met verbazing naar staan kijken. Ik zat soms huilend aan haar bed, maar zij heeft tot het eind geen traan gelaten. Dieuwertje zei ook tegen iedereen die voor het laatst langskwam: tot de volgende keer. Ze wist dat die niet ging komen, maar zo was ze. Hou het licht. Zij was er voor ons. Wij hebben veel kracht gekregen van haar.
‘Haar gouden adagium – dat helpt mij nu ook – was: denk warm. Als je door de stromende regen of de kou liep, zei ze dat. Ook bij vervelende gebeurtenissen. Want dan ga je je ook warm vóélen. Daardoor kan ik sinds haar overlijden denken: het is geen tijd om nu te verpieteren, bedenk hoe fijn je het hebt gehad.
‘Laatst vroeg iemand: welk cijfer geef je je leven?’ ‘Een 10’, zei ik. Hij was verbaasd. Na twee jaar verpleegtehuizen en een afgezaagd been? Maar als je leeft volgens de wet van Dieuwertje Blok, vergeet je dat gewoon.’
In mijn eerste interview met Dieuwertje, zei ze: ‘Peter en ik zijn allebei niet van de ingewikkelde gesprekken. We blijven meer op de golven dan dat we er echt in gaan.’
‘Dat klopt. Dat lijkt oppervlakkig, maar zo voelde het nooit. Na haar overlijden kreeg ik wel een ontzettende huilbui tijdens een film over Bob Dylan. Ik dacht ineens: heb ik wel genoeg tijd besteed aan de diepere laag van Dieuw?
‘Ik vond een dagboek van haar en viel van mijn kruk toen ik die las. Ze dacht zo diep emotioneel na. Ze beleefde de dingen zo intens en keek er op zo’n originele manier tegenaan. Ze was altijd bezig om dingen mooi te maken, in haar hoofd, maar ook hier in huis.
‘Toen ik de teksten van Dylan hoorde – poëtisch en vol gedachtesprongen – dacht ik ineens: ik heb daar bij Dieuw niet genoeg aandacht aan besteed. Daarna heb ik heel lang zitten huilen, het bleef maar doorgaan. Totdat Dieuws zusje Tessel zei: ‘Joh, schei toch uit. Kijk om je heen in huis, dit is allemaal Dieuwertje. Dit is haar wereld, je hebt haar alle ruimte gegeven om het precies zo te maken zoals zij dat wilde.’
‘Toen dacht ik: ja, misschien ben ik dan niet zo de diepte in gegaan, het was wel zoals Dieuw het ook wilde. We hebben nooit gelazer gehad. Er is hier nooit iemand met een kwaaie kop naar bed gegaan, terwijl we toch zo verschillend waren.’
Geeft het contact met je kinderen niet het perspectief waardoor je zin kunt hebben in morgen?
‘Dat zeiden mijn kinderen ook toen mijn euthanasiewens voor het eerst ter sprake kwam: ‘Ja zeg, wij zijn er ook nog!’ Daar hebben we lange, liefdevolle gesprekken over gehad. Maar zij zien mij natuurlijk ook worstelen. Ik ben iedere ochtend een uur bezig met mezelf douchen en aankleden, daarna ben ik kapot. Ik kom niet van mijn huis naar de auto zonder volkomen buiten adem tegen die wagen aan te hangen. Dan komt ook bij hen het besef dat het zo niet verder kan.’
Moest je de arts die de euthanasie moet goedkeuren, overtuigen?
‘Nee, toen ze langskwam, zei ze: ‘Ik had me de moeite kunnen besparen hier te komen, uw dossier was al zo duidelijk.’ Het is alleen voor mensen in mijn omgeving soms raar. Zij zien iemand die gezellig zit te kwekken, die ’s avonds het hoogste woord heeft, terwijl hij gezellig eet en een glas wijn drinkt. Alles tof, niks aan de hand, lijkt het op het oog. Maar dat is niet zo. Kennelijk kan ik het goed verhullen.’
Wanneer bedacht je serieus: ik ga die euthanasie in werking zetten?
‘Dat wist ik al voordat Dieuw overleed. Alleen mocht ik niet met haar samen, dus ik moest iets voor mezelf verzinnen. Maar ik geloof dat het verstandig is voor een mens om de maanden na de dood van je geliefde, die pijn te voelen. Drink de gifbeker maar leeg.
‘Ik ben blij dat ik dat gedaan heb, het geeft me het gevoel dat ik iets heb afgerond. Ik ben daardoor letterlijk aan het einde van een weg gekomen.’
Heb je af en toe ook twijfel over je beslissing?
‘Gek genoeg had ik vannacht voor het eerst zo’n moment. Toen dacht ik: schei nou uit, kom op. Tien minuten later sliep ik weer.’
Zou je het jezelf toestaan om te denken: laat ik toch nog een zomer meepakken?
‘Nee, nee. Dit moet nu echt gebeuren. Ik zou mezelf niet recht aan kunnen kijken als het nu niet gebeurde. Het is mooi geweest. Ik moet alleen zorgen dat ik wel een beetje op de golven blijf. Bij Dieuw was die lichtheid aangeboren, maar ik heb een beetje van haar moeten leren. Ik heb mijn vrij schandelijke gedrag ook wel wat door haar laten corrigeren, haha.’
Wat voor schandelijk gedrag?
‘Mijn grote bek en mijn neiging om mensen te beledigen. Dieuw was veel zachtaardiger dan ik. In heb haar nooit ruzie zien maken. Zelfs niet met de mensen van de NTR, terwijl ik vind dat die haar hebben verwaarloosd. Ze beseften totaal niet wat ze met haar in huis hadden. Daar kwamen ze pas achter toen ze zagen wat haar dood losmaakte. Postzakken vol brieven kwamen er binnen. Ik ben daar dan heel boos over, maar Dieuw heeft zich er nooit door laten frustreren, ze is gewoon meer vrijwilligerswerk gaan doen.’
Hoe was je afscheid met Dieuwertje?
‘Op het eind is het heel snel gegaan. Ze kreeg steeds meer pijn en meer morfine. Voordat de arts de laatste dosis morfine inspoot, hebben we allemaal afscheid genomen. Ik was de laatste in rij. Dieuw kon eigenlijk al niet meer praten. Maar ze zette haar hand voor haar mond en mimede naar mij: ik hou van jou.’
Hij schiet vol. ‘Daar krijg ik nu wel de traantjes van in mijn ogen.’
‘Ik zal het eind nooit vergeten. Tessel riep midden in de nacht dat het waarschijnlijk aan het gebeuren was, want Dieuw had koude handen en voeten. Ik pakte haar hand en binnen een half uur was alles weer warm. Daarna gebeurde dat nog een keer. Maar op een gegeven moment ging ik even naar het toilet en toen ik terugkwam was ze dood. Ze wachtte tot ze alleen was en toen – ploep – was ze weg.’
Ga je nog een gebakje eten op je verjaardag?
‘Ik ben bang dat ik geen hap door mijn keel krijg. Het wordt denk ik gewoon een bakje cornflakes en daarna is het mooi geweest. Dan komt er een meneer om een infuus aan te leggen en een uur later komen de euthanasie-artsen. Nee, om nou nog mijn verjaardag te gaan vieren, ik geloof niet dat dat werkt. We hebben dat geprobeerd op de dag dat Dieuw en ik eigenlijk 25 jaar getrouwd zouden zijn. Toen hebben we uitgebreid op haar geproost, maar het was gewoon niet leuk. De bruid was er niet bij.
‘Mijn vier kinderen zullen erbij zijn en mijn hand vasthouden, en dan hoop ik dat ik net als Dieuw vredig zal gaan. Het zal hier in de woonkamer plaatsvinden, daarna word ik in een mand gestopt en dan pfwiet, ga ik naar Dieuwertje Blok toe.’
Wat denk je dat Dieuwertje van je beslissing vindt?
‘Dieuw heeft tegen een vriend van mij gezegd, toen die zijn zorgen over mij aan haar vertelde: ‘Ah joh, maak je geen zorgen, Peter ligt binnen de kortst mogelijke tijd naast me.’ Ze zei erbij dat dat leuk was. Dat vond ik heel prettig om te horen.
‘Dieuw ligt op een natuurbegraafplaats waar je samen onder dezelfde zandhoop kan komen te liggen. Nou, dat gaan we dus doen! Samen onder de zandhoop, en dan rollen we vanzelf weer tegen elkaar aan.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant