Home

Elf maanden lang zagen we complete onverschilligheid tegenover de werkelijkheid

Dat Geert Wilders een wespennest is vermomd in een pak en een blauwe das wisten we natuurlijk al een tijdje, net zoals we wisten dat Dilan Yesilgöz parasitaire politiek bedrijft: ze nestelt zich voortdurend in het populairste idee van het moment en probeert zich daar te vermenigvuldigen, tot er een ander populair idee voorbij komt, en hop, daar gaat de parasiet.

Ook wisten we al geruime tijd dat de beloftes van Pieter Omtzigt over de rechtsstaat niets waard waren, zelfs al werden ze gedaan in die bedompte kanselarijtaal van hem. En we wisten uiteraard dat Caroline van der Plas elke dag ontbijt met een bakje koeienstront, daarna een paar uur op die drollen blijft kauwen om het residu vervolgens midden in de Tweede Kamer weer uit te braken en het daar te presenteren als ideale oplossing voor het Nederlandse mestoverschot.

We wisten, met andere woorden, hoe ongeloofwaardig het was toen deze vier rasopportunisten ons beloofden het land grondig te hervormen, zeker toen ze niet lang daarna ook nog hun Kamerfracties vulden met louter politieke amateurs en mentaal minder begaafden.

Over de auteur
Jarl van der Ploeg is journalist en columnist voor de Volkskrant. Hij werkte eerder als correspondent in Italië. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Slechts elf maanden later kregen we allemaal gelijk, want zoals Raoul du Pré duidelijk uiteenzet in deze analyse, hebben ze aan het einde van hun rit werkelijk geen snars bewerkstelligd. Er werden nauwelijks wetten ingediend, de ministerraad bleef besluiteloos en in de senaat was het in twintig jaar niet zo rustig. Door alles te versimpelen win je weliswaar verkiezingen, zo bleek de les, maar de problemen die je vervolgens moet oplossen, blijven in het echte leven helaas net zo complex.

Wat we de afgelopen elf maanden hebben gezien, kun je daarom het best categoriseren als een complete onverschilligheid tegenover de realiteit en een structurele overschatting van het retorische – van het aan onzin grenzende en inhoudsloze geblaat dat ‘debat’ wordt genoemd en dat tot overmaat van ramp ook nog eens interessant wordt gewaand, omdat zo nu en dan iemand zijn stem verheft.

Maar het is niet interessant, want het enige dat echt gebeurde, is dat VVD, PVV, BBB en NSC elf maanden geleden begonnen de werkelijkheid aan te passen aan hun eigen theorieën en daar nooit meer mee zijn gestopt. Hoewel het aantal mensen in armoede in vijf jaar tijd halveerde, worstelen volgens de vier toch steeds meer Nederlanders met hun bestaanszekerheid. Hoewel in heel Europa het aantal asielaanvragen daalde in 2024, ook in Nederland, verandert dit land volgens de vier toch in ‘één groot asielzoekerscentrum’. Enzovoorts.

Vanwege die onverschilligheid jegens de realiteit deed deze regering mij vanaf het begin al denken aan de eerste volledig rechts-populistische regering van West-Europa, namelijk de Italiaanse regering Conte I in 2018. Ook daar was de premier een apolitieke technocraat, ook daar kregen de populistische coalitiepartijen niets concreets voor elkaar vanwege voortdurende kinnesinne, en ook die regering viel binnen anderhalf jaar omdat de immer twitterende voorman van de anti-migratiepartij vond dat er niet genoeg gedaan werd aan de asielcrisis.

Hoe het daar afliep? Na de initiële vlaag van vreugde van links, het vormen van een nieuwe, linkse regering en het zich verkneukelen over de ondergang van die schreeuwende, rechtse anti-migratiepoliticus, die nu eindelijk echt verbannen was naar de zijlijn, bleek de onvrede in de maatschappij gewoon nog te bestaan, waardoor er bij nieuwe verkiezingen een nog radicalere partij won, met bovendien zoveel overmacht dat er ditmaal wel degelijk veel veranderde in het echte leven. En vrijwel niets ten goede.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next