Het is een voorrecht om de emotionele teloorgang die Gillian Anderson (The X-Files, Sex Education) hier vormgeeft te mogen ontleden, in de bioscoopregistratie van A Streetcar Named Desire van het National Theatre.
schrijft voor de Volkskrant over theater.
Iedereen heeft iets waarvan je niet wil dat een ander eraan komt, zegt Blanche als haar tirannieke zwager Stanley een stapel oude liefdesbrieven uit haar koffer grist. Hij negeert haar, maar je ziet aan zijn blik dat hij weet dat ze gelijk heeft: ook hij heeft zijn eigen kwetsbaarheden, en Blanche voelt die feilloos aan. Precies daarom heeft hij zo’n hartgrondige hekel aan haar.
Berooid en op de vlucht voor haar verleden, zoekt Blanche toevlucht tot haar zus Stella. Blind (of beter: bang) voor de realiteit, blijft ze dwepen met haar verloren verworvenheden. Weinig treuriger dan mensen die zichtbaar hun eigen treurigheid willen verbergen.
Het toonaangevende Britse theatergezelschap National Theatre ensceneerde Tenessee Williams’ moderne klassieker A Streetcar Named Desire (1947) in 2014, met in de hoofdrol een onnavolgbare Gillian Anderson. Van de ruim drie uur durende voorstelling werd een indringende liveregistratie voor de bioscoop gemaakt. Een uitgelezen kans om kennis te maken met het betere teksttoneel uit Engeland.
Blanche vertolken is een ultieme proeve van beheersing: als acteur moet je ruimte innemen en groots spelen, om daarmee juist een intiem, kwetsbaar verdriet bloot te leggen. Anderson, die als ondoorgrondelijke sekstherapeut in de fijne serie Sex Education juist imponeert met een rol die aan de buitenkant verraderlijk veel rust uitstraalt, mag zich nu emotioneel flink uitleven. Dat doet ze met dezelfde, zeer genietbare overgave.
Ze laat haar personage lange tijd balanceren op en nét over het randje van mental breakdown. Achter haar smekende blikken en zeurderige intonatie gaat een fundamentele, constante angst schuil om door de mand te vallen. Dat maakt haar tegelijk bloedirritant, fragiel en onpeilbaar verdrietig.
Regisseur Benedict Andrews plaatste het krappe, felrealistische appartement op een ronddraaiend platform dat wordt omringd door publiek. Toeschouwers zijn daarmee steeds onderdeel van het toneelbeeld. Zijn adaptatie gaat daarmee heel expliciet óók over de getuigen van het voortdurende geweld, de misogynie en de aftakeling, die voortdurend kijken maar nooit ingrijpen.
Dat wordt in deze registratie extra benadrukt door de voyeuristische, beweeglijke cameravoering, die regelmatig half verscholen achter gordijnen of kozijnen, als een stille insluiper, het tafereel verslaat.
Ben Foster speelt Stanley beestachtig en walgelijk, maar laat óók glimpjes tederheid toe. Zo maakt hij deze man, die tot gruwelijkheden in staat blijkt, angstaanjagend menselijk. Vanessa Kirby (The Crown) wordt als Stella heen en weer gesleurd tussen de liefde voor haar man en de liefde voor haar zus: beide zijn volstrekt irrationeel, en juist daarom zo wezenlijk en onaantastbaar.
Blanche is niet op zoek naar de waarheid, zegt ze aan het eind: ze wil magie. Maar voorbij de waarheid is geen magie te vinden, alleen afgematte leegte en holle desillusie. Maar die realisatie is voorbehouden aan de omstanders, niet aan haar.
A Streetcar Named Desire van Tenessee Williams
★★★★☆
Door National Theatre. Regie: Benedict Andrews. Cast: Gillian Anderson, Vanessa Kirby, Ben Foster, e.a.
203 minuten, Engels gesproken en ondertiteld. 5, 8, 9, 12 en 19/6, De Filmhallen, Amsterdam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant