De ride height devices kwamen afgelopen weekend weer in het middelpunt van de belangstelling te staan in de MotoGP. De huidige motoren zijn allemaal voorzien van apparaten waarmee ze de achterkant in kunnen laten zakken op rechte stukken om zo tot een hogere topsnelheid te komen, terwijl ze dat bij de start ook kunnen doen met de voorkant. De rijhoogteapparaten worden onder het nieuwe technische reglement van 2027 verbannen uit de MotoGP, maar enkele recente incidenten hebben geleid tot de vraag of de sport niet moet overwegen om ze al eerder in de ban te doen.
Zo slaagde Enea Bastianini er bij de start van de Franse Grand Prix niet in om het rijhoogteapparaat aan de voorkant van zijn KTM RC16 te deactiveren. Het gevolg was een botsing met Francesco Bagnaia, die onderuit ging en Joan Mir meenam in zijn val. Ook tijdens de Britse Grand Prix van vorig weekend was het weer raak: op zondag ging Álex Márquez bij de eerste start onderuit nadat ook hij er niet in was geslaagd om de voorkant van zijn Ducati weer in de normale positie te brengen. In de tweede helft van de race raakte het ride height device van de Yamaha van Fabio Quartararo defect, waardoor de achterkant verlaagd bleef. Het gevolg: de Fransman moest vanuit leidende positie opgeven.
Wat Márquez betreft is een algeheel verbod op ride height devices voor 2027 niet nodig. Toch vindt hij niet dat het gebruik van het apparaat aan de voorkant op elk circuit toegestaan moet zijn. "We moeten ernaar kijken en realistisch zijn, zeker als rijders, waar we ze moeten verbieden. Het is denk ik niet nodig om ze op alle circuits te verbieden. Silverstone is normaal niet gevaarlijk, het is daar niet zoals in Le Mans. Daar moeten ze echt verboden worden, daar sta ik honderd procent achter, maar hier is het geen probleem", benadrukt de Gresini-rijder, die vooral naar de lage temperatuur wees als oorzaak van zijn crash op Silverstone.
Álex Márquez crasht bij de start, waarbij duidelijk te zien is dat zijn voorste ride height device nog geactiveerd is.
Foto door: Gold and Goose Photography / LAT Images / via Getty Images
Quartararo kijkt er toch iets anders naar. "Eerlijk gezegd levert het een enorm voordeel op, maar als we het allemaal van de motor halen, dan is het goed", zegt de wereldkampioen van 2021. Hij vindt de rijhoogteapparaten gevaarlijk, omdat ze alleen gedeactiveerd kunnen worden door heel hard te remmen. "Ik denk dat de crash van Álex daaraan te wijten was. Hij wilde heel hard remmen met de voorkant, maar in deze bocht is de rechterkant van de band behoorlijk kritiek. Het is dus gevaarlijk. Ik ben echter niet degene die de regels maakt en we zijn er sneller mee, dus we halen het niet van de motor af als anderen het blijven gebruiken."
Daar waar Márquez en Quartararo niet echt stelling nemen in de discussie over de rijhoogteapparaten, doet Aleix Espargaró dat wel. De testrijder van Honda HRC staat erom bekend dat hij zijn mening niet onder stoelen of banken steekt en dat doen hij dan ook niet als het gaat om de aanwezigheid van dergelijke devices in de MotoGP. Gevraagd of de MotoGP er goed aan zou doen om ze nog voor het aanstaande verbod van 2027 te verbieden, antwoordt Espargaró: "Ja, maar dat zeg ik nu al drie jaar. Ik begrijp het niet."
Een belangrijke reden waarom Espargaró voor een verbod is, is het gebrek aan relevantie voor de openbare weg. "Je zult de rijhoogteapparaten aan de voor- en achterkant van de motor nooit op productiemotoren zien. Ik begrijp niet waarom we deze apparaten hebben, dat heb ik vanaf het begin al gezegd", aldus de ervaren Spanjaard. "Je moet ook eerlijk zijn. Aangezien er niets in het reglement stond, was iemand zo intelligent en slim om dit op de motor te zetten. Het is niet de fout van die persoon geweest. Wel is het controversieel en op sommige plekken ook gevaarlijk, terwijl het niet goed is voor de show. Diegene is echter wel slim geweest, dat moeten we respecteren."
Source: Motorsport