Home

In de liefde is het heel normaal: verlaat je partner niet, want je weet nooit of je nog kunt terugkomen

De jongen werd 4, hij kreeg vleugels, een fiets, een schaakspel, een ketting, een toverstaf, een hoge hoed en vijftig ballonnen. Vervolgens ging hij slapen en kon de literatuur weer een aanvang nemen. Het leven mondt uit in een boek, dat wist de Franse dichter Stéphane Mallarmé al, of die boeken vervolgens in de kringloopwinkel eindigen of op de brandstapel is misschien iets meer dan een detail, maar ook niet veel meer.

Ik vloog naar New York, waar het nog steeds of opnieuw herfstig was. Wat is dagenlang regen vergeleken met de afbraak van de rechtsstaat? Niets, moet je zeggen, hooguit is het jammer dat als mensen het woord ‘rechtsstaat’ in de mond nemen ze er vaak zo’n vroom NSC-gezicht bij trekken.

Een vriendin in Brooklyn zou quiche voor me maken. Door de stromende regen verplaatste ik me naar Hancock Street, in een Uber weliswaar, maar het raam ging niet meer dicht, dus je zat toch in de regen, vooral als de auto harder ging dan een voetganger. Details.

De quiche was uitstekend, we spraken over mensen die uit Amerika waren gedeporteerd, we kenden niemand persoonlijk die dat was overkomen. We kenden wel wat studenten alhier die het advies hadden gekregen het land niet meer te verlaten omdat het onzeker was of ze konden terugkomen. In de liefde is dat heel normaal: verlaat je partner niet, want je weet nooit of je nog kunt terugkomen, maar als het om landen gaat is dat onaangenaam.

Om echt droog te blijven nam ik de metro terug. Het metrostel zat weer eens vol met daklozen en vier Franse toeristen die zich afvroegen of het ethisch was om de daklozen – het waren kleurrijke daklozen – discreet te fotograferen.

De toeristen besloten: beter van niet.

De vreugde dat ik in leven was bereikte een nieuw hoogtepunt.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next