Home

Graag méér emoties van de ministers

De lezersbrieven: over emotionele ministers, reanimeren, het woord ‘meid’, de rolstoeltoegankelijkheid van museum Fenix en de noodzaak van protestliederen.

Altijd leuk om te lezen, zo’n emotionele uitbarsting van een minister. Dit vermaak is tenslotte het enige dat dit kabinet ons kan bieden. Ook fijn dat het volgens de traditionele patronen verloopt. Natuurlijk is het een vrouw die emotioneel wordt, en natuurlijk klopt haar verwijt feitelijk niet helemaal. Het zal wel.

Ik ben juist verbaasd dat we niet meer emotionele uitbarstingen in de krant lezen. Waar blijft, bijvoorbeeld, de ­emotionele uitbarsting van Sophie Hermans toen de coalitie haar hele ­klimaatbeleid door het toilet spoelde?

Ik zou de ministers willen aanraden hun emoties niet al te zeer weg te drukken en zich af te vragen of dit baantje nu echt is waar ze gelukkig van worden. En hopelijk brengt de uitkomst van hun afweging mij een emotionele uitbarsting van blijdschap.
Ameling Algra, Den Haag

Reanimatie

In het duidelijke verhaal van Erna van Balen over reanimeren wordt als dé reanimatietechniek in ons land dertig keer borstkascompressie voorgesteld, afgewisseld met twee keer mond-op-mond beademen.

Meerdere malen heb ik – samen met anderen – reanimaties verricht, en iedere keer weer ontstond er aversie bij de mond-op-mondbeademing, door bijwerkingen zoals bijvoorbeeld de terugkomende onaangename ademlucht of braaksel. Ook mogelijke ziekten als corona, aids en tuberculose veroorzaken ongemak.

In Engeland en ook in Japan reanimeert men al vele jaren alleen met borstcompressie, zonder mond-opmondbeademing. De British Heart Foundation heeft een fraai voorlichtingsfilmpje over reanimatie op YouTube staan, waarin oud-voetballer en acteur Vinnie Jones op instructieve wijze de reanimatietechniek demonstreert. Over mond-op-mondbeademing zegt Jones namens de British Heart Foundation: ‘No kissing. You only kiss your missus on the lips.’

Ik vermoed dat zonder de onnodige mond-op-mondbeademing nog veel meer mensen zich zullen aanmelden voor een reanimatiecursus.
Herman Mencke, Heerenveen

Reanimeren (2)

‘Iedereen heeft de plicht om hulp te verlenen’, lees ik in het stuk ‘Reanimeren kun je leren’. Dat klopt maar niet iedereen wil geholpen worden. Als je dus iemand onwel ziet worden op straat, kijk dan ook even of iemand een niet-reanimerenpenning draagt of een tatoeage met ‘niet reanimeren’ op het borstbeen heeft en stop dan onmiddellijk. Het zijn rechtsgeldige wilsverklaringen.
Tecla Boonstra, Amsterdam

Reanimeren (3)

Het advies van de journalist om bij een reanimatie borstcompressies te geven op het ritme van Just Dance van Lady Gaga, wil ik graag vertalen voor de panikerende oudere hulpverlener die naast een slachtoffer zit en dat nummer waarschijnlijk nog nooit heeft gehoord: het refrein van Staying Alive van de Bee Gees voldoet hier minstens even goed. Betere titel ook.

Trees Roose, Haren

Meid

Een uitgebreid artikel over, nee, zelfs een onderzoek naar het gebruik van het woord ‘meid’. Even verderop in het stuk gaat het over een ‘vrouwelijke stagiair’. Waarom toch zo omslachtig mogelijk een bestaand woord vermijden? Een stagiaire dus. Of wacht, ging het soms over een zich vrouwelijk ­kledende en zich vrouwelijk gedragende jongeman? Nee, toch niet. Zo vermoeiend, al die afgeschafte woorden.
Marianne Bloemkolk, vrouwelijk persoon en vrouwelijke leraar, Hilversum

Meid (2)

In het Nederlands is geen goed woord voor vrouwen tussen meisje en vrouw. In het dialect wel. Mijn oma uit de Betuwe sprak ons aan met ‘frollie’ en mijn moeder uit de Liemers met ‘vrollie’. Beide woorden zijn verwant aan het Duitse ­Fräulein. Mooie woorden als je geen kind meer bent.

Ina Heijting, Doetinchem

Toegankelijk

In de ingezonden brief van Gerda ­Vogelzang staat dat het migratiemuseum Fenix in Rotterdam geen lift heeft om als rolstoelgebruiker boven op het dak bij de ­Tornado te komen en van het uitzicht te genieten.

Fenix is volledig toegankelijk voor rolstoelgebruikers. De Tornado, het opvallende architectonische middelpunt van het museum, is uitgerust met een glazen lift die zowel de eerste verdieping (waar de tentoonstelling Alle Richtingen te vinden is) als het panoramische uitkijkplatform bovenin bereikt.

Hierdoor kunnen bezoekers met een rolstoel of rollator, mits het hulpmiddel in de lift past, zonder obstakels genieten van het uitzicht over de stad en de Maas.

Het museum biedt daarnaast algemene voorzieningen voor bezoekers met een beperking, zoals toegankelijke toiletten en brede doorgangen.
Peter van der Valk, Rijswijk

Protestmuziek

Elke dag zien we oorlog. In krantenkoppen, op sociale media. Gaza, Soedan, Congo, Oekraïne. Er gaat geen dag voorbij zonder beelden van verwoeste gebouwen, gehavende kinderen en gedode mensen. En toch: hoe meer we zien, hoe minder we lijken te voelen. Het ene leed ­verdringt het andere, totdat niets echt binnenkomt. Juist dat moeten we vrezen. Want als niets ons meer raakt, verdwijnt onze medemenselijkheid.

Afgelopen week bracht ik een protestlied uit voor Gaza, waar een ­lokale crew in Gaza een videoclip bij maakte. Op een dag stuurde een van de makers me een foto van zijn zoontje: een vrolijk jongetje van een jaar of 4 in schooluniform. Zijn prachtige blozende wangen en onbezorgde lach deden vermoeden dat de foto voor 7 oktober 2023 genomen is.

Ik zat op het moment dat ik de foto ontving in een kleedkamer in Den Haag, vlak voor een optreden in een avondprogramma van Oxfam ­Novib. Mijn tourmanager stelde me vragen, maar ik hoorde haar nauwelijks. Ik vertaalde de Arabische ­berichten en zag de foto opnieuw. Een goede vriend, zelf intensief betrokken bij Gaza, had me eerder aangeraden Palestina af en toe ‘in een laatje in mijn hoofd te stoppen’. Maar ik vrees dat we in pogingen onszelf te sparen, onze gevoeligheid voor de ander verliezen.

Juist als ­artiest zie ik het als mijn taak om te voelen – en anderen uit te nodigen dat ook te doen. Protest­muziek draagt bij aan een collectief bewustzijn en wekt een gemeenschapsgevoel op dat positieve energie geeft. Samenkomen helpt cynisme te doorbreken. Zolang we nog voelen, zijn we niet verloren.
Roufaida Aboutaleb, Rotterdam

Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.

Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next