"Prochain arrêt: Nice, Monte Carlo", klinkt het in de overvolle trein. Het is een vast ritueel tijdens het Formule 1-weekend in Monaco. De trein brengt ons, net zoals vele Formule 1-fans, van Nice naar het stadstaatje waar de meest prestigieuze Formule 1-race van allemaal op het programma staat.
Vanaf het station wordt de wandeling naar het mediacentrum ingezet. Die leidt eerst langs talloze merchandise-kraampjes - waar overigens de 'special edition' van de Charles Leclerc-pet te verkrijgen valt voor een schappelijke prijs van 120 euro - en vervolgens via de pitstraat en een loopbrug naar de haven, waar de paddock aan grenst. In die haven heeft Red Bull de hospitality van beide teams (Red Bull Racing en Racing Bulls) overigens op een enorm drijvend ponton geplaatst, een plek waar het eigenlijk vier dagen non-stop feest is. Alhoewel er met Miami en Las Vegas ook 'glamourraces' in Amerika aan de Formule 1-kalender zijn toegevoegd, is en blijft Monaco qua setting nog altijd onovertroffen in de Formule 1-wereld.
Tijdens de mediadag gaat het naast die gedenkwaardige inhaalactie van Max Verstappen in Imola en de aanwezigheid van Adrian Newey (die ik samen met een select mediagroepje mag spreken in de Aston Martin-hospitality) vooral over één onderwerp: de verplichte pitstopregel om de amusementswaarde van de Grand Prix van Monaco op te krikken. Als ik met de FIA doorneem hoe dat in de praktijk precies moet werken, blijkt meteen dat de woorden 'twee verplichte pitstops' eigenlijk geen hout snijden. De FIA verduidelijkt dat het om het gebruik van drie bandensets gaat, maar dat kan in de praktijk ook prima één pitstop zijn, als er een rode vlag komt - en als coureurs dus een 'gratis' bandenwissel mogen uitvoeren.
Tijdens die eerste dag blijkt dat trouwens niet de enige verandering in Monaco te zijn ten opzichte van de voorbije jaren. Er was immers altijd een grote discrepantie tussen de extreme glamour buiten het mediacentrum - vooral op de jachten - en de faciliteiten erbinnen. De catering bestond uit slechts enkele croissants en later op de dag een verdwaalde bak met broodjes. Wie op dat moment net in de paddock was voor een interview, greep ernaast en moest het de hele dag zonder eten doen. "Ik weet niet waar we dit aan hebben verdiend, maar wonderen zijn de wereld nog niet uit!", grapt een collega als blijkt dat de organisatie ditmaal de bovenste verdieping van een heus restaurant heeft afgehuurd. Ontbijt, lunch en diner in een luxueuze setting. Wonderen zijn de wereld inderdaad nog niet uit...
Na de Nederlandse mediasessie met Max Verstappen, het 'rondetafelgesprek' dat ik met Adrian Newey heb en het opnemen van de gebruikelijke F1-update voor YouTube is het in de avonduren tijd om Nice maar weer eens op te zoeken. Een biertje in de buurt van het hotel moet een rustige afsluiting van een lange werkdag vormen, maar daar denkt een andere bezoeker van het terras iets anders over. Een ruzie loopt dermate hoog op dat de bierglazen vlak voor middernacht over het terras vliegen. Hommeles, overal glas, maar ook zoals collega Oleg Karpov met een lach opmerkt: "Goed voor je blog!" Waarvan akte.
Op vrijdag begint de baanactie en dat is in zekere zin hét moment van weekend, en persoonlijk misschien zelfs één van de mooiere momenten van het Formule 1-seizoen. Journalisten kunnen namelijk een fotohesje halen dat toegang biedt tot plekken waar fans niet kunnen komen: meteen naast de marshals, direct achter de vangrails. Het is op iedere plek een beleving, maar nergens zo bijzonder als in Monaco. Een training trackside kijken in Monaco blijft ongeëvenaard en valt met nagenoeg niets te vergelijken.
Vanuit het mediacentrum (dat uitzicht biedt op La Rascasse) begint het rondje langs de baan echt bij Piscine, oftewel het zwembad. Het is meteen een indrukwekkende plek, aangezien er openingen voor fotografen in het hek zitten, waar de auto's met grote snelheid op je afkomen. Het geeft het eerste besef dat Monaco andere koek is dan de meeste circuits waar je met een fotohesje rond kunt lopen. Daarna gaat het - in tegenstelde richting van het circuit zelf - richting Tabac, een nog indrukwekkendere plek. Voor goede foto's gaat het hier veel te snel, maar het is wel indrukwekkend als je aan het binnenkant van die bocht staat hoe de auto's op hoge snelheid en op minder dan een halve meter bij je vandaan langs de vangrails scheren. Dit is typisch zo'n plek waar je - als je voor het eerst in Monaco bent - uit schrik een stap achteruit zet als de auto's eraan komen razen, simpelweg omdat het een soort schok voor het systeem is.
Nadien gaat de wandeling verder. Aan de rechterkant prijken de welbekende jachten, waarvan alleen het aanleggeld al in de tonnen per dag kan lopen. De volgende befaamde plek is de Nouvelle Chicane, oftewel de chicane na het uitkomen van de tunnel. Met name het stukje in het verlengde van de eerste knik naar links - waar het raken van de vangrails aan de binnenkant een typische Monaco-crash is - verveelt nooit. Daar zitten er namelijk helemaal geen vangrails meer tussen de (vaak gehurkte) fotografen en de journalisten. Je kunt er in theorie zo de baan oplopen, al is dat natuurlijk niet aan te bevelen. Doordat de auto's hier relatief langzaam gaan, is dit wel dé plek voor een typische Monaco-foto. Een auto na het insturen voor de Nouvelle Chicane in beeld nemen, met de stad Monaco en de heuvels op de achtergrond - precies zoals in de tweet hieronder ook te zien is.
Daarna gaat de wandeling in tegengestelde richting door, de tunnel in. In de tunnel zijn oordopjes nog altijd wel aan te bevelen, al gaan de gedachten ook uit naar de recente motordiscussie in de Formule 1. Want wat als we wel terug zouden gaan naar V10-motoren? Het geluid moet dan oprecht overweldigend zijn. De wandeling door de tunnel leidt naar Portier, waar aan de rechterkant nieuwe appartementen - waarschijnlijk bijzonder dure - uit de grond zijn gestampt. Uitzicht op zee, een aanlegplek voor de boot erbij. Niks mis mee, maar zo'n optrekje mag waarschijnlijk nogal wat kosten.
Voor de volledige 'trackside beleving' in Monaco is er daarna enige terreinkennis verreist, waardoor ik zaterdag met alle plezier nog een keer als tourgids fungeer voor enkele Nederlandse collega's. "Heb je ook zo'n parapluutje om in de lucht te houden als een echte gids?", klinkt het gekscherend. Dat ontbreekt er nog net aan, maar de route is wel bekend. Vanaf het circuit moet je namelijk even bij het circuit vandaan lopen, om via enkele terrasjes en trappen de oversteek te kunnen maken naar Mirabeau. Dit is de plek waar Lewis Hamilton enkele jaren geleden voor mijn neus crashte en ik foto's van de nieuwe Mercedes-vloer kon maken, al dient het nu als opmaat naar het hoogtepunt van de wandeling: Loews Hairpin.
Dit is de langzaamste bocht van de kalender en eentje waarvoor alle teams hun voorwielophanging voor aanpassen, om zo de benodigde steering angle te kunnen krijgen. De binnenkant van Loews Hairpin is een fenomenale plek om Formule 1-auto's van dichtbij te kunnen bewonderen, aangezien ze als het ware om je heen rijden. Je ziet ze aankomen vanuit Mirabeau, vervolgens om je heen rijden door Loews, het linkervoorwiel los van de grond bij de bushalte, om vervolgens in de verte te verdwijnen richting Portier. Een Formule 1-sessie op deze plek aanschouwen verveelt werkelijk waar nooit, het absolute summum.
Dit is trouwens ook de plek waar het besef over twee zaken opkomt. Ten eerste hoe bijzonder het is dat de Formule 1 in Monaco rijdt en coureurs de limiet op kunnen zoeken in deze smalle straatjes. Als je nog een stukje richting het Casino zou lopen, dan scheidt alleen een stoep de winkels nog van het circuit. Je kunt letterlijk één hand bij de bakker in de winkel hebben en met de andere hand een Formule 1-auto raken. Het blijft ieder jaar weer meer dan indrukwekkend om te zien. Ten tweede maakt het rondje trackside ook duidelijk dat het eigenlijk een behoorlijke mismatch is: de moderne Formule 1-auto's zijn veel te groot, log en zwaar om in te halen in de smalle straatjes van het prinsdom.
Het effect daarvan is zondag weer te zien, ondanks de verplichte pitstopregel waar in de dagen ervoor zoveel over is gepraat - niet alleen in de paddock, maar ook in het mediacentrum. In dat mediacentrum is de consensus tijdens de race dat de ingreep het verplichte nummer in ieder geval iets beter heeft gemaakt dan vorig jaar, toen er werkelijk waar niets gebeurde. Keerzijde is natuurlijk dat het extreem kunstmatig is. Toch is er ditmaal in ieder geval genoeg om over na te denken: kan Verstappen nog winnen door op een rode vlag te gokken, is de slimme aanpak van Racing Bulls en Williams nou geniaal of ook onsportief, en wat gebeurt er in hemelsnaam bij Mercedes? Over dat laatste team wordt meer dan eens gegrapt: "Het is net alsof ze alle strategen na de mislukte kwalificatie naar huis hebben gestuurd."
Als ik na afloop een rondje door de paddock maakt, blijkt er ook bij rivaliserende teams onbegrip over wat Mercedes heeft gedaan - of beter gezegd wat het team van Toto Wolff deze zondagmiddag niet heeft gedaan. In die paddock zijn de geluiden overigens wisselend. De meesten vinden het in ieder geval iets beter dan vorig jaar, al laten de coureurs weten het inderdaad te kunstmatig te vinden. Verstappen vergelijkt het zelfs met Mario Kart en vraagt zich hardop af op bananenschillen gooien dan de volgende stap zal zijn. Feit blijft gewoon wat in Loews Hairpin al te zien was: de moderne Formule 1-auto's zijn veel te groot voor dit circuit. En die auto's zullen ook niet zomaar significant kleiner worden. Ja, het 2026-reglement schrijft iets kleinere afmetingen voor, maar dat is echt een druppel op een gloeiende plaat.
Toch overheerst bij mij een ander gevoel als ik zondagavond laat - als de YouTube-video weer is opgenomen - voor de laatste keer dit weekend de trein opzoek. Ik geef meteen toe dat het volgen van de Formule 1-actie trackside een compleet andere ervaring geeft dan thuis voor de televisie zitten, en ook dat het in die zin een zeer bevoorrechte positie is. Maar juist dat aspect - het van dichtbij zien hoe uniek de Formule 1-actie in Monaco eigenlijk is - maakt het qua persoonlijke beleving ieder jaar één van de absolute hoogtepunten van de kalender. De race is bijzonder saai en zal als de Formule 1 het fundamentele probleem niet aanpakt (de afmetingen van de auto's) ook altijd bijzonder saai blijven, maar de spannende kwalificatie en zeker de actie trackside kunnen volgen vergoeden voor mij heel erg veel. Kon iedere F1-liefhebber maar één keer zo'n fotohesje krijgen en deze sensatie van dichtbij meemaken...
Source: Motorsport