De situatie in Gaza wordt steeds nijpender door de toenemende honger en de Israëlische bombardementen. NU.nl sprak met twee Palestijnen in het gebied, die grote wanhoop voelen. "Elke dag is erger dan de dag ervoor."
Uitzichtloos, zo laat de situatie zich het best beschrijven. Beide mannen met wie NU.nl contact heeft, sturen via WhatsApp berichten en spraakopnames over hun leven in de Gazastrook. Bellen gaat niet, daarvoor is de verbinding te slecht. Foto's delen ze liever niet. Hun berichten hebben één gemene deler: ze weten niet wanneer er eindelijk verbetering komt.
De 33-jarige Mustafa woont in het noorden van Gaza. Daar is hij straatkunstenaar, aangesloten bij de HOPE Foundation. De stichting heeft als doel kinderen in conflictgebieden te leren omgaan met de oorlog door middel van kunst en cultuur.
Op zijn Instagram-pagina deelt Mustafa regelmatig beelden: van zijn kunst, zijn werk met de kinderen of van het puin door de oorlog.
"Het leven in Gaza is erg ingewikkeld geworden", laat Mustafa weten. "Ik weet niet waar ik moet beginnen. Er is een geldcrisis, een watercrisis, een voedselcrisis."
Op de markt kan Mustafa nog mondjesmaat aan eten komen voor zijn familie. Maar dat is erg duur en moet betaald worden met contant geld.
Gaza kampt sinds enkele maanden met een groot tekort aan cash, onder meer doordat Israël veel banken heeft verwoest. Wil hij aan contant geld komen, dan moet Mustafa 35 procent extra betalen, vertelt hij.
"Ik vrees voor de komende dagen, voor als Israël de operatie nog verder uitbreidt", zegt Mustafa. De Israëlische regering is deze week begonnen met een groot grondoffensief. Het land wil daarmee heel Gaza innemen en probeert met de aanvallen Palestijnen naar andere plekken te dwingen. Daarbij kwamen de afgelopen week al honderden Palestijnen om het leven.
"Ik ben bang dat het weer net zo'n bloedbad wordt als eerst", zegt Mustafa, verwijzend naar de begintijd van het conflict. Ook vreest hij voor wat de verder toenemende voedselschaarste gaat brengen.
Hij blikt terug op anderhalf jaar geleden, toen Israël de noodhulp en toevoer van voedsel richting Gaza voor het eerst blokkeerde. "Mijn neven en ik moesten eropuit om eten te halen", vertelt hij. Die tocht was riskant doordat het gebied waar ze woonden constant gebombardeerd werd. Het regende hard en Mustafa was tot aan zijn knieën doorweekt.
Onderweg zag hij een door ezels getrokken kar met een afdekzeil. Daaronder lagen op elkaar gestapelde lichamen: "Een hoop vlees". "Ik keek omhoog naar de lucht en huilde terwijl ik vastzat in de modder", vertelt Mustafa. "Ik was nog op weg om eten te halen voor mijn twintig familieleden. En ik vroeg me af of ik het wel zou overleven, of dat ik zou terugkeren als een lijk, zoals ik op die wagen zag."
Hij is moedeloos, zegt Mustafa. "Ik weet niet hoe ik door moet met mijn leven. Ik kan alleen maar aan de nabije toekomst denken."
Die uitzichtloosheid tekent ook het verhaal van Karam, eigenaar van een internationale taalschool. NU.nl sprak hem anderhalf jaar geleden al, enkele dagen nadat Israël de Gazastrook voor het eerst sinds deze oorlog had afgesloten van elektriciteit, voedsel en brandstof. Dat verhaal lees je hier.
Door de bombardementen van het Israëlische leger waren ook toen al honderden doden gevallen. Karams taalschool is inmiddels onbruikbaar geworden door de aanvallen.
In het afgelopen anderhalf jaar vluchtte hij meerdere keren van Rafah naar Khan Younis en weer terug, terwijl hij steeds Engelse les aan kinderen bleef geven waar dat kon. Enkele dagen geleden heeft hij Khan Younis opnieuw moeten verlaten bij een grootschalige evacuatie. Dat was op bevel van het Israëlische leger in voorbereiding op de aanvallen die het momenteel uitvoert.
Onderweg stuurt Karam een spraakbericht terwijl hij wacht op een chauffeur die hem, zijn vier kinderen, vrouw en ouders verder kan brengen naar een nieuwe verblijfplaats. "Ik ben net klaar met de voorbereiding voor alles. Mijn kinderen slapen nu en wij proberen ook te slapen. Het is zo moeilijk en zwaar", vertelt hij.
Karam voelt grote wanhoop. "Ik hoop dat dit snel voorbij is. Genoeg is genoeg." Daarna blijft het vier minuten stil voordat hij zijn bericht afsluit.
In een ander bericht vertelt Karam: "Elke dag is erger. We staan elke dag vroeg op in de hoop wat eten te kunnen maken, maar meestal is er geen eten. En als we wel eten zien, is het veel te duur om het te kopen."
Er is overal gebrek aan, zegt ook hij. Het maakt hem radeloos. "Voor de oorlog wist ik: het kan elke dag beter worden dan vandaag. We konden steeds nieuwe plannen maken voor de toekomst, vooruitkijken. Maar nu weet ik dat elke dag er nog erger uitziet dan de dag ervoor."
Het is noodzakelijk dat Israël meer noodhulp toelaat, zegt Mustafa. Maar dat niet alleen. "We missen een gewoon leven. Onze grootste droom is een veilig en normaal leven te leiden. Dat is alles."
Source: Nu.nl algemeen