Home

Sanctieverlichting kan Syrië vooruit helpen. Het is alleen de vraag hoe snel dat gaat

Nadat de Amerikaanse president Trump vorige week had aangekondigd de sancties op Syrië op te heffen, kon de EU niet achterblijven. Maar de vraag is hoe snel de Amerikanen werkelijk over de brug komen met sanctieverlichting.

is correspondent Midden-Oosten van de Volkskrant. Hij woont in Amman.

Wederopbouw van Syrische havens met geld uit de Emiraten. Deals voor de import van Turks aardgas. En afspraken met een Chinees bedrijf voor grote vrijhandelszones. Het is maar een greep uit de investeringen die de Syrische regering recentelijk heeft binnengesleept. Nu de Europese Unie besloten heeft de sancties op Syrië op te heffen, is de vraag of ook Europese multinationals gaan bijdragen aan de wederopbouw en stabilisering van het door oorlog verwoeste land.

De Europese sanctieverlichting, dinsdag aangenomen door de ministers van Buitenlandse Zaken, was geen verrassing, nadat de Amerikaanse president Trump vorige week een vergelijkbare aankondiging deed tijdens zijn bezoek aan Saoedi-Arabië. Alles is daardoor in een stroomversnelling geraakt. EU-buitenlandchef Kaja Kallas zei dat Europa geen keus had. Niets doen zou de situatie in Syrië (waar 90 procent van de inwoners onder de armoedegrens leeft) alleen maar verslechteren. ‘Dan krijgen we iets dat lijkt op wat we in Afghanistan hebben’, aldus Kallas. ‘Nu geven we hen (de Syriërs, red.) de mogelijkheid het land te stabiliseren.’

Syrische banken

Als gevolg van het EU-besluit zullen Syrische banken na een isolement van ruim tien jaar weer gaan meedoen aan het internationale betalingsverkeer, al zullen ze nog wel moeten voldoen aan internationale anti-witwasregels en regels ter voorkoming van terrorismefinanciering. De bevriezing van tegoeden van de Syrische centrale bank wordt opgeheven. Het wapenembargo uit de tijd van de gevluchte dictator Bashar al-Assad blijft wel in stand, omdat Europa wil voorkomen dat aangekochte wapens gebruikt gaan worden tegen de eigen bevolking.

‘We zijn in transitie van een soort Noord-Korea naar Zuid-Korea’, zei een triomfantelijke Syrische zakenman tegen nieuwswebsite Christian Science Monitor. Anderen zeiden te hopen dat ze nu eindelijk kunnen gaan exporteren naar de rest van de wereld, bijvoorbeeld via Amazon en eBay, platforms die in Syrië geblokkeerd waren. Syrische ondernemers die de voorbije jaren wilden ex- of importeren, waren veelal overgeleverd aan geldwisselaars op de zwarte markt.

Maar hoeveel hiervan is reële hoop en hoeveel is wensdenken? Alles zal afhangen van het tempo van de Amerikaanse sanctieverlichting, zeggen betrokkenen. Zolang de Amerikaanse sancties deels of volledig van kracht zijn, zijn Europese bedrijven feitelijk met handen gebonden.

Amerikaanse plannen

Trump verklaarde ogenschijnlijk royaal dat ‘alle sancties’ afgeschaft zouden worden, maar inmiddels woedt er onder zijn ambtenaren een stevige discussie over de vraag hoe precies. In het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken circuleert volgens bronnen van persbureau AP een voorstel met drie fasen. In de eerste fase komen er tijdelijke sanctievrijstellingen. Is men tevreden over de koers van het Syrische bewind onder leiding van interim-president Ahmad al-Sharaa, dan volgen er in fasen twee en drie verdere verlichtingen.

Eén van de belangrijkste Amerikaanse wensen is dat Palestijnse militante bewegingen zoals Hamas het land uit worden gezet. Daarnaast zou Sharaa’s bewind tot een definitieve overeenstemming moeten komen met de door Koerden geleide autonome regio in het noordoosten, een gebied waar regeringssoldaten nu niks te vertellen hebben. Minister Marco Rubio (Buitenlandse Zaken) baarde deze week opzien toen hij zei dat er vaart moest worden gemaakt, omdat het regime van Sharaa binnen een tijdsbestek van ‘weken’ zou kunnen instorten. En dat zou kunnen leiden tot een ‘burgeroorlog van epische proporties.’ Waar Rubio dat doemscenario op baseerde, was onduidelijk.

‘Een Amerikaanse sanctievrijstelling van zes maanden, waar nu sprake van is, biedt bedrijven geen zekerheid’, zegt Julien Barnes-Dacey, als Syrië-analist verbonden aan de European Council on Foreign Relations (ECFR). ‘Alleen uit de Golfstaten vallen er dan investeringen te verwachten.’ In totaal is er volgens een schatting van de Wereldbank 220 miljard euro nodig voor de wederopbouw in Syrië.

Met name op de elektriciteitsmarkt zouden Europese bedrijven op termijn het verschil kunnen maken, denkt Barnes-Dacey. Hij noemt de Duitse energiegigant Siemens en het Italiaanse Ansaldo, twee bedrijven met een verleden in Syrië. ‘In Syrië is een schreeuwende behoefte aan betere stroomvoorzieningen. Burgers hebben nu twee à drie uur stroom per dag. Daar kleeft ook een veiligheidsaspect aan. Functionerende straatverlichting kan de veiligheid gelijk vergroten.’

Bekend is ook dat EU-landen met Damascus willen samenwerken op het gebied van contraterrorisme en migratie. De bedoeling is dat op den duur Syrische asielzoekers kunnen worden teruggestuurd, mochten zij in eigen land geen gevaar meer lopen. Duitsland, Frankrijk en Italië hebben hun ambassades in Syrië heropend. Nederland zal dat naar verwachting niet doen, onder meer omdat het te duur is. Vanwege bezuinigingen gaan de Nederlandse ambassades in Libië, Zuid-Soedan en Myanmar sluiten.

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next