is filmrecensent en schrijft een column over hedendaagse beeldcultuur.
In de rubriek Pics werpt filmrecensent Floortje Smit haar blik op de hedendaagse beeldcultuur. Deze week: Dogma leeft!
Hoe ziet de revolutie eruit? Vijf Deense regisseurs met twee A4’tjes in de handen, zo bleek onlangs in Cannes. ‘Een culturele opstand’ noemden ze het, maar het zag er – ondanks de trotse en strijdvaardige blikken – tamelijk tam uit.
Toch is Dogma 25, de beweging die ze zo lanceerden, wel revolutionair. ‘In een wereld waarin film gebaseerd is op algoritmes en kunstmatige visuele uitingen aan terrein winnen, is het onze missie op te komen voor het feilbare, het unieke en het menselijke’.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De ‘verdedigers van artistieke vrijheid’ onder aanvoering van May el-Toukhy (Queen of Hearts) stelden daarom tien fascinerende – of krankzinnige – regels voor zichzelf op. Zo moet het script met de hand geschreven zijn en mag er geen internet of e-mail worden gebruikt bij het creatieve proces.
Filmen op locatie, met gebruikte spullen. Geen make-up of ‘manipulatie van gezichten en lichamen’. En binnen een jaar klaar, alstublieft – lange processen zijn slecht voor de ‘creatieve flow’. Geldschieters mogen zich op geen enkele manier met het resultaat bemoeien. Onmogelijk? Er ligt al 1,3 miljoen euro per film klaar voor de eerste vijf.
Natuurlijk refereert dit aan dat ándere Deense zelfkastijdingsmanifest, Dogma 95. Dertig jaar geleden legden Lars von Trier en Thomas Vinterberg daarin een cinematografische ‘gelofte van kuisheid’ af – alleen handheld camerawerk, bijvoorbeeld, alleen werken met natuurlijk licht en geluid. Hoe serieus het was? Die rigide regels waren in dertig minuten schaterlachend opgeschreven, bekende Vinterberg in de Britse krant The Guardian, maar ‘met Lars weet je nooit of iets een grap is’.
Het leverde een paar iconische films op. Zonder de Dogma-regels geen Festen, bijvoorbeeld. Of, nou ja, Vinterberg had op de set wel een handdoekje voor het raam gehangen om de lichtinval te manipuleren. Hij bleek niet de enige ketter. ‘We moeten concluderen dat de ware Dogma-film nooit gemaakt is’, stelde Von Trier in een documentaire uit 2002 vrolijk (voor zijn doen).
Geeft ook niet. De bedoeling was: via beperkingen de creativiteit kietelen. Regisseurs – ook degenen die het destijds in de Filmkrant ‘borrelpraat’ noemden – laten nadenken over wat authentieke cinema in essentie voor hen is. Dat bleek heel invloedrijk.
Zo moet je dat nieuwe manifest ook zien. Als geestig spelletje met een bloedserieuze ondertoon: ‘We strijden tegen de krachten die filmkunst willen reduceren tot ultra-bewerkte consumptiewaar’.
Terug naar de handgeschreven basis, naar creëren puur vanuit jezelf, zonder invloeden van buitenaf, zonder na te denken over het bereiken van een publiek, kansen op internationale filmfestivals of de manier waarop je iets in de markt moet zetten.
Dat het lanceren van zo’n prikkelende beweging als deze die laatste dingen al automatisch voor elkaar krijgt, weten die slimme Denen natuurlijk heus wel.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns