Home

Nog altijd tienduizenden vermisten uit Assad-tijd: onder Syriërs slaat het verdriet om in woede

Tienduizenden Syriërs zijn onder dictator Assad verdwenen, vermoedelijk in massagraven. Hun families willen dat er naar hen wordt gezocht, maar is de Syrische overgangsregering daartoe bereid? ‘Als er niets gebeurt, gaan mensen het recht in eigen hand nemen.’

is correspondent Midden-Oosten van de Volkskrant. Voor deze reportage reisde hij naar Damascus.

Het Martelarenplein in hartje Damascus behoort toe aan de taxi’s, de duiven en het lawaai van alledag. Niet te missen is de enorme zuil, grauw van de uitlaatgassen, die tot voor kort volhing met aangeplakte briefjes, steevast voorzien van een korrelige foto. Mohammed, vermist sinds 2013. Yassin, vermist sinds 2015. Stuk voor stuk mannen die verdwenen in de Assad-tijd. Ieder briefje was een schreeuw van de nabestaanden.

Eerder dit jaar werd de zuil door de Syrische vrijwilligersorganisatie Witte Helmen schoongespoten. Weg briefjes. Het was per ongeluk gebeurd, zei de directeur van de Witte Helmen, en hij had zijn verontschuldigingen aangeboden. Toch leek de schoonmaakactie, gewild of niet, óók een boodschap aan de families: het leven gaat verder, ook na de ruim vijftig jaar onderdrukking van de Assad-dynastie, en de vermisten, tja, die kunnen als dood worden beschouwd.

Voor duizenden Syriërs, smachtend naar een snipper informatie, is dat een hard gelag. Uit Assads folterkelders zijn weliswaar 24 duizend mensen vrijgelaten, maar hoe zit het met de rest? Van zo’n 177 duizend mensen, becijferde het Syrische Netwerk voor Mensenrechten (SNHR), loopt het spoor dood. Vermoedelijk zijn hun lichamen in massagraven beland. En het werkelijke aantal is mogelijk nog hoger.

Pikzwarte getuigenissen

Sommige nabestaanden laten het er niet bij zitten en verzamelen zich om verhalen te delen. Bijvoorbeeld in de zuidelijke volkswijk Jaramana, waar lotgenoten elkaar treffen in een buurthuis. Ze zijn bij elkaar gebracht door een handvol organisaties die ijveren voor waarheidsvinding. Er gaat koffie en thee rond, terwijl Syriërs van drie verschillende generaties pikzwarte getuigenissen delen.

Een vrouw uit de opstandige wijk Ghouta vertelt over haar man die werd gezocht door het regime-Assad. Toen de politie op een dag aanklopte en naar hem vroeg, probeerde ze hen met een leugen af te wimpelen. Maar haar 10-jarige zoontje zei met de eerlijkheid van een kind: ‘Papa is aan het werk in de kapperszaak.’ De politie arresteerde de man en zadelde de zoon voor het leven op met een schuldgevoel. Zijn vader is opgelost in het niets. Een vrouw die heeft meegeluisterd, begint aan de rand van de tafel geluidloos te huilen.

Familieleden krijgen hier een luisterend oor, maar bij de regering van de 42-jarige interim-president Ahmed al-Sharaa is dat geen vanzelfsprekendheid. Vooropgesteld: Sharaa zit er pas een half jaar en bezit geen toverstaf. De uitdagingen zijn immens. Iedereen in Syrië voelt aan dat er geen wonderen verwacht kunnen worden van een regering die een verwoest land erft.

Identificatie van de lichamen duurt lang

Toch klinkt er vanuit het maatschappelijk middenveld kritiek. ‘Er worden geen serieuze stappen gezet om vermisten op te sporen’, zegt Fadel Abdul Ghany, hoofd van het SNHR. Sharaas overgangsregering heeft beloofd een comité te vormen dat de zoektocht gaat coördineren, maar daarvoor ontbreekt nu de wettelijke basis. En eigenlijk gaat het om meer dan alleen de vermisten, zegt Abdul Ghany. Er zijn ook de andere aspecten van wat in jargon transitional justice heet: berechting van daders, waarheidsvinding en genoegdoening voor slachtoffers.

Het dreigt een proces van jaren te worden, zo niet decennia. Om lichamen te identificeren, moet er op grote schaal DNA worden afgenomen. Er moeten miljoenen worden vrijgemaakt, databanken opgesteld, wetten geformuleerd, forensisch antropologen opgeleid. Ter vergelijking: de oorlogen in voormalig Joegoslavië in de jaren negentig leverden een vijfde van het aantal Syrische vermisten op, en daar loopt de zoektocht nog altijd.

‘Dit wordt een immens proces’, beaamt Kathryne Bomberger van de in Den Haag gevestigde International Commission for Missing Persons (ICMP), een organisatie met een schat aan ervaring in Irak, de Balkan en Oekraïne. Bomberger reisde naar Damascus en sprak met Sharaas rechterhand, minister Asaad al-Shibani (Buitenlandse Zaken). ‘De regering is overweldigd door alles wat er op hen afkomt’, zegt ze telefonisch. ‘Ik denk dat dit een prioriteit voor ze is, maar ik weet niet of het de hoogste is. Ze hebben een waslijst aan uitdagingen.’

Bloedige erfenis van Assad

Aan tafel gaat verdriet over in woede. Als het zo doorgaat, suggereert Fawzi al-Hamada (66), gaan mensen het recht in eigen hand nemen. Zijn ogen priemen boven een omlaag geschoven bril. Het klinkt als een dreigement, en dat is het ook. Fawzi is de broer van activist Mazen al-Hamada, de man die ooit in Hillegom belandde en die door het regime-Assad onder valse voorwendselen werd teruggelokt naar Damascus, waar hij werd gemarteld en gedood.

Na afloop van het samenzijn, als de nabestaanden naar buiten wandelen, licht broer Fawzi toe wat hij bedoelt. Voor de duidelijkheid: Mazen behoort niet tot de vermisten – zijn toegetakelde lichaam werd in december in de beruchte Sednayagevangenis gevonden. De zaak illustreert niettemin dat het uitblijven van gerechtigheid een prijs zal hebben. Andere Syriërs zien dat ook zo. Als de regering de bloedige erfenis van Assad laat verslonzen, zeggen ze, komen er meer willekeurige moordpartijen zoals die op de alawieten in maart.

Fawzi slalomt tussen de auto’s. Op basis van getuigenissen van celgenoten meent de familie te weten door wie Mazen is gedood. ‘We wachten tot de regering iets met die informatie gaat doen’, zegt hij stug. En zo niet? ‘In onze cultuur is het toegestaan een moord te wreken. Ik ga dat niet doen, maar ik zal mijn familieleden niet tegenhouden als ze het willen doen.’

Terwijl de oproep tot het avondgebed door de wijk schalt, verzamelen de nabestaanden zich in een park voor de slotakte van hun protest. Camera’s klikken. Ze houden foto’s omhoog van hun geliefden, in de hoop dat ze niet vergeten worden. Meer dan dat kunnen ze nu niet doen.

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next