Home

De internationale kritiek op Israël zwelt aan: hoe kijkt de wereld naar de oorlog in Gaza?

Gaza-oorlog In Europa en de VS, traditioneel bondgenoten van Israël, groeit de kritiek op de regering-Netanyahu wegens het aanhoudende geweld in Gaza. Zo kijken landen over de hele wereld naar het Israël-Palestina conflict. Waar kantelt het perspectief nog meer?

Europa

NederlandEen ‘streep in het zand’

Sinds het ontstaan van de staat Israël in 1948 heeft Nederland een sterke band met het land. Er was grote steun voor Israël tijdens de Zesdaagse Oorlog (1967) en de Jom Kipoeroorlog (1973). Opeenvolgende regeringen hebben het recht op zelfverdediging van Israël benadrukt. Dat gebeurde ook na de aanval van Hamas op 7 oktober 2023, die naar schatting 1.200 Israëlische burgers het leven kostte en voor Israël aanleiding vormde voor de oorlog in Gaza.

Ondanks maatschappelijk protest tegen de Israëlische bombardementen in Gaza, die tienduizenden doden eisten, weigerde de Nederlandse regering stelselmatig afstand te nemen van Israël. Minister van Buitenlandse Zaken Caspar Veldkamp (NSC) zei steeds dat publieke veroordelingen minder effectief zouden zijn dan het achter de schermen aanspreken van de regering van premier Benjamin Netanyahu op mensenrechtenschendingen.

Daar kwam twee weken geleden verandering in, toen Veldkamp bekendmaakte in Europees verband te zullen pleiten voor een onderzoek naar de vraag of Israël nog wel voldoet aan de voorwaarden voor economische en politieke samenwerking met de EU. PVV-leider Geert Wilders was woedend.

De voorzichtige draai van Veldkamp, die leidde tot een onderzoek van de Europese Unie naar Israël, was niet genoeg voor de 100.000 mensen die zondag in Den Haag demonstreerden tegen het Israëlbeleid van het kabinet. De demonstratie – de grootste demonstratie in Nederland in twintig jaar – toont dat het verzet tegen Israëlisch geweld in Gaza groeit. De demonstranten vonden dat Nederland een veel duidelijker „rode lijn” moet trekken tegen Israël dan de „streep in het zand” die Veldkamp naar eigen zeggen trok.

BelgiëPopulair voor Palestijnse asielaanvragen

In de nacht van maandag op dinsdag bereikte de Belgische regering consensus over een standpunt inzake het geweld in Gaza. De regering besloot onder meer het voorstel van Veldkamp voor een onderzoek naar Israël te steunen.

„Persoonlijk ben ik van mening dat de schending van de mensenrechten buiten kijf staat, maar de regering wil in dit stadium niet vooruitlopen op de conclusies van de analyse van de Commissie”, reageerde minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot dinsdag.

Sancties tegen Israëlische politici gaan België te ver, maar de Belgische regering pleit wel voor Europese sancties tegen leden van Hamas én Israëlische kolonisten. Ook blijft België vasthouden aan de tweestatenoplossing – de voorgestelde oplossing van het Israël-Palestinaconflict door twee onafhankelijke staten te erkennen.

Waar België zich na de aanslag van Hamas op 7 oktober 2023 al snel schaarde bij landen die zich kritisch uitspraken over het Israëlische optreden in Gaza – voormalig premier Alexander De Croo stuurde samen met Spanje, Ierland en Malta een ‘alarmerende brief’ naar de Europese Raad vanwege de „hachelijke humanitaire situatie” in Gaza – verhardde het politiek debat na het aantreden van de nieuwe, overwegend rechtse regering-De Wever. Minister van Defensie Theo Francken haalde deze week nog het nieuws met de uitspraken „Gaza, Gaza, Gaza heel de dag in elk nieuwsbulletin” en „alsof Gaza het grootste probleem is in ons land”.

België zet zich in voor humanitaire actie en onderzoekt of het zieke en gewonde kinderen uit Gaza kan evacueren. Tegelijkertijd pleit de regering voor vrijlating van de gijzelaars die nog in handen zijn van Hamas. En België is het populairste EU-land als het gaat om Palestijnse asielaanvragen.

DuitslandDiepste loyaliteit

Vanwege het Holocaustverleden is Duitsland het Europese land met de diepste loyaliteit aan Israël. De „bescherming van Israël” na een toespraak van bondskanselier Angela Merkel in de Knesset in 2008, deel uit van de Staatsräson, wat aangeeft dat de verdediging van Israël van fundamenteel belang is voor Duitsland. Opeenvolgende regeringen onderschreven dit, ook de nieuwe coalitie.

Vooral vanwege het verleden komt kritiek op Israël of steun aan Palestina mensen in Duitsland al snel op een beschuldiging van antisemitisme te staan. Uit een recente rondgang van NRC onder activisten, politici en academici in Duitsland komt het beeld naar voren van een land dat kritiek op Israël en solidariteit met Palestina criminaliseert. Demonstraties worden doorgaans snel ontbonden. Het scanderen van de leuze From the river to sea, Palestine will be free is verboden, anders dan in veel andere Europese landen. Ondanks het arrestatiebevel van het Internationaal Strafhof is premier Netanyahu welkom in Duitsland, zei bondskanselier Friedrich Merz.

De regering begint zich wel kritischer uit te laten. Zo riep Duitsland samen met Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk Israël een maand geleden op noodhulp toe te staan, afgelopen weekend stelde het ministerie van Buitenlandse Zaken „ernstig bezorgd” te zijn over het nieuwe offensief. Duitsers zijn ook van mening veranderd: in 2021 had 46 procent een positieve mening over Israël, op dit moment is dat 36 procent, aldus een onderzoek van de Bertelsman Stiftung van eerder deze maand.

Verenigd Koninkrijk en IerlandKritischere houding

Het Verenigd Koninkrijk volgde van oudsher de Amerikaanse pro-Israëlische opstelling, maar neemt door de aanhoudende gewelddadigheden van Israël in Gaza langzaam een kritischer houding aan. Dinsdag legde minister van Buitenlandse Zaken David Lammy (Labour) de gesprekken over een vrijhandelsverdrag met Israël stil en kondigde hij nieuwe sancties aan tegen kolonisten op de Westelijke Jordaanoever. Dit was de concrete invulling van een waarschuwing die de Britse, Franse en Canadese regeringen maandag aan premier Netanyahu overbrachten: hij moet het nieuwe militaire offensief stoppen en meer noodhulp in Gaza toelaten.

Toch gaat de kentering in de Britse houding critici lang niet snel genoeg. In Londen zijn bijna elke week pro-Palestijnse demonstraties, waar de regering wordt opgeroepen om te erkennen dat er genocide plaatsvindt in Gaza en alle vergunningen voor wapenexport naar Israël in te trekken. Zulke export gebeurt nog steeds, al schortte de Labour-regering vorig jaar tientallen vergunningen op vanwege het risico dat daar mensenrechten mee geschonden werden. Er loopt een rechtszaak om die opschorting uit te breiden, zodat ook reserveonderdelen van F-35-vliegtuigen niet meer uitgevoerd mogen worden.

Voor Ierland geldt een heel ander verhaal. Door hun eigen koloniale verleden – Ierland werd pas in 1921 onafhankelijk van het VK – voelen de meeste Ieren sympathie voor Palestijnen. Internationaal komt de Ierse regering sterk voor hen op. Vorig jaar erkende Dublin Palestina als officiële staat. Ierland steunt ook de aanklacht van Zuid-Afrika tegen Israël bij het Internationaal Gerechtshof in Den Haag.

FrankrijkFerme uitspraken

In Parijs klinkt de ene na de andere ferme uitspraak over Netanyahu’s vernietigingsdrang. Vorige week noemde president Emmanuel Macron in een veelbekeken tv-interview Netanyahu’s acties in Gaza une honte, iets om je diep voor te schamen. Ook is de discussie over het opzeggen van samenwerkingsverbanden tussen de EU en Israël wat hem betreft geopend.

Nadat Netanyahu maandag aankondigde heel Gaza te willen innemen, reageerde Frankrijk weer fel in een verklaring met de Canadese en Britse premiers. „Wij zullen niet toekijken terwijl (…) Netanyahu deze schandalige acties voortzet.”

Het past in de steeds strengere toon die Macron aanneemt. Na de Hamas-aanslagen op 7 oktober 2023 toonde de president zich begripvol tegenover Netanyahu’s voornemen de strijd tegen de terreurgroep te beginnen. Maar al binnen enkele wekenriep hij op tot een staakt-het-vuren omdat „baby’s, vrouwen, ouderen [werden] gebombardeerd”. Dit soort veroordelingen bleef Macron herhalen, afgelopen april zei hij te overwegen de Palestijnse staat te erkennen.

Macron roept ook consequent op tot het vrijlaten van de gijzelaars en hij veroordeelt altijd de Hamas-aanvallen. Woorden als genocide gebruikt hij niet – „dat is aan historici om vast te stellen”. Zo poogt hij boven het conflict te staan en niet álle bruggen met Israël te verbranden. Want het is ook een partner: Frankrijk handelde vorig jaar voor ruim 3 miljard euro met Israël en verkoopt ook militair materieel. Het betreft volgens het ministerie van Defensie geen wapens die in Gaza worden gebruikt – wat door mensenrechtenorganisaties wordt betwijfeld.

Bij deze balanceeract speelt mee dat Frankrijk een historische schuld voelt door de bijna 80.000 Franse Joden die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn vermoord – Netanyahu wijst er graag op als hij kritiek ontvangt uit Parijs. Maar Frankrijk heeft óók historische banden met pro-Palestijnse Arabische landen, van oud-koloniën als Algerije en Senegal tot Libanon en Syrië, die het tijdelijk bestuurde als mandaatgebieden.

Italië‘Basta, het is genoeg’

„Tegen de Israëlische regering moeten we zeggen: basta, het is genoeg.” Antonio Tajani, de Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken, maakte op 17 mei zonder omwegen duidelijk wat hij ervan dacht.

Ook de radicaal-rechtse premier Giorgia Meloni sprak afgelopen zaterdag klare taal: „Juist omdat wij vrienden van Israël zijn, kunnen wij nu niet onverschillig blijven.” Italië ziet „geen toekomst” voor Hamas in Gaza, maar gelooft nog steeds in „twee staten voor twee naburige volkeren” – een optie die Israël duidelijk niet langer nastreeft.

Italië en Israël zijn bondgenoten, maar de relatie staat zwaar onder druk. Onlangs omschreef Meloni de situatie in Gaza als „steeds dramatischer en niet te verantwoorden”. De premier zei ook dat Italië „heel wat keuzes van de Israëlische regering niet steunt”.

Die felle taal is opmerkelijk. Na de Hamas-aanval ging Meloni als een van de eerste buitenlandse leiders naar Israël om haar steun te betuigen. Tegelijk bevroor Italië na 7 oktober nieuwe wapenleveringen aan Israël. Na de Verenigde Staten en Duitsland (samen goed voor 99 procent van Israëls wapenimport) is Italië de grootste exporteur, zij het met een veel kleiner aandeel (0,9 procent).

Na Israëlische aanvallen op de VN-doelwitten in Libanon, in oktober vorig jaar, was de Italiaanse regeringsleider al zeer kritisch op Israël. De aanvallen brachten ook Italiaanse blauwhelmen in gevaar. De toenemende kritiek van de regering-Meloni heeft ook te maken met de groeiende solidariteit in Italië met het Palestijnse volk.

SpanjeLuidere steun voor Palestijnen

Spanje steunde de Palestijnen altijd al, en sinds de aanvallen op Gaza na 7 oktober is die steun luider. Op veel Spaanse balkonnetjes wappert de Palestijnse vlag en een demonstratie uit solidariteit met de Gazanen trekt makkelijk tienduizenden sympathisanten. Vorig jaar liepen afgevaardigden van de regering mee in een protestmars waar bordjes omhoog werden gehouden met leuzen als „stop de massaslachting” en „stop de genocide in Palestina”. In mei 2024 erkende Spanje Palestina als officiële staat en inmiddels steunt 78 procent van de Spanjaarden een tweestatenoplossing.

Vorige week trok Spanje de aandacht toen premier Pedro Sánchez Israël tijdens een parlementair debat een „genocidale staat” noemde. Het was de eerste keer dat Sánchez zulke expliciete bewoordingen gebruikte. Het leidde tot een diplomatieke dieptepunt met Israël, dat de Spaanse ambassadeur in Tel Aviv op het matje riep. Israël beschuldigt de regering van Sánchez van „het steunen van terrorisme”.

De rel nam in omvang toe toen Sánchez maandag zei dat Israël niet mee zou moeten doen aan culturele evenementen als het Eurovisiesongfestival, om „dubbele standaarden te voorkomen”, verwijzend naar de uitsluiting van Rusland.

Maar wat de Spaanse regering roept, is voor de bevolking nog lang niet genoeg. Het land levert nog altijd wapens aan Israël en dus vinden velen premier Sánchez hypocriet. Dinsdagavond eisten demonstranten voor het Congres in Madrid een wapenembargo. Een coalitiepartij heeft een wetsvoorstel ingediend om wapenhandel met Israël te verbieden, regeringspartij PSOE zegt dit wetsvoorstel te steunen.

Terwijl Europese partners voorzichtig blijven, zoekt Sánchez steun elders. Zo was hij als enige westerse leider aanwezig op de top van de Arabische Liga. Daar riep hij andere EU-landen op tot erkenning van Palestina: „Palestina bloedt voor onze ogen. We moeten de humanitaire crisis stoppen en vrede bevorderen.”

Oost-EuropaOekraïne belangrijker dan Gaza

Landen in Midden- en Oost-Europa en de Balkan verschillen onderling enorm in hun houding tegenover Israël. Al is er een gemene deler: de oorlog in Oekraïne overstemt die in Gaza.

Slovenië, met zo’n twee miljoen inwoners, is in dit deel van Europa het meest uitgesproken land. Met Ierland, Malta, Spanje, IJsland, Luxemburg en Noorwegen sprak Slovenië zich vorige week in klare taal uit over Israëls oorlogsvoering. Slovenië wil dat Israël stopt met verdere militaire operaties en de hulpblokkade onmiddellijk opheft. Het land veroordeelt ook het toenemende kolonistengeweld op de Westelijke Jordaanoever.

Die kritische positie van Slovenië staat in schril contract met die van buurland Kroatië. Dat land was tijdens de Tweede Wereldoorlog een vazalstaat van nazi-Duitsland. Alle kritiek op Israël wordt – net als in Duitsland – gezien als antisemitisch. Ook erkent Kroatië als een van de weinige landen in deze regio de Palestijnse staat niet.

Hongarije is de grootste Europese vriend van Israël. Premier Viktor Orbán verbood al snel alle pro-Palestina demonstraties, die hij als „terroristisch” bestempelde, en stapte uit het Internationaal Strafhof. Bovendien negeerde hij het arrestatiebevel voor de Israëlische premier. In april maakte Netanyahu een vierdaags bezoek aan het „bevriende” land.

En dan is er nog Polen, dat diplomatieke kritiek heeft op Israël, maar waar de publieke aandacht voor Gaza volledig wordt overstemd door de oorlog in Oekraïne. Tsjechië steunt Israël door dik en dun vanwege de diepgewortelde Joodse geschiedenis in het land.

Exemplarisch voor de verdeeldheid in de regio is Bosnië en Herzegovina – dat bestaat uit drie etnische groepen met eigen regio’s en besturen. Die verdeeldheid is zichtbaar in Mostar: in het ene deel van de stad hing de Israëlische vlag op overheidsgebouwen, terwijl aan de andere kant van de rivier de Palestijnse vlag wapperde.

Rusland‘Westerse hypocrisie’

Voor de Russische regering vormt de oorlog in het Midden-Oosten een uitgelezen kans om de westerse hypocrisie ten aanzien van internationale conflicten aan de kaak te stellen en tegelijk de eigen oorlog tegen Oekraïne te rechtvaardigen.

De harde bewoordingen waarmee de Russische regering de Israëlische misdaden veroordeelt vallen bij een deel van de critici van Israël en het Westen in goede aarde. „Wat er gebeurt in Gaza lijkt niet op een oorlog. Het is meer een totale vernietiging van de burgerbevolking”, sprak Poetin in juni 2024. Poetins hypocrisie is daarbij moeilijk te negeren. Terwijl Poetin het Israëlische geweld tegen Palestijnse kinderen onverteerbaar noemt, laat hij buiten beschouwing dat Rusland zelf al drie jaar oorlogsmisdaden begaat tegen Oekraïense burgers en kinderen.

Bovendien verspreidt de Russische propagandamachine geruchten, zoals dat het Oekraïense „nazi-regime” stiekem wapens zou leveren aan Hamas. En dat terwijl Rusland zélf diplomatieke betrekkingen onderhoudt met de politieke vleugel van de organisatie. Ook benadrukt het Kremlin graag dat Israëls oorlog in Gaza het failliet van de Amerikaanse hegemonie bewijst, die verruild moet worden voor een multipolaire wereldorde.

De Russische opstelling heeft de goede relatie met Israël, waar een grote Russische minderheid woont, bekoeld. Toch lijken Netanyahu en Poetin elkaar altijd weer te vinden. Begin mei spraken de twee leiders na lange tijd weer telefonisch, naar aanleiding van de tachtigjarige herdenking van de Tweede Wereldoorlog. Toch was het de Palestijnse president Mahmoud Abbas die de herdenking in Moskou bijwoonde.

Azië en Pacific

ChinaSympathie voor de Palestijnen, in woord

„Het optreden van Israël gaat verder dan zelfverdediging en het moet goed luisteren naar oproepen van de internationale gemeenschap en de secretaris-generaal van de VN om het collectief straffen van de bevolking van Gaza te stoppen”, zei de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi een week na 7 oktober.

Dat standpunt is sindsdien weinig veranderd. Tijdens de dagelijkse persconferenties van het ministerie van Buitenlandse Zaken herhalen woordvoerders consequent hun vaste antwoorden op vragen over de oorlog en de vele burgerslachtoffers: China dringt aan op een staakt-het-vuren, verlichting van de humanitaire nood en een tweestatenoplossing.

China heeft, als zelfbenoemd pleitbezorger van het mondiale Zuiden, altijd al meer sympathie gehad voor de Palestijnse zaak dan veel westerse landen. Volgens Beijing legt de oorlog in Gaza bovendien de kwalijke en hypocriete rol van de Verenigde Staten bloot: Washington blokkeerde veel VN-resoluties tegen het Israëlische geweld, terwijl het „schaamteloze leugens” verspreidt over de mensenrechtensituatie in Xinjiang, aldus een opiniestuk in de Chinese partijkrant Global Times vorig jaar.

China heeft dit standpunt nog niet omgezet in daden. Hoewel Beijing graag een „stabiliserende macht en verdediger van wereldvrede” wil zijn, zoals buitenlandminister Wang in maart herhaalde, is van Chinese diplomatieke initiatieven in het conflict niet veel terechtgekomen.

India‘Holle’ steun

Direct na 7 oktober betuigde de Indiase premier Narendra Modi via X zijn solidariteit met Israël. Volgens analisten toonde het bericht hoe Modi zijn relatie met Netanyahu ziet, en de verandering van India’s houding tegenover de Palestijnse zaak.

Het eigen koloniale verleden indachtig zag India de Palestijnen als een bezet volk, en konden ze voorheen op veel steun rekenen. Sinds de jaren negentig werd de band met Israël stevig, zeker nadat Modi in 2014 aan de macht kwam. Als hindoenationalist zag hij overeenkomsten met Netanyahu’s religieuze nationalisme. Inmiddels behelst de relatie de uitwisseling van inlichtingen, wapenhandel en een gezamenlijke strijd tegen veronderstelde islamitische dreiging.

Voor India speelt de positie van de grote moslimminderheid (ruim 200 miljoen) een rol. Voor hen is de Palestijnse kwestie een religieuze zaak. Tussen hindoes en moslims in India is de kloof gegroeid. In meerdere deelstaten werden de afgelopen jaren pro-Palestijnse protesten en kritische socialmediagebruikers onderdrukt – om onlusten te voorkomen, aldus de autoriteiten.

In een opiniestuk sprak de bekende sociale activist Harsh Mander schande van India’s stilte over Israëls acties en de verkoop van wapens. Hij beklaagt zich ook over de aanhangers van Modi’s hindoenationalisme, die „niet alleen de oorlog van Israël in Gaza hebben gesteund, maar ook vrolijk hebben bijgedragen aan de haat en neppropaganda tegen het verwoeste Palestijnse volk.”

Formeel is de Indiase diplomatieke steun voor een tweetstatenoplossing niet veranderd. Volgens critici zijn New Delhi’s verklaringen daarover nu „hol”.

IndonesiëAl jaren voor een Palestijnse staat

Al voor de aanvallen op Gaza onderhield Indonesië geen diplomatieke banden met Israël. Dat wil het pas overwegen als er ook een onafhankelijke Palestijnse staat bestaat. Hetzelfde geldt voor het eveneens islamitische Maleisië. In Jakarta zijn geregeld solidariteitsbetogingen voor Gaza.

Naast de religieuze verwantschap voelt Indonesië veel betrokkenheid met de Palestijnen vanwege de eigen geschiedenis van onderdrukking door Nederland. Het financierde de bouw van een ziekenhuis in het noorden van Gaza, dat nu al enige tijd niet meer kan functioneren door bombardementen en stuurde hulpgoederen. Binnen de VN ijvert Indonesië al sinds 2012 zonder succes voor een volwaardig lidmaatschap voor de Palestijnen.

De Indonesische president Prabowo Subianto maakte eerder bekend duizend Gazanen te willen opvangen in Indonesië. Op dat plan kwam kritiek omdat het Amerikaanse plannen zou faciliteren om alle Palestijnen uit Gaza te verdrijven. De Amerikaanse speciaal gezant voor het Midden Oosten, Steve Witkoff, noemde Indonesië expliciet als één van de landen waar Gazanen geherhuisvest zouden kunnen worden als onderdeel van het Amerikaanse plan. De minister van Buitenlandse Zaken van Indonesië heeft de Amerikaanse plannen om Gazanen te verdrijven uit Gaza sterk veroordeeld.

Australië en Pacifische eilandenGeen eensgezindheid

De Australische regering vindt dat Israël het recht heeft om zich te verdedigen, al stelt de premier dat het „wel uitmaakt hoe het land dat doet”. Premier Albanese schuwt harde veroordelingen en sancties, mogelijk om de VS, Australië’s belangrijkste bondgenoot, niet voor het hoofd te stoten.

De toon is de afgelopen maanden wel enigszins veranderd. Australië stemde in december vorig jaar voor een VN-resolutie die Israël oproept om zo snel mogelijk een einde te maken aan de bezetting van Palestijnse gebieden. Ook sloot het land zich onlangs aan bij een oproep om direct humanitaire hulp toe te laten in Gaza.

In veel Pacifische eilanden is de steun voor Israël onverminderd groot. Zes Pacifische eilandstaten, waaronder Tonga, de Marshalleilanden en Micronesië, kozen de kant van Israël en de Verenigde Staten bij de stemming in de Verenigde Naties over een onmiddellijk staakt-het-vuren. De brede steun heeft te maken met de diepe religieuze banden die de eilandstaten hebben met Israël. Ruim negentig procent van de bevolking van landen in de Stille Oceaan is christen. In de regio worden Israël en het jodendom gezien als de heilige fundamenten van hun christelijke geloof.

Afrika

SenegalHerkenning in koloniaal verleden

Zuid-Afrika speelt sinds de nasleep van 7 oktober een leidende rol in het Afrikaanse verzet tegen het Israëlische geweld in Gaza met zijn genocide-zaak voor het Internationaal Gerechtshof. Maar de steun voor de Palestijnen is wijdverbreid op het continent. Zo ook in Senegal, een land dat zich historisch sterk verbonden voelt met de Palestijnen. Meer nog dan geloof – ruim 95 procent van de Senegalezen is moslim – speelt mee dat de Senegalezen hun koloniale verleden terugzien in het lot van de Palestijnen.

Tekenend is de resolutie die Senegal in 2016 mede indiende bij de VN-Veiligheidsraad, waarin voor het eerst de Israëlische kolonisatie van de bezette gebieden werd veroordeeld. Dat was een voortzetting van de lijn van Senegals eerste president Léopold Sédar Senghor, na de onafhankelijkheid in 1960 één van de belangrijkste Afrikaanse voorvechters voor de Palestijnse zaak en een tweestatenoplossing. Jaren later was Senegal één van de eerste Afrikaanse landen die de Palestijnse staat erkende: hun leider Yassar Arafat reisde rond op het continent met een Senegalees diplomatiek paspoort.

In de huidige escalatie is Senegals positie onveranderd. De regering spreekt zich regelmatig uit tegen het genocidale geweld in Gaza en de bezetting van de Westelijke Jordaanoever. Premier Ousmane Sonko liep afgelopen zomer mee in één van de vele solidariteitsmarsen in Dakar voor de Palestijnen.

Sinds begin dit jaar vormt Senegal met negen andere landen uit het mondiale Zuiden de The Hague Group: als blok willen zij Israëlische schendingen van het internationaal recht aanvechten.

KeniaIsraël als bondgenoot

Met Oeganda en Rwanda is Kenia vermoedelijk de meest pro-Israëlische staat van Afrika. De Keniaanse regering van president William Ruto heeft net als haar voorgangers Israël consequent gesteund. Maar onder de Kenianen, van wie zeker een kwart moslim is met sterke historische banden met het Midden-Oosten, bestaat affiniteit voor de Palestijnse zaak.

Om die reden, en omdat het Keniaanse standpunt uit de toon valt op het continent, matigde de regering haar standpunt. Na de aanval van Hamas op 7 oktober heeft Kenia Israëls militaire acties gesteund als legitieme zelfverdediging, en het stemde tegen resoluties die Israël veroordeelden. Maar nu roept Kenia ook op tot een staakt-het-vuren in Gaza en toegang tot voedselhulp.

Kenia en Israël onderhouden sterke economische banden en werken samen op veiligheidsgebied. Vindt er een aanslag plaats, zoals in 2013 op het winkelcentrum Westgate in de hoofdstad Nairobi, dan zijn onmiddellijk Israëlische geheime agenten ter plaatse. In 1976 kreeg de Israëlische luchtmacht toestemming om vanuit Nairobi actie te ondernemen tegen Palestijnen die in Oeganda een Israëlisch vliegtuig hadden gekaapt.

De herinnering aan de Arabische slavenhandel voedt het wantrouwen tegen de Arabische wereld en daarmee de sympathie voor Israël. Ook speelt mee dat Israël in meerdere Afrikaanse hoofdsteden wordt gezien als een bondgenoot tegen Arabische en islamitische expansie op het continent.

Midden-Oosten

TurkijeHarde woorden

Turkije staat sinds het begin van de Israëlische bommenregen op Gaza pal achter de Palestijnen. Al na enkele weken beschuldigde president Erdogan Israël van genocide en eind 2023 oordeelde hij dat wat premier Netanyahu in Gaza aanrichtte „niet minder was dan wat Hitler had gedaan”. Hij prees Hamas als „een bevrijdingsorganisatie”. Turkse burgers betuigden herhaaldelijk hun solidariteit met de Palestijnen in massale demonstraties en nog steeds zijn er af en toe acties.

Achter de schermen opereert de regering een stuk voorzichtiger. Turkije heeft zijn diplomatieke betrekkingen met Israël niet verbroken. Het duurde tot mei 2024 voor Turkije zijn handel met Israël opschortte. En erg streng ziet het niet toe op naleving hiervan. Bedrijven omzeilen de opschorting volgens mediaberichten gemakkelijk. Ook gaan olieleveranties aan Israël vanuit Azerbeidzjan (bondgenoot van Turkije én Israël) via een Turkse pijpleiding door. Intussen staan Israël en Turkije nog scherper tegenover elkaar door de Turkse steun voor de nieuwe machthebbers in Syrië. Israël wantrouwt zowel de nieuwe leider Ahmed al-Sharaa als diens nauwe banden met Ankara.

Verenigde Arabische EmiratenToeristen uit Israël

Toen de Verenigde Arabische Emiraten in 2020 als onderdeel van de Abraham-akkoorden samen met Bahrein en Marokko de banden met Israël normaliseerden, noemde minister van Buitenlandse Zaken Abdullah bin Zayed dat het begin van een „stabielere, welvarendere en veiligere toekomst” van de regio. In de jaren erna groeide de handel tussen de twee landen explosief, van 11 miljoen dollar in 2019 naar ruim 3 miljard dollar in 2024. Jaarlijks gaan er inmiddels een miljoen Israëliërs naar de Golfstaat op vakantie. Die kunnen terecht bij koosjere restaurants in Dubai, één daarvan, Café Bibi, is zelfs vernoemd naar de Israëlische premier.

De VAE lopen niet te koop met deze cijfers. Het akkoord met Israël kwam de Emiraten op kritiek te staan uit de rest van de Arabische wereld. Die kritiek is sinds 7 oktober toegenomen. Ook binnen eigen land heerst er onvrede, alleen durven burgers zich daar zelden openlijk over uit te spreken. De regering zegt daarentegen de banden met Israël te benutten om onder meer aan te dringen op het toelaten van humanitaire hulp in Gaza. Hoewel het land zich feller uitspreekt tegen het Israëlisch geweld in Gaza, lijkt het niet bereid de betrekkingen met Israël op te geven.

De Amerika’s

Verenigde StatenProtest gesmoord

Nog fermer dan zijn voorganger Joe Biden heeft Trump zich achter de regering-Netanyahu geschaard. Hoewel Israël in zijn regionale ambities – zoals een militaire aanval op het atoomprogramma van Iran – niet altijd zijn zin krijgt, geeft hij zijn belangrijke bondgenoot carte blanche bij zijn oorlog tegen Hamas en de vernietiging (en beoogde inname) van Gaza.

En na de terugkeer van Trump in het Witte Huis is solidariteit betuigen met de Palestijnen een hachelijke zaak geworden in de VS. In zijn tweede week als president tekende hij een decreet met de naam ‘Aanvullende Maatregelen voor het Bestrijden van Antisemitisme’. Dit richt zich met name op universiteitscampussen. Justitie mag alle „legale en gepaste” middelen inzetten tegen veronderstelde jodenhaat, universiteiten moeten hierover rapporteren aan het Witte Huis, en voor vreemdelingen geldt dat ze op deze grond uitgezet kunnen worden.

Volgens critici zijn beide decreten zo ruim geformuleerd dat ze onvermijdelijk een „intimiderend effect” hebben op universiteiten. Van enkele instellingen is de federale financiering deels stopgezet, mede omdat ze niet streng genoeg zouden optreden tegen antisemitisme. En meerdere internationale studenten en academische stafleden zijn opgepakt en bedreigd met uitzetting wegens deelname aan de protestbeweging.

Trumps ‘antisemitismemaatregelen’ slagen er zo in het protest te smoren. Nadat in 2023 en 2024 veel betoogd werd tegen het Israëlische geweld in Gaza – waarbij soms inderdaad antisemitische incidenten plaatsvonden – is het dit voorjaar veel kalmer op campussen.

De aanpak lijkt grotendeels uit de koker te komen van The Heritage Foundation, beschreef The New York Times dit weekeind. Deze conservatieve denktank, die met Project 2025 al een gedetailleerde blauwdruk voor het beleid van Trump-II schreef, stelde kort na 7 oktober Project Esther op. Dit document bepleit om onder het mom van antisemitismebestrijding critici van Israël gelijk te stellen aan „feitelijke supporters van terreurnetwerken” en ze het land uit te zetten, te ontslaan, fondsen af te pakken en maatschappelijk verdacht te maken.

Ditzelfde mechanisme speelt ook op in de Democratische voorverkiezingen voor het burgemeesterschap van New York. De miljoenenstad, met ’s werelds grootste Joodse gemeenschap buiten Israël, kampt met een toename aan haatmisdrijven tegen Joden. Progressieve kandidaten krijgen van meer centristische rivalen het verwijt dat hun kritiek op Israël antisemitisme zou aanwakkeren.

Latijns-AmerikaKlassieke scheidslijn

Latijns-Amerika kent met de Braziliaanse president Lula da Silva, als leider van het machtigste en grootste land in de regio, een krachtig pleitbezorger van de Palestijnse zaak. Al in het eerste halfjaar van de Israëlische oorlog tegen Hamas signaleerde Lula – tot grote onvrede van de regering-Netanyahu – als een van de eerste zittende wereldleiders „genocide” op de Gazaanse bevolking. De centrum-linkse president schuwde een vergelijking met de Holocaust niet.

Meer linkse presidenten spraken zich al vroeg en ferm uit tegen het Israëlische geweld in Gaza. Veel Latijns-Amerikanen herkennen zich, als bewoners van een werelddeel dat eeuwenlang gekoloniseerd werd door Europese koninkrijken, in het lot van de Gazanen.

Naast deze historische parallel lopen er ook ideologische dwarsverbanden. Zo ziet de Colombiaanse president Gustavo Petro (zelf een linkse oud-guerrillero) Hamas bovenal als verzetsbeweging. Zijn regering verbrak de diplomatieke banden met Israël (al blijft het Colombiaanse leger deels afhankelijk van Israëlisch defensiemateriaal). Ook Mexico, Honduras, Bolivia en Chili (met de grootste Palestijnse diaspora buiten het Midden-Oosten) gelden met hun linkse regeringen als Israël-kritische landen.

Israël heeft ook enkele medestanders, van wie de Argentijnse president Javier Milei het grootste land vertegenwoordigt. De zelfverklaarde anarcho-kapitalist heeft naar eigen zeggen Joodse familiewortels ontdekt en zegt zich na zijn presidentschap te willen bekeren tot het jodendom. Milei citeert regelmatig de Thora en stuurde zijn „persoonlijke” rabbijn als ambassadeur naar Israël. Als dank voor zijn steun werd hij begin dit jaar vanuit Israël gelauwerd met de Genesis-prijs, ook wel de ‘Joodse Nobelprijs’ genoemd.

Ook de autoritaire Salvadoraanse president Nayib Bukele, zoon van christelijke Palestijnse immigranten, staat pal achter Israël. Hij flirt met het christen-zionisme en bekritiseerde Hamas als „woeste beesten die het Palestijnse volk niet vertegenwoordigen”. De Braziliaanse oud-president Jair Bolsonaro steunt Israël als evangelisch-christen eveneens uit religieuze motieven.

Bukele, Bolsonaro en Milei gelden bovendien als ideologische bondgenoten van de Amerikaanse president Trump. Daarmee is het Latijns-Amerikaanse continent in het Midden-Oosten-conflict ingedeeld langs klassieke lijnen: rechts is pro-Washington en pro-Israël, links houdt meer afstand van Trump en is kritisch op Israël.

Foto Andre Borges/EPA

Foto Andre Borges/EPA

Source: NRC

Previous

Next