schrijft voor de Volkskrant over literatuur, non-fictie en onderwijs.
Dat zal ze leren! Het moet afgelopen zijn met die peperdure leraren die zich via uitzendbureaus laten inhuren. Weet je wat, we spreken gewoon af dat we ermee stoppen, dachten Amsterdamse schoolbestuurders van het primair onderwijs. Om te beginnen met de uitzendkrachten via bureaus die profiteren van het lerarentekort, en zodra het kan ook met zzp’ers die de hoofdprijs vragen. Dan gaan ze heus wel in vaste dienst.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Zo maakte het Breed Bestuurlijk Overleg (BBO), waarin alle 230 basisscholen in Amsterdam zijn vertegenwoordigd, een kartelafspraak: allemaal tegelijk stoppen met externe inhuur van leraren en zodra het kan ook met zzp’ers. Hun argumenten klinken redelijk: er is nu ‘een scheve taakverdeling’ (externen kunnen klusjes weigeren), de wisselingen schaden de continuïteit en tijdelijke werknemers hebben minder binding met het team.
De miljoenen die naar de huur van externe leraren gaat, kunnen dan worden geïnvesteerd in beter onderwijs en begeleiding van leraren. En, zoals de Amsterdamse onderwijswethouder Marjolein Moorman zei: ‘Ieder kind verdient een vertrouwd gezicht voor de klas.’ Dat laatste is waar, maar door de vele parttimers en ziekmeldingen zijn meerdere gezichten voor kinderen al heel gewoon.
Gaat het helpen? BBO-bestuurslid Arie van Loon, in Het Parool, meent dat ‘goede leerkrachten graag de mooie uitdaging willen om in Amsterdam te werken en dus niet zomaar ergens op het platteland aan de slag willen als ze niet meer in Amsterdam geplaatst kunnen worden.’ Zou het? Ik vrees dat veel uitzendkrachten en zzp’ers helemaal geen bezwaar hebben tegen werken op een rustige basisschool op redelijke afstand van Amsterdam. In één zin zet deze bestuurder ‘het platteland’ weg als minderwaardig en flexibele leerkrachten als ‘niet goed’. Met die minachtende houding lok je geen mensen.
Meer geld leidt niet als bij toverslag tot beter onderwijs. Het is zelden vertoond dat extra onderwijsgeld gegarandeerd in de klas terechtkwam – zie de schandalige verdamping van NPO-geld, waarvan vooral bijlesbureaus rijker werden. Dat mocht wél. En geldt de Amsterdamse kartelafspraak ook voor de nog altijd ruim ingehuurde interim-managers, interim-bestuurders en onderwijsadviseurs? Nee hè? Als je als schoolbestuur bedrijfje speelt, accepteer dan ook dat werknemers in een krappe arbeidsmarkt eisen stellen en dat kartelafspraken niet mogen.
Het wordt hoog tijd dat de overheid de aanstellingen en salarissen weer in eigen hand houdt. Dwing scholen om eerst alles te doen om hun leraren te behouden en bied leraren langdurige baanzekerheid. Er is veel uitval onder nieuwe leraren en zij-instromers: na vijf jaar is 20 procent weer uit het onderwijs vertrokken, met als voornaamste reden de hoge werkdruk en het gebrek aan begeleiding. Schoolbesturen in Amsterdam komen jaar na jaar afspraken over aantallen zij-instromers niet na.
De uitval is in het voortgezet onderwijs het hoogst. Ondanks nijpende tekorten krijgen veel docenten geen vast contract; 23 procent had in 2023 een tijdelijk contract, van de eerstejaars leraren 94 procent. Besturen houden graag een ‘flexibele schil’, omdat het aantal brugklassers en leerlingen dat een examenvak kiest, wisselt. Dat mag wél. ‘Het is weer de periode van grafstemming in docententeams’, mailde een lezer mij; veel docenten verliezen hun baan. Als er een zieke is, moet er weer een externe docent worden ingehuurd.
Het inkomensperspectief voor de ongewild ‘flexibelen’ is slecht; ze blijven lang hangen in lagere salarisschalen. Zo bind je geen leraren aan een school. Geen wonder dat sommigen besluiten om op eigen voorwaarden flexibel te werken. Zzp’ers zijn geen tweederangs-leraren. Zij zorgen beter voor zichzelf en maken hun werk aantrekkelijker, omdat hun baas dat eerder naliet. Goede werkgevers leren hiervan.