In een poging het innovatiegat met de VS te dichten, wil de Europese Investeringsbank 70 miljard euro steken in de Europese techsector. De vrees is dat Europa achterop raakt op het gebied van kunstmatige intelligentie en andere hightech.
is economieredacteur. Hij schrijft onder meer over de Nederlandse hightechsector.
De giganten die het Europese techlandschap domineren – zoals Amazon, Meta en Alphabet – zijn bijna allemaal Amerikaans. Europa heeft een innovatieachterstand, zo klonk het afgelopen jaar onder meer in een veelbesproken adviesrapport van Mario Draghi en in een analyse van de Europese Rekenkamer. Als het zo doorgaat, waarschuwen zij, loopt die achterstand alleen maar op.
Daarom komt de Europese Investeringsbank (EIB) met het ‘grootste programma ooit, exclusief gericht op Europese innovatie’. Dat moet voorkomen dat Europa ook op gebied van nieuwe technologieën, zoals kunstmatige intelligentie en militaire drones, afhankelijk wordt van de Amerikanen.
Een van de meest gehoorde klachten uit de techsector is een gebrek aan Europees investeringskapitaal. Zo ging er vorig jaar maar liefst 90 miljard dollar aan durfkapitaal naar Amerikaanse kunstmatige intelligentie, volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso) – tien keer zoveel als naar de Europese Unie. Vorige maand concludeerde onderzoeksinstituut TNO nog dat Nederland de zelfopgelegde 3-procentnorm aan investeringen in research and development niet haalt.
De tientallen miljarden die de investeringsbank later dit jaar vrijmaakt, moeten ook private investeerders over de streep trekken om te investeren in techbedrijven. Als de Europese Unie mee-investeert, is het financiële risico voor hen immers kleiner. Zelf denkt de investeringsbank, die in handen is van de 27 EU-lidstaten, op deze manier 250 miljard euro aan investeringskapitaal vrij te maken.
Volgens Draghi, wiens adviesrapport over de toekomst van de Europese economie vorig jaar door de Europese Commissie werd omarmd, nemen Europese investeerders in vergelijking met hun Amerikaanse tegenhangers te weinig risico. Dat geldt volgens hem ook voor de EIB.
In een interview met de Duitse zakenkrant Handelsblatt zei EIB-voorzitter Nadia Calviño dat de investeringsbank inmiddels bereid is meer risico te nemen. Zo wil de EIB financieringsaanvragen van startups binnen een halfjaar gaan afhandelen, waar dit nu drie keer zo lang kan duren.
Dit betekent dat de behandeling van aanvragen minder zorgvuldig zal zijn. Calviño vindt dat te rechtvaardigen: een paar maanden kunnen voor een beloftevolle startup die nog draait op investeringsgeld het verschil maken tussen omvallen of overleven.
De onzekerheid die de regering-Trump in de Verenigde Staten veroorzaakt onder investeerders, biedt kansen voor Europa, zei Calviño verder tegen Handelsblatt. De voorzitter presenteert de EU als stabiele haven in een roerige geopolitieke zee. ‘We zien een grote interesse in Europa van internationale investeerders.’
Een van de problemen is dat zelfs als een Europese startup weet op te schalen, de technologie alsnog in Amerikaanse handen terecht kan komen. Oprichters of durfinvesteerders die hun succes willen verzilveren, verkopen hun aandelen immers geregeld aan Amerikaanse bedrijven. Een deel van het geld dat de EIB vrijmaakt, is daarom bedoeld om Europese bedrijven te ondersteunen in de aankoop van Europese startups.
De EIB-investeringen hebben de vorm van leningen, garantstellingen en het nemen van aandelen in bedrijven. Het nieuwe plan is nog niet helemaal rond: de 27 Europese ministers van Financiën moeten hun fiat nog geven. Hun oordeel volgt naar verwachting volgende maand.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant