Home

Kabinet wil dat verdachten van ernstige misdrijven al voor veroordeling DNA afstaan

Tien jaar nadat een commissie heeft aangedrongen op de maatregel, ligt er nu een voorstel waarin het kabinet het mogelijk wil maken DNA-materiaal af te nemen van verdachten van ernstige misdrijven. Nu kan dat pas na een veroordeling.

is politiek verslaggever van de Volkskrant

Met een wetswijziging wil minister van Justitie David van Weel (VVD) regelen dat mensen direct na aanhouding voor een ernstig misdrijf zoals een geweldsdelict, een inbraak of zedenmisdrijf celmateriaal, in de vorm van wangslijm, moeten laten afnemen. Dat gebeurt dan als zij na hun arrestatie (al dan niet tijdelijk) worden vastgezet.

Het materiaal gaat vervolgens naar een aparte, beveiligde omgeving. In tegenstelling tot het materiaal van veroordeelden mag het dan nog nergens voor worden gebruikt en kan de recherche het dus niet meenemen in onderzoeken naar andere misdrijven. Dat laatste mag pas als een rechter de verdachte daadwerkelijk veroordeelt. Gebeurt dat niet, dan wordt het materiaal vernietigd.

De DNA-profielen van veroordeelden kunnen worden gebruikt bij opsporing, bijvoorbeeld om te kijken of iemand meer op zijn kerfstok heeft. Vinden rechercheurs DNA op een plaats delict, dan kijken ze in de landelijke databank naar mogelijke overeenkomsten. Een completere databank betekent dus mogelijk meer matches. ‘Dat kan ervoor zorgen dat er meer zaken worden opgelost’, aldus de minister.

Het gaat om een wijziging van de wet die nu al regelt dat het DNA van veroordeelden kan worden opgeslagen. Het uitbreiden van die wet kan volgens de minister voorkomen dat er geen celmateriaal wordt opgeslagen, bijvoorbeeld als mensen na hun veroordeling onvindbaar zijn. Naar schatting gaat het in Nederland op dit moment om zesduizend mensen.

Uiteindelijk kan het percentage van veroordeelden in de databank flink omhoog, verwacht Van Weel. Nu is er van 87 procent een DNA-profiel opgeslagen, het ministerie verwacht dat het door de wetswijziging naar 96 procent kan.

Els Borst

Aan de beoogde wetswijziging ging een langlopende discussie vooraf die met name werd aangezwengeld door de geruchtmakende zaak rond Bart van U., die in 2014 oud-minister Els Borst vermoordde.

Ondanks dat Van U. eerder al veroordeeld was voor wapenbezit, werd er geen DNA-profiel van hem afgenomen terwijl dat wel de bedoeling was. Pas een jaar na de moord op Borst werd hij opgepakt nadat Van U. ook zijn eigen zus had vermoord. Die laatste moord had mogelijk voorkomen kunnen worden als er wel DNA was afgenomen. Van U. was dan immers eerder in beeld gekomen als moordenaar van Borst.

Het scheen nieuw licht op het belang van DNA bij onderzoek, zeker toen een commissie in 2015 een vernietigend rapport over de zaak schreef. Een van de belangrijkste en verstrekkendste aanbevelingen was om ook DNA af te nemen van verdachten die nog niet veroordeeld zijn maar wel in aanmerking komen voor voorlopige hechtenis, vaak alleen bij zware delicten. Het zou volgens de commissie vergelijkbare fouten in de toekomst kunnen voorkomen. Het toenmalig kabinet beloofde de aanbeveling over te nemen.

Inbreuk op rechten

Ook vanuit de Tweede Kamer klinkt sindsdien de wens om de bestaande wetgeving uit te breiden. Toch is het afnemen van DNA van verdachten tien jaar na het rapport nog altijd niet in de wet geregeld.

Dat heeft vooral te maken met de gevoeligheid van het dossier. In 2019 zei toenmalig minister Justitie Ferdinand Grapperhaus al dat hij het advies wilde opvolgen. Maar daarvoor was eerst wel onderzoek nodig ‘om een zo foutloos mogelijke uitvoering’ te garanderen. Zo zijn er strikte eisen aan de opslag, het beheer en transport.

Het opslaan van dna-profielen is immers een ‘substantiële inbreuk op het recht op bescherming van het privéleven en persoonsgegevens’, zo benadrukte de Raad van State in een advies over het voorstel. Het gaat om ‘gevoelige informatie’ die niet zomaar gebruikt mag worden.

Toch vindt de Raad dat de minister ‘voldoende’ heeft uitgelegd dat het afnemen van DNA van verdachten ‘noodzakelijk’ is en er geen alternatieven zijn. ‘Bij de uitgebreide en zorgvuldige voorbereiding van het wetsvoorstel is oog geweest voor de grondrechten en uitvoerbaarheid’, aldus de Raad.

Van Weel stuurt het voorstel deze week naar de Tweede Kamer, die zich er net als de Eerste Kamer eerst nog over moet buigen.

Alles over politiek vindt u hier.

Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next