is columnist van de Volkskrant en werkt als adviseur voor overheden en maatschappelijke organisaties.
Politieke partijen hoeven geen leden te hebben. Aldus het kabinet, leunend op een coalitie waarin de grootste partner – de PVV – geen leden heeft. Minister Uitermark mocht het bekendmaken, op haar beurt afgevaardigd door een partij – NSC – die meent dat in een democratie partijen leden horen te hebben.
Uitermark gebruikt, vermoedelijk dus met tegenzin, twee argumenten, waarvan één vergezocht klinkt. Een staat, betoogt ze, moet zeer terughoudend zijn in interne partij-aangelegenheden. Dat is op zich waar. Je wilt niet dat partijen die op enig moment aan de macht zijn eventjes beslissen hoe de oppositie congressen mag organiseren. Maar Uitermark lijkt zichzelf te overschreeuwen door te suggereren dat een ledenplicht te vergaande bemoeienis zou zijn en zelfs in strijd met de vrijheid van vereniging.
Ze verwijst naar een stuk van de Venetië-commissie, het adviesorgaan van de Raad van Europa over grondrechten. Maar daaruit blijkt niet dat Nederland met een ledenplicht zijn boekje te buiten zou gaan. Sterker, de opstellers beschouwen het als vanzelfsprekend dat partijen leden hebben. Het interne reilen en zeilen ‘is aan de politieke partij en haar leden’, schrijven ze. In een derde van de Europese landen is een politieke partij zonder leden al wettelijk uitgesloten. Portugal kent zelfs een minimum van 7.500 leden.
Het zit al in het woord, hè: verenigen. Dat doe je niet in je eentje. Dat Geert Wilders direct na het oprichten van de Vereniging Groep Wilders als enige lid tot een ledenstop besloot, is een trucje, niet meer dan dat. Zij het een duur trucje, want Nederland kent al wél wetgeving die zegt dat je leden moet hebben om subsidie te krijgen.
Interessanter is dat Uitermark op onze grondwet wijst. Daar komt het hele begrip politieke partij niet in voor. Anders dan bijvoorbeeld in Duitsland, waar de grondwet voorschrijft dat partijen democratisch en grondwettelijk moeten handelen. In Nederland hoef je dus überhaupt helemaal geen officieel opgerichte partij te zijn om mee te doen aan de verkiezingen. Een groep mensen is genoeg.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Je verschijnt dan als ‘blanco lijst’ op het stembiljet. Zonder de naam van je club erboven en dat is nadelig, maar in dit mediatijdperk overkomelijk. Een vertrouwde naam als Wilders of door de media grootgemaakte kopstukken als Baudet en Van der Plas zouden daar weinig last van hebben. En daarmee zouden we het electorale Wilde Westen betreden, want op zulke lijsten heeft de wetgeving die Nederland wél kent met betrekking tot partijen en verenigingen geen vat.
Nu kun je denken: wat een gekte, dat grondwettelijke gat moet gedicht. Maar los van het feit dat het sisyphusarbeid is om de grondwet ingrijpend te veranderen, is alles ook altijd weer gelaagder dan het lijkt. Het helpt om je een Nederland voor te stellen waarin de politieke stroming die je het meest vreest het voor het zeggen heeft. Dan kan zo’n sluiproute naar verkiesbaarheid de democratie misschien wel helpen in plaats van bedreigen. Er is wel degelijk iets te zeggen voor de mogelijkheid om je politiek te organiseren buiten het bereik van al te grijpgrage staatshanden.
Ik zag dat Volt al verontwaardigd een amendement aankondigde en D66-Kamerlid Sneller haakte met ogenschijnlijk ijzeren logica aan bij Uitermarks opmerking dat die een ledenpartij ‘wenselijk’ vindt. ‘Dan is de implicatie dat je de huidige situatie bij de PVV onwenselijk vindt’, aldus Sneller. ‘Dan moet je aan die situatie dus een einde maken.’ Hij zal als liberaal vast niet bedoelen dat een staat wettelijk een einde moet maken aan alles wat onwenselijk wordt geacht, dus het wordt interessant waar de partijen mee komen.
Intussen kan ik deze hele onbevredigende kwestie moeilijk anders zien dan als het zoveelste bewijs dat we de democratie niet kunnen redden met wetten en regels alleen. Die kunnen haar helpen stutten, maar elke dag kunnen we een blik naar het westen werpen – Trump – of naar het oosten – Orbán – om te zien dat je er niets aan hebt wanneer genoeg machtige mensen besluiten wetten en regels met voeten te treden. Én wanneer breed in de samenleving het besef ontbreekt dat democratie uit daden bestaat.
Het had alles gescheeld als andere partijen gewoon tegen de PVV hadden gezegd: kom maar terug als je een behoorlijke partij hebt opgericht, mét leden. Voor zover het al niet genoeg was dat die beweging voortdurend alles kapot probeert te maken dat een liberale democratie nodig heeft: vrije pers, vrije wetenschap, onafhankelijke rechtspraak, rechten van minderheden en een zekere trouw aan de feiten.
Maar laten we wel wezen, veel andere partijen hebben hun leden over de jaren steeds minder zeggenschap gegeven. Partijleden kunnen lastig zijn en onderlinge politieke meningsverschillen worden liefst weggepoetst, want die worden door het olijk-schampere legioen van politieke duiders steevast aangemerkt als ‘gedoe’ en daar houden kiezers zogenaamd niet van.
Pas door Trump begint het denken in termen van democratisch en antidemocratisch in Nederland weer een beetje op te komen. De afgelopen decennia werd vooral gedacht in termen van ‘handig’ of ‘niet handig’. Dat Wilders geen leden had en dus geen ‘LPF-toestanden’ over zich afriep en opzichtige neonazi’s kon weren, dat was hartstikke handig van hem. Dat de PVV één lid had, was niet alarmerend maar een running gag. Misschien waren andere politici soms zelfs een beetje jaloers.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant