Home

Palestijnse vlaggen op het podium, beveiligers die ingrijpen: staat ons een hete popzomer te wachten?

Het politieke protest dringt de popzalen en -festivals binnen. En dat is best ingewikkeld, in gepolariseerde tijden als deze. In Nederland blijft het protest vooralsnog welkom. ‘Een poppodium moet alle stemmen laten horen.’

is redacteur popmuziek van de Volkskrant. Hij schrijft ook over gamecultuur.

Het optreden van de band Kneecap, op het Amerikaanse festival Coachella, lijkt iets in beweging te hebben gezet in de popmuziek. De Noord-Ierse band liet tijdens hun optreden drie weken geleden geen misverstanden bestaan over de politieke opvattingen. Op een beeldscherm kwamen uitgesproken teksten voorbij: ‘Fuck Israel. Free Palestine.’

De rapper Mo Chara sprak het publiek toe: ‘De Palestijnen kunnen nergens heen. Het is hun thuis en ze worden vanuit de lucht gebombardeerd. Als dit geen genocide is, what the fuck is het dan wel?’

Geen zin in politiek en polarisatie

Deze gewetensvraag viel niet bij iedere Amerikaan in goede aarde. Kneecap werd door Sharon Osbourne, de vrouw van Ozzy, bekritiseerd vanwege ‘agressieve politieke statements’. De reactie van de band was opnieuw ondubbelzinnig: ‘Statements zijn niet agressief. Het vermoorden van twintigduizend kinderen is dat wel.’

De kwestie had een nasleep en lijkt na te galmen tot in het Nederlandse popcircuit. Op sociale media plozen tegenstanders oude concertbeelden van Kneecap na. Teksten als ‘up Hamas, up Hezbollah’ werden verspreid en kregen een nieuwe lading. Podia en festivals zegden optredens van de band in het Verenigd Koninkrijk en Duitsland daarop af, omdat ze geen zin hadden in politiek en polarisatie. Britse politici riepen op tot een ban op de band.

Kneecap kreeg daarna collegiale steun. In een open brief verklaarden zo’n veertig artiesten, waaronder de bands Primal Scream en Fontaines D.C., dat popmuziek nooit de mond mag worden gesnoerd en dat politici niet mogen bepalen welke band mag spelen op een festival.

Gecancelde shows

Artiesten die stelling nemen over de oorlog in Gaza komen vaker in moeilijkheden. De Ierse band The Murder Capital, die steevast een Palestijnse vlag op het podium plant, zag vorige week een paar Duitse shows gecanceld worden.

En de Amerikaanse r&b-zangeres Kehlani krijgt het al tijden zwaar te verduren door haar uitgesproken mening over het lot van het Palestijnse volk. In een video bij haar nummer Next 2 U verscheen de tekst ‘long live the Intifada’. De zangeres werd afgebeld voor een optreden op een New Yorkse universiteit.

Diep gevoelde frustratie

Ook in Nederland werd de afgelopen weken uiting gegeven aan een diep gevoelde frustratie over de recente beelden uit Gaza. Vorige week speelde de Nederlandse band Kane op het Bevrijdingsfestival van Zwolle met Palestijnse, Oekraïense en Soedanese vlaggen op het podium. Op hetzelfde festival sprak de protestzangeres Sophie Straat haar afschuw uit over ‘de misdaden van Israël’ en de stilzwijgende houding van de Nederlandse regering.

Op dat moment probeerden beveiligers de meegevoerde Palestijnse vlaggen van een aantal activisten af te pakken. Daarop greep Straat in. Zij vroeg de organisatie te stoppen met het indammen van deze persoonlijke vrijheid, omdat zij anders niet verder zou spelen. En zij kreeg haar zin.

In de pop hoort de politiek wél thuis

Nu kun je nog beweren dat politieke uitingen op een Bevrijdingsfestival minder gewenst zijn: de herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog ligt al zo gevoelig bij veel maatschappelijke groepen. En het publiek op zo’n gratis festival is niet per se gelijkgestemd. Niet iedereen heeft dezelfde politieke overtuiging: er zullen ook mensen in het publiek zijn die Israël steunen. En je wilt als organisatie dat iedereen zich welkom en veilig voelt.

Maar in de pop hoort de politiek natuurlijk wél thuis. Vanaf de jaren zeventig werd juist de popmuziek een aanjager van het protest tegen de oorlog in Vietnam. En in Nederland verzorgde de punk in de jaren tachtig de soundtrack bij acties tegen de installatie van kernwapens op Nederlands grondgebied. Of bij de krakersrellen.

We leven nu in een andere, sterk gepolariseerde tijd, gedomineerd door sociale media. En dat maakt politieke uitingen op poppodia ingewikkelder, zegt Jeroen Bartelse, de directeur van het Utrechtse podiumcomplex TivoliVredenburg. ‘Maar juist als de samenleving flink met elkaar in discussie is, moet een podium een plek blijven van het vrije woord, van artistieke expressie.’

Ondergrens

In TivoliVredenburg worden bands die Palestijnse vlaggen meenemen niet geweerd, zegt hij. ‘Die vlaggen zijn een onderdeel van de sfeer en de beleving. Dus die verbieden wij niet, ook niet als het publiek ze bij zich draagt. In een podium moeten uiteenlopende stemmen een plek krijgen. Dus ook proteststemmen.’

Er is wel een ondergrens, zegt Bartelse. ‘Bij intimidatie, geweld of racisme grijpen we in. Een concert moet veilig blijven, voor de artiesten, de medewerkers en het publiek.’

Hete popzomer

De Palestijnse vlag en het politieke protest blijven welkom in Nederland, zelfs al lijken we een hete popzomer tegemoet te gaan. Het Nijmeegse poppodium Doornroosje zei dinsdag dat een optreden van The Murder Capital op woensdagavond, inclusief vlag, zal doorgaan. ‘Het is hún show.’ Het Amsterdamse podium Melkweg zal de vlag donderdagavond ook toelatenntot de zaal. En het optreden van Kneecap, volgende maand op festival Best Kept Secret, gaat ook door. Mét Palestijnse vlag.

De festivalorganisatie was niet bereikbaar voor commentaar, maar bij eerdere optredens op het festival in 2022, waar Palestijnse vlaggen werden meegevoerd door Fontaines D.C., werd niets ondernomen. En in het publiek kraaide er geen haan naar.

Dat is nu, bij een verdere escalatie van de oorlog en toenemende maatschappelijke tegenstellingen, misschien anders. Maar dat lijkt voorlopig geen reden de pop alsnog politiek de mond te snoeren.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next