Door corona werd viroloog Marc Van Ranst een bekende Belg – en een bedreigde Belg, die moest onderduiken. In een boek vertelt hij nu wat die tijd met hem gedaan heeft. En hoe hij zijn belagers eigenhandig opspoort: ‘Dat is min of meer mijn hobby geworden.’
is journalist en programmamaker. Hij schrijft interviews voor de Volkskrant.
In de winter van 2022 ging de Belgische viroloog Marc Van Ranst op een zondagochtend koekjes halen bij de bakker in zijn woonplaats Willebroek. Wachtend in de rij werd hij door een vrouw op leeftijd op zijn schouder getikt. ‘Meneer Van Ranst, is het nog steeds die BA.5-variant die hier in Willebroek rondgaat?’ Van Ranst moet er nog altijd om glimlachen. ‘Het was onwezenlijk. Drie jaar daarvoor hadden mensen geen idéé als het om virussen ging. En opeens was dit het gesprek bij de bakker.’
Van Ranst (59) was tijdens de coronacrisis hét gezicht van de virologie in België. Daarmee werd hij ook het mikpunt van virusontkenners en complotdenkers. Onlangs stelde hij zijn ervaringen uit die tijd te boek. Hij had Virologica niet veel later moeten schrijven, merkte hij. ‘Ik begon dingen te vergeten. Dat verraste mij ook: hoe snel je eerst de details en daarna ook de grotere lijnen kwijtraakt.’ Veel eerder had hij het evenmin kunnen schrijven. ‘Eerlijk gezegd was ik de afgelopen jaren gewoon te moe.’ En misschien was er ook een periode van verwerking nodig. ‘Ik moest toch ook een beetje afstand kunnen nemen van die coronatijd.’
De coronacrisis ligt inmiddels al dik drie jaar achter ons. Maar de bedreigingen aan het adres van Van Ranst zijn er bepaald niet minder op geworden. In Virologica heeft hij tientallen pagina’s uitgetrokken voor de sinistere berichten die hij de afgelopen jaren ontving. En die ‘elektronische belaging’ wordt met de dag erger. Hij laat een dikke stapel papier zien: vijfhonderd uitgeprinte vellen met beschimpingen, verdachtmakingen en bedreigingen, geuit via sociale media in de periode 2020 - 2023.
In 2024, twee jaar na de coronacrisis, waren het er ook nog eens vijfhonderd. Sinds begin dit jaar zijn er alweer vijfhonderd pagina’s bijgekomen. Hoe hij dat verklaart? Hij antwoordt kort en bondig, met één naam: ‘Trump! Zijn herverkiezing heeft het extreemrechtse deel van de bevolking vleugels gegeven. Ze denken zich van alles te kunnen permitteren. Zeker nu X elke vorm van moderatie achterwege laat.’
Hij heeft ze allemaal uitgeprint om ze te overhandigen aan de Belgische justitie. ‘Ik heb twee keer van inktpatroon moeten wisselen.’ Toonloos leest hij een korte bloemlezing voor; berichten waarin hij wordt doodgewenst, verschrikkelijke ziektes krijgt toebedeeld, beschuldigd wordt van pedofilie. En dan zijn er ook nog de hatelijke cartoons, en de video’s die via AI zijn voorzien van Van Ransts stem. ‘Dé 1 aprilgrap van het jaar was het bericht dat ik zou zijn gestorven. Allerlei mensen belden geschokt mijn ouders op; tachtigers die zich natuurlijk kapot schrokken.’
U zei al: sommige dingen vergeet je. Als je uw boek leest over de coronatijd, dan lijkt het bijna al een oud verhaal dat inmiddels heel ver van ons afstaat.
‘Zeker. Als je die foto’s van mensen met mondmaskers ziet... Het rare is dat mijn tijdsbesef er verward door raakte. Die periode van 2020 tot 2023 is in mijn hoofd samengebald tot een maand of zes. Terwijl-ie drie jaar heeft geduurd. Het was zo krankzinnig intensief.’
Op 10 maart 2020 viel in België de eerste coronadode; een bejaarde man met onderliggende aandoeningen. ‘Niet echt verrassend. Het was communicatief indringender geweest als het een kind van 9 was geweest.’
Wanneer drong tot u door dat dit weleens ernstig uit de hand kon lopen?
‘Dat ging in fases. In het begin, toen er ook in China nog weinig doden waren, vroeg men mij: hoelang gaat dit duren? Ik antwoordde: dat weet ik niet. Misschien tien weken. Want dat is ongeveer de duur van een gewone griepgolf. Het werd onrustbarend toen ze het in China maar niet onder controle kregen. Met een lokale lockdown bleek dit virus niet te beteugelen. Het Chinese nieuwjaar bleek een superspreader-evenement. Veel Chinezen werkten in de textielindustrie in Noord-Italië, dus toen die mensen na Chinees Nieuwjaar terugkeerden naar Italië ging het opeens heel snel.’
Het eerste jaar waren er nog geen vaccins. Hebt u uw hart vastgehouden?
‘Ik hield er serieus rekening mee dat er nooit een vaccin zou komen. Tegen hiv, malaria en tuberculose hebben we nog altijd geen vaccins. Als er hard naar gezocht wordt en je in de ontwikkeling alle gewone circuits van toelating volgt, duurt het minstens drie jaar voor je een vaccin hebt. Dus we hebben echt geluk gehad dat die vaccins er vroeg waren.’
Tegelijk voedde dat het wantrouwen. Mensen zeiden: zo snel? Dat kan dus niet.
‘Dat wantrouwen vindt zijn oorsprong in te weinig kennis van zaken. De basistechniek bestond namelijk al veel langer, daar werd al vanaf 1961 mee geëxperimenteerd. Vervolgens is tijdens corona heel veel geld en mankracht in de ontwikkeling van het vaccin geïnvesteerd. De farmaceutische industrie is bovendien gaan voorproduceren, zodat de vaccins klaarlagen voor gebruik zodra er officieel toestemming voor kwam. Ook omdat de klinische trials binnen een week vol zaten, aangezien er een overschot aan proefpersonen voorhanden was. Wanneer je vandaag een vaccin tegen covid zou willen laten testen, zou het waarschijnlijk twee jaar duren om voldoende mensen te vinden.’
U bent een man van de wetenschap. Opeens word je als viroloog een publieke figuur en ook in Nederland vaste gast in praatprogramma’s. Was u daarop voorbereid?
‘Dit was niet mijn eerste pandemie. SARS was in 2009 mijn eerste crisis, maar dat was vergeleken met corona een crisette. Ik was in die tijd ook vaak op televisie, maar wel veel minder dan bij deze pandemie. Bovendien stonden de sociale media toen nog in de kinderschoenen.’
Van Ransts bekendheid reikte al snel veel verder dan alleen België. Tot zijn eigen verbazing werd hij zelfs door Real Madrid benaderd om clubviroloog te worden. ‘Ik had wat goede raad gegeven aan onze nationale doelman Thibaut Courtois, die daar werkte. Die had reclame gemaakt voor mij. Vervolgens belde de clubdokter. Hij wilde graag vaker advies van mij, en stelde voor dat ik clubviroloog zou worden. Ik kon daarvoor facturen sturen die voor mij maandlonen waren. Maar ik heb het niet gedaan en nooit ook maar één factuur gestuurd.’
Er werd in die tijd gesuggereerd dat virologen betaald werden door de overheid. Was dat inderdaad het geval?
‘De suggestie was inderdaad dat wij betaald werden om de overheid naar de mond te praten. Totale onzin. Experts werden in België tot 2023 helemaal niet betaald. Daarna werd een vergadervergoeding van 60 euro per uur aangeboden. Uurtje factuurtje. Maar ik heb nooit een factuur gestuurd. Ik wilde gewoon niet in de situatie belanden dat ik geen kritiek op de overheid meer zou kunnen leveren. Dat is mij dat geld niet waard. Ik word zeer behoorlijk betaald door de universiteit van Leuven, mijn werkgever. Daar hoeft voor mij echt geen vergoeding van de overheid bovenop.’
U schrijft: ‘Het begon met warmte en saamhorigheid, met applaudisseren voor de zorg.’ Wanneer begon de stemming te veranderen?
‘Na een paar maanden hadden we al die hartverwarmende verhalen vanuit de zorg wel gehoord. Vaccins waren er nog niet, dus toen begon de onvrede. Vooral vanuit de hoek van extreemrechts, Vlaams Belang en FvD, begon een georkestreerde campagne om politici en virologen zwart te maken. Dat ging van kwaad tot erger.’
Het dieptepunt kwam voor Van Ranst op 18 mei 2021. Dat was de dag waarop hij met zijn gezin moest onderduiken. Beroepsmilitair Jürgen Conings was uit zijn kazerne weggelopen – zwaarbewapend met onder meer een machinegeweer en vier antitank-raketwerpers – met het voornemen om Van Ranst te vermoorden.
Op zich al vervelend genoeg dat zijn gezin erbij betrokken raakte, zegt Van Ranst. ‘Maar veel erger vond ik dat de dag erna vijftigduizend mensen op sociale media verklaarden dat ze Conings een geweldige kerel vonden. Dat kan ik nog altijd niet goed plaatsen. In Facebookgroepen schreven mensen dat Conings een volksheld was en dat zijn doel – een viroloog afschieten – zeer lovenswaardig was. Daar heb ik het nog altijd moeilijk mee. Hij werd neergezet als een moderne Robin Hood. En dat hij mij wilde vermoorden vonden ze kennelijk een uitstekend idee.’
Dus u was misschien banger voor de mensen die erachter stonden dan voor Conings zelf?
‘Voor bang zijn koop je niks. Verbáásd is eerder het woord. Vervuld van ongeloof. Twee berichten zijn me echt bijgebleven: bij het eerste werd de vraag geopperd hoe laat en met hoeveel kogels Van Ranst geëlimineerd zou worden. De tweede post was een foto van een rij doodskisten tegen een muur, met als bijschrift: ‘een nieuw safehouse voor de familie Van Ranst’. En zo waren er een heleboel.’
Allemaal boos op de weerman omdat het slecht weer is.
‘Zoiets was het inderdaad. In de middeleeuwen gingen mensen kijken naar heksenverbrandingen op het marktplein. Ik garandeer je: wanneer je toen een virologenverbranding had georganiseerd, dan had dat plein opnieuw vol gestaan. En het laatste wat je vanaf de brandstapel zou hebben gezien zou een massa volk zijn, met hun gsm in de hoogte.’
Wat heeft deze periode voor invloed gehad op uw mensbeeld?
‘Voordien was ik misschien disproportioneel goedgelovig. Wanneer je me had gevraagd hoeveel mensen er deugen, had ik gezegd: 99,9 procent. Misschien zelfs meer. Dat geloof ik nu niet meer. Ik geloof pertinent dat een paar procent –en meer is het ook niet – niet deugt, en juist graag het slechte wil.’
Sprak u er in dat safehouse over met uw vrouw en uw zoon?
‘Niet meer dan nodig. Het was wat het was. En dan probeer je er het beste van te maken in die omstandigheden. Daar waren we vooral mee bezig. We hebben heel wat gezelschapsspelletjes gespeeld. De leraar van mijn zoon, die toen 12 was, had een webcam geïnstalleerd, zodat hij zijn lessen toch gewoon kon volgen. Daar ben ik hem nog altijd dankbaar voor. En de mensen van de veiligheidsdienst speelden voetbal met hem in de gang.’
Bent u bang geweest?
‘Nee. Het was de veiligste omgeving die je hebben kon. Met nul risico.’
Maar daarna moest u weer gewoon naar buiten. Was uw onbevangenheid niet helemaal weg?
‘Nee, daar heb ik voor gewaakt. Ik reis ook heel bewust elke dag met het openbaar vervoer.’
Is het nu weer rustig?
‘Jawel. Een enkele keer gebeurt er nog iets geks. Gisteren stond ik in Mechelen op de bus te wachten. Ik was aan het telefoneren toen er een groepje meisjes langsliep. Ze begonnen tegen mij te praten: mogen we een foto van u nemen? Want wij zijn grote fans. Nou, prima natuurlijk. Plotseling liepen ze weg. ‘We zijn grote fans van Jürgen Conings.’ Ik raak daar niet door gechoqueerd, maar vraag me wel af: waarom? Met welk plezier doen ze dat?’
Waar kwam die haat bij een kleine groep mensen vandaan?
‘Ik had in 2009 al gezien: als je als expert in zo’n crisis zichtbaar wordt, dan kan dat nooit goed aflopen. Je doet het namelijk altijd fout. Omdat de verwachtingen tijdens een crisis voortdurend veranderen. In het begin vinden ze je nog fantastisch. Maar wanneer er veel doden vallen, dan ben je absoluut onbekwaam geweest en heb je te weinig gedaan. Wanneer er weinig doden zijn, dan heb je het ongelooflijk overdreven en zul je dus wel andere belangen hebben gehad. Dus je hebt per definitie een heel ondankbare taak.’
Maar bij sommige mensen sloeg het kennelijk om in virulente haat.
‘Duidelijk. Voor sommigen is het een hobby geworden, zelfs bijna een religie. Heel confronterend om te zien dat die echt onredelijke haat zelfs na jaren nog altijd blijft bestaan. En in het huidige Trump-tijdperk zelfs erger is geworden.’
Kruipt dat toch onder uw huid?
‘Zeker wel. Het is onmogelijk om te beweren dat dat niet zo zou zijn. Daarom ga ik de mensen uit deze stapels ook aangeven bij justitie wegens belaging. Natuurlijk moet je als publieke figuur een dikke huid hebben. Daarom heb ik er tot dit jaar ook niks mee gedaan. Maar nu is de maat vol. Gewoon omdat het steeds erger wordt.’
Voor de politie zal er niet veel speurwerk aan vastzitten: Van Ranst heeft de identiteit van de meeste belagers inmiddels zelf achterhaald. ‘Dat is de laatste maanden min of meer mijn hobby geweest.’ Zo spoorde hij een man op die hem met de dood bedreigde: het bleek een gepensioneerde tandarts te zijn. De man had op internet een foto geplaatst van zijn nieuwe popart-lamp, met op de achtergrond een kerktoren. Die toren leidde Van Ranst via Google Streetview uiteindelijk naar het juiste adres. ‘Ik mailde hem dat ik zijn identiteit kende. Binnen vijf minuten had hij al zijn Twitter-accounts verwijderd.’
U reageerde ook op sommige berichten, zocht echt de confrontatie.
‘Ik reageer misschien op eentiende procent. Is dat ‘de confrontatie zoeken’? Nee, dat is mijn manier van ermee omgaan.’
Van Ransts repliek op Willem Engel van Stichting Viruswaarheid werd zelfs iconisch. ‘Wanneer we ooit geconfronteerd worden met een salsapandemie ga ik met veel plezier luisteren naar wat jij als dansleraar te zeggen hebt. Echter, op dit moment geef ik geen flying fuck om wat jij uitkraamt.’
De tweet belandde dankzij een crowdfundingsactie van Alexander Klöpping zelfs als poster op menige bushalte. Voor Van Ranst had dat niet gehoeven. Hij heeft Engel nooit als een gevaarlijke opponent gezien. ‘Wel als een vervelende tegenstander. Er zijn veel tegenstanders van toen met wie ik nu best een kop koffie zou willen drinken, maar niet met Willem Engel. Die heeft heel veel van mijn tijd gestolen. Die tijd krijg ik niet meer terug. Wanneer je naar zijn tweets kijkt dan kom je elke week nog wel ergens ‘Marc Van Ranst’ tegen. Dat is geen obsessie, dat is een verdienmodel. Die man heeft in die periode met crowdfunding meer verdiend dan jij en ik samen. Ga maar na: als hij veertigduizend Nederlanders kan vinden die hem elk jaar 10 euro sturen, dan leeft hij als een koning.’
Inmiddels werkt Van Ranst aan een nieuw boek, over de invloed van infectieziekten op de wereldgeschiedenis. ‘Eigenlijk het boek dat ik echt wilde schrijven.’ Op X laat hij zich voorlopig niet meer zien. Hij besteedt zijn tijd liever aan zijn baan in Leuven en aan zijn digitale kunst: het bewerken van foto’s.
Het leven is eigenlijk wel weer redelijk normaal geworden, zegt hij. ‘Op een paar valse noten na. En pas op, die mag ik ook niet overdrijven. Het aantal vriendelijke mensen dat je tegenkomt is gelukkig veel groter dan dat groepje klootzakken.’
Onlangs overleed Jonnie Boer. Op X zie je dan toch weer mensen die een verband leggen met vaccinaties. Houdt dat dan nooit op?
‘Nee, dat houdt nooit op. Uiteindelijk gaan we allemaal dood, maar tot de laatste die geleefd heeft tijdens de covidperiode, zullen ze blijven zeggen: die is gestorven door dat vaccin. Op zijn 104de jaar. Hij had makkelijk 105 kunnen worden als hij toen niet zo dom was geweest.’
Marc Van Ranst: Virologica – Wetenschap tussen waarheid, welzijn en waanzin. Lannoo; 256 pagina’s; € 27,99.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant