Home

Ewald Vanvugt (1943-2025) liet Nederland kennismaken met de duistere kant van het koloniale verleden

Het was de diepste overtuiging van schrijver Ewald Vanvugt dat hij de misstanden uit de koloniale geschiedenis aan het licht moest brengen.

De zoon van Ewald Vanvugt hoorde het als eerste: Kees de Koning van het platenlabel Top Notch zocht zijn vader. Want wie beter dan hij kon de hiphopscene kennis laten maken met het koloniale verleden van Nederland? De vraag was of hij een handzaam boekje kon schrijven? Graag, reageerde Vanvugt. Het werd Roofstaat, zijn magnus opus. Wat iedere Nederlander moet weten, was de ondertitel.

In augustus 2016 hield de rapper Typhoon het boek ten doop in een afgeladen Paradiso ten overstaan van vele artiesten met wortels in de voormalige koloniën. Voor muzikant Akwasi, medeoprichter van omroep Zwart, werd Vanvugt een held: ‘Ik hoorde voor het eerst over de misstanden overzee. Wist ik veel welke rol mensen als Peter Stuyvesant of J.P. Coen hadden gespeeld? Je kreeg altijd de blinkende kant van het verhaal te horen, nooit de bloederige. Nu wel.’

‘Heel bijzonder te zien hoe de scene het boek omarmde’, zegt zoon Bertil. Het succes reikte verder. In DWDD noemde Adriaan van Dis het boek ‘Verplichte kost’ en kranten deelden kwistig sterren uit voor de ‘radicale herschrijving van de vaderlandse geschiedenis’.

Het verraste Vanvugt. Hij was begin 70 en hij had een bestseller geschreven. Niet dat hij niet gewend was aan reuring. Veel van zijn boeken veroorzaakten opschudding en dat begon meteen al met zijn eerste boek Een bizonder vreemde dief. In deze roman vertelde hij hoe de katholieke kerk zijn zwangere vriendin wegvoerde. Hij was 17; zij 16. De kerk wist de verkoop van het boek te beletten, maar onder de toonbank ging het driftig van de hand. Het leidde tot een landelijke rel en met veel branie noemde Vanvugt zich ‘de beste jongste schrijver van Nederland’.

Hij had altijd al schrijver willen worden, vertelde hij later. Hij werd geboren in Den Bosch, onder de klokkentoren van de Sint-Jan waar zijn vader een winkel in levensmiddelen dreef. School maakte hij niet af. De enige vaste baan die hij in zijn leven had was een vakantiebaantje in een flessenfabriek. Hij was schrijver, werd journalist en fotograaf, leverde verhalen aan dagbladen en tijdschriften en maakte met Wim de Bie radioreportages. Toen hij 25 jaar was ging hij op reis en zwierf hij jarenlang de wereld rond.

In India ontmoette hij Marrie van Leden, met wie hij een zoon en een dochter kreeg. Hij volgde haar in 1982 naar Indonesië waar hij in de bibliotheek op zoek ging naar de koloniale geschiedenis van Nederland. Daar ontdekte hij dat Nederland diep in de opiumhandel had gezeten, zelfs een monopoliepositie had gehad. Het verbaasde hem dat er nauwelijks iemand over sprak. In het boek Wettig opium, 350 jaar Nederlandse opiumhandel in de Indische Archipel, beschreef hij minutieus de handel.

De Volkskrant profileert regelmatig bekende en onbekende, kleurrijke Nederlanders die onlangs zijn overleden. Wilt u iemand aanmelden? postuum@volkskrant.nl

Van zijn dertig boeken gaan er sindsdien veel over de koloniën. Bertil: ‘Het was zijn diepste overtuiging dat hij de misstanden aan het licht moest brengen, linksom of rechtsom. Ik herinner me dat we eens door het Scheepvaartmuseum liepen en dat hij foeterde omdat alleen de positieve kant van de VOC-tijd was te zien. Hollands Glorie zogenaamd.’

Hij genoot van het late succes. Nieuw werk kwam er niet meer. Hij had gezegd wat er te zeggen viel en daarmee velen de ogen geopend. Zijn laatste dagen sleet hij in het Rosa Spierhuis.

Bertil: ‘Mijn zus en ik zijn vooral opgevoed door onze moeder. We hebben beiden een grote reis met hem gemaakt. Mijn zus naar Zuid-Europa, ik naar Zuid-Afrika en Namibië. Hij was een man en lieve vader met vele interesses en hij zat vol verhalen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next