Home

‘Ik heb een zwak voor mensen die toegeven aan hun eigen onvermogen’

Wat zijn dit voor vragen? Naar aanleiding van de serie ‘De vuurwerkramp’ 7 dilemma’s voor Joes Brauers (25). Hij debuteerde in musicals, was begin 2024 de slimste mens, maar voelt zich meer bovenal acteur. ‘In de musical Dagboek van een herdershond was ik door dat zingen na een week schor.’

is popredacteur van de Volkskrant.

Fictief of waarheidsgetrouw?

‘Fictief. Voor mij zit er een verschil tussen feiten en waarheid. In fictie kan bijvoorbeeld veel waarheid zitten, terwijl het niet per se daadwerkelijk is gebeurd.

‘De EO-serie De vuurwerkramp, waarin ik een buurtagent speel, vermengt feiten en fictie over de vuurwerkramp in Enschede in 2000. Ik heb voor de serie met slachtoffers van de ramp gepraat. Dat was ingewikkeld, zo’n ramp is zo groot en onbevattelijk. Iedereen is slachtoffer op zijn eigen manier: ik heb mensen uit Enschede gesproken wier huis niet is weggevaagd, maar die wel de schok hebben ervaren. Het is iets wat je je hele leven bijblijft. Daarom vind ik deze serie spannend. We hopen dat we ermee recht doen aan het trauma van de mensen in Enschede, ook al is het geen feitenrelaas.

‘Nog steeds liggen veel feiten over de ramp niet op tafel. Wat de precieze aanleiding van de ontploffing is geweest en hoe alle zaken zijn afgehandeld, is nooit duidelijk geworden, met veel wantrouwen en onzekerheid tot gevolg. Zodoende werkt het nog steeds door in zo’n samenleving.

‘Met fictie kunnen we dit verhaal universeel maken. De vuurwerkramp gaat over trauma, rouw, verlies, ontheemding. Dat zijn thema’s die ook spelen na een woningbrand of een aanslag.’

Waakzaam of dienstbaar?

‘Dienstbaar. Dienstbaarheid gaat uit van vertrouwen, waakzaamheid van wantrouwen. In zo’n kleine wijk als Roombeek, waar de ramp plaatsvond, speelt dienstbaarheid een belangrijke rol. Dat je er voor elkaar bent, het opmerkt wanneer iemand even in de knel zit of eenzaam is. In deze individualistische samenleving zou ik wel wat meer dienstbaarheid willen zien.

‘Wat ik leuk vind is dat de agent die ik speel geen held was, maar een jonge agent die nog niet zo lang in het vak zit. Hij is opgeleid om met allerlei situaties om te gaan, maar niet met een ramp van dergelijke catastrofale proporties. Dat je als mens nietig blijkt, te klein om de grootsheid van de omstandigheden te omvatten, vind ik interessant. Menselijk onvermogen. Ik heb een zwak voor mensen die toegeven aan hun eigen onvermogen, omdat dat volgens mij de essentie van het menselijk zijn is.’

Spelen of zingen?

‘Spelen. Ik ben geen geschoolde zanger. Toen ik een paar jaar geleden in de musical Dagboek van een herdershond speelde, had ik veel respect voor al die medespelers die hun stem goed onderhielden met zanglessen en technieken. Ik was na een week schor.

‘Spelen staat voor veel meer; voor een soort vrijheid en kinderlijke onbevangenheid, reageren op je omgeving. Als acteur voer je de hele tijd een vrijheidsstrijd met je regisseur en met de tekst. Je moet je vrijheid binnen je rol zo veel mogelijk vergroten, om speelruimte te creëren waarin dingen kunnen ontstaan. Daar ligt het plezier.

‘Voor deze rol moest ik me een accent toe-eigenen dat niet het mijne is, en daar een echtheid in proberen te vinden. Zo’n accent, de klank van taal, behelst de cultuur. Dus hebben we ervoor gekozen dat Enschedese accent zo veel mogelijk te benaderen, om zo dicht mogelijk bij de mensen daar te komen. We werkten met spraakcoaches en mensen uit Enschede luisterden naar het resultaat. Voor sommigen klonk het goed, voor anderen niet. Iedereen heeft natuurlijk zijn eigen blik op een accent, maar ik denk wel dat je hoort dat we in het oosten zijn en niet in de Randstad.’

Enne of hallo?

‘Enne. Dat is een Limburgse groet, maar kan veel meer betekenen. Ik zei er laatst iets over in Bar Laat, daar kreeg ik heel veel reacties op. Enne staat voor mij voor mijn moedertaal, waar ik vandaan kom en de klank waarmee ik ben opgegroeid. Mijn eerste herinneringen aan taal zijn in het Limburgs. Daar komt ook de drang uit voort om te proberen zo goed en zo kwaad mogelijk de streektaal te benaderen, als iets zo streekgebonden is als De vuurwerkramp.

‘Als ik mensen spreek met een harde g, neem ik dat over. En omdat ik nu in Amsterdam woon, ben ik dat gewend. Maar diep in mijn hart kom ik met een zachte g dichter bij de kern van wie ik echt ben. Met dat zachtere val ik meer samen.

‘Ik denk dat iedereen altijd op zoek is naar een klein stukje thuis, voor mij is dat de taal. Die heuvels kan ik in Amsterdam niet vinden, maar wel af en toe een zachte g. Er zitten namelijk veel Limburgers in het acteursvak. Misschien heeft dat iets te maken met de carnavalscultuur en het katholieke geloof. Je leert in Limburg al vroeg dat je van alles kan zijn, zoals misdienaar of Prins Carnaval. Dan denk je eerder: welke rollen kan ik nog meer aannemen?’

Jongen of man?

‘Tja, wat is de overgangsleeftijd? In scripts heb je altijd de introductie van het karakter, daar staat ook bij hoe iemand er ongeveer uitziet. Soms staat daar jongen, maar de laatste tijd staat er bij mijn rollen steeds vaker man. Ik heb het vermoeden dat langzaamaan het mannentijdperk is aangebroken.

‘Ik was 8 toen ik in de musical Ciske de Rat speelde, toen was ik echt een jongen. Laatst liet iemand een filmpje uit die tijd zien. Het is dat ik weet dat ik het ben, maar ik ben het ook echt niet.

‘Ik voel nu als man meer artistieke verantwoordelijkheid voor wat ik doe, ik heb mijn eigen smaak gevonden. Het idee dat je een man bent en niet langer een jongen geeft je verantwoordelijkheid ten opzichte van de wereld om je heen. Ik denk dat dat goed is.’

Kruimeltje of slimste?

‘Kruimeltje. De slimste mens winnen was ontzettend leuk, het is een titel die je eervol mag aannemen en ook weer mag doorgeven, maar Kruimeltje is diep met mij verbonden.

‘Ik was 10 toen ik de hoofdrol speelde in de musical Kruimeltje, nadat ik de televisieserie Wie wordt Kruimeltje? had gewonnen. Daar begon mijn ambitie om te willen spelen en om gezien te worden; dat is belangrijker dan feitenkennis in een quiz. Ik hoop dat het vlammetje van Kruimeltje altijd aan blijft, dat ik het nooit alleen nog maar voor geld doe, of omdat ik er nou eenmaal ooit voor heb gekozen. Ik hoop dat het brandende verlangen om iets te spelen blijft.

‘Ik ben blij dat ik in Kruimeltje heb kunnen spelen, want ik heb er veel van geleerd. Maar het was wel echt werk, en dat weet je als kind nog niet. In de 2,5 uur van de voorstelling kun je je het als kind niet permitteren om even boos te zijn of je ergens tegen af te zetten. Daar moet je dan een ander moment voor vinden. Omdat ik het zo graag wilde, gunden mijn ouders het me. Ik zou het niemand afraden, maar je moet als kind wel die passie voelen om dit te willen doen.’

Traag of snel?

‘Traag. Traagheid is een vorm van dicht bij jezelf blijven, niet voor jezelf uit snellen. Dat is super moeilijk, want iedereen heeft zijn verlangens of interesses. Soms denk ik: shit, straks zijn er weer vijf jaar voorbij. Ik wil eigenlijk een film regisseren en allerlei projecten tegelijk doen. Maar verhalen, samenwerkingen of vriendschappen kunnen alleen wezenlijk tot stand komen als je er de tijd voor neemt.

‘We leven in een impulsmaatschappij: doe het nu, want morgen is het 30 procent duurder. Of: ga nu hiernaartoe, want daarna kan het nooit meer. Dat maakt ons reactief. Ik denk dat het veel fijner is om vanuit je eigen kern te weten waar je heen wil.

‘In traagheid zit ook minder spraakverwarring. Ik denk dat mensen het vaker met elkaar eens zijn dan het lijkt. Ik zou willen dat mensen meer de tijd hadden om echt met elkaar te praten, in plaats van in korte tweets of talkshows. Ik geloof dat niemand daarbij gebaat is.

‘Ik zit nu in een snelle periode. Ik ben net klaar met de opnamen van een film, morgen ga ik repeteren voor een stuk dat we vanaf volgende week gaan spelen, Verdriet is het ding met veren. Daarna ga ik weer draaien. Ik doe het allemaal omdat ik het graag wil, maar daarmee kan ik mezelf voorbijlopen.

‘Voor mij werkt het om op de momenten dat ik niks doe me echt te vervelen, totdat ik denk: red me hier alsjeblieft uit. Dan ben ik zodanig uitgerust dat ik weer sta te springen om iets te doen. Soms moet je de computer uitzetten en hem opnieuw opstarten.’

Joes Brauers

1999 Geboren op 4 augustus in Bocholtz
2008-2009 Musical Ciske de Rat
2010 Winnaar tv-talentenjacht Wie wordt Kruimeltje?
2010-2012 Hoofdrol in musical Kruimeltje
2014 Speciale Juryprijs Gouden Kalf voor Oorlogsgeheimen
2016 Hoofdrol in film Kappen!
2016-2020 Toneelacademie Maastricht
2022 Serie Dirty Lines
2022 Hoofdrol in musical Dagboek van een herdershond
2023 Hoofdrol in film Hardcore Never Dies
2024 Winst De slimste mens
2025 Hoofdrol in De vuurwerkramp

Joes Brauers woont met zijn vriendin, actrice Julia Akkermans, in Amsterdam.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next