De inzamelpercentages van plastic flessen en blikjes zijn de afgelopen jaren flink gestegen. Goed nieuws, maar toch is het niet genoeg: al drie jaar op rij overschrijdt het verpakkende bedrijfsleven de wettelijke norm. Brengt recycle-winkel Droppie, gericht op de consument, soelaas?
Waar de een zich tijdens Koningsdag in het oranje gekleurde feestgedruis stort, ziet de ander het ultieme verdienmodel: de honderden statiegeldflesjes en –blikjes die op zo’n dag op straat gegooid worden. Zoals Mohamed (16), die in zijn buit verzamelde in grote, blauwe vuilniszakken. De Syrische jongen vertelt via een vertaalprogramma op zijn telefoon – hij spreekt geen Nederlands en geen Engels – dat hij en zijn vrienden dit weekend maar liefst veertig vuilniszakken wisten te vullen.
Nu wacht hij met de laatste acht zakken geduldig tot het rustig is in de Droppie aan het Limburg Stirumplein in Amsterdam. De recyclewinkel is een uitkomst voor professionele verzamelaars zoals Mohamed. Geen plakkerige vloeren, defecte emballagemachines of ongedurige klanten die tientallen minuten moeten wachten omdat de flessen een-voor-een het apparaat in moeten, zoals bij de supermarkten om de hoek.
Nee, hier staat de Tomra R2, de eerste ‘bulkautomaat’ voor statiegeld. De machine, die bij Droppie ook wel de Dropper wordt genoemd, verwerkt maar liefst tweehonderd plastic flesjes en blikjes in een minuut.
Droppie lijkt een reddingsboei te kunnen worden voor Verpact, de stichting die verantwoordelijk is voor het Nederlandse statiegeldsysteem. Verpact moet er namens het verpakkende bedrijfsleven op toezien dat minstens 90 procent van de geproduceerde plastic drinkflessen en blikjes wordt ingezameld. Omdat dit tot dusverre niet lukte, legde de Inspectie van Leefomgeving en Transport (ILT) vorig jaar dwangsommen op.
Door het gebruik van de Dropper te vergoeden, draagt Verpact nu bij aan de komst van de Droppie-winkels. In een jaar tijd opende Droppie vier vestigingen, waarvan een in Amsterdam. De komende twee maanden vestigt het bedrijf zich ook in Amsterdam-Noord, Rotterdam en Den Haag. Het doel voor dit jaar is om twintig recycle-locaties te openen.
Droppie is zes dagen per week open voor iedereen die wil recyclen, ook de professionele verzamelaars. Volgens oprichter Stef Traa (32) zijn zij een belangrijke klant voor zijn zaken. ‘Ze worden overal weggekeken, of mogen maar één zak inleveren en moeten andere klanten voor laten gaan. Soms worden ze zelfs weggestuurd. Maar dit is wel waarmee zij hun boterham verdienen.’
Terwijl Traa uitlegt hoe zijn winkels werken, komen geregeld mensen binnen met grote hoeveelheden statiegeldflessen en -blikjes. Een van hen is Zamir Qijvani (60). De goudmijn aan plastic afval tijdens Koningsdag kon ook hij niet aan zich voorbij laten gaan. In vijf uur tijd sprokkelden hij en een vriend vijf enorme vuilniszakken bij elkaar.
Qijvani is geen professionele verzamelaar, daarvoor heeft hij te weinig ervaring. Volgens hem is het buiten de feestdagen om een vak apart om voldoende statiegeld in te zamelen om rond te kunnen komen.
Precies om die reden is er volgens Dirk Groot helemaal geen sprake van een statiegeldprobleem. Sinds de invoering van het statiegeld erop zag de zwerfafvalactivist, bekend als de ‘Zwerfinator’, het aantal kleine flessen en blikjes op straat met 80 procent afnemen.
Dat er dankzij Droppie steeds meer bulkmachines waar je die kan inleveren, is volgens hem een belangrijke stap. ‘Wat het mooie is aan Droppie, is de mogelijkheid om platte blikjes in te leveren. Zo verdwijnen die straks ook langzaam uit het straatbeeld.’
Kirsten Roldaan (61) is een vaste klant bij de Droppie aan het Van Limburg Stirumplein. Ze scant bij binnenkomst de QR code op het scherm van de Dropper en met een blieb schuift een plaat opzij. Daarmee verandert de opening in een brede invoergleuf, waarin ze in één keer haar tas met voornamelijk flesjes Spa Rood leegkiepert (‘Daar is mijn man zo dol op’).
Terwijl de loopband begint te werken, draait Roldaan zich om: ‘Ik vind het super. Het is mega makkelijk en terwijl ik wegloop, staat het geld al op mijn account. Een stiekem spaarpotje: ik heb al 47 euro.’
Net op dat moment geeft het apparaat een foutmelding. Terwijl het euvel wordt verholpen, kan Roldaan even aansluiten in een andere rij. Droppie is namelijk ook een pakketpunt, voor vrijwel alle bezorgdiensten. Daarnaast vormt het statiegeld slechts een van de achttien recyclestromen in de winkel: ook textiel, verpakkingsmateriaal, e-waste en frituurvet kunnen hier worden ingeleverd.
Oprichter Traa, eerder werkzaam in de vleesvervangersbranche, begon Droppie vanwege de bende die vaak ontstond naast de diverse ondergrondse vuilcontainers in zijn buurt in Amsterdam-West. Zulke containers voor verschillende soorten afval – en afval scheiden in het algemeenheid – zijn volgens Traa voor veel mensen een ‘black box’. Het kost veel moeite, en vervolgens hebben mensen geen zicht op wat er met het materiaal gebeurt.
Om afvalscheiding tastbaar te maken, ontwikkelde Traa samen met Natascha Hermsen de recyclewinkel: één plek waar de consument niet alleen al zijn materiaal kwijt kan, maar daar ook een bescheiden vergoeding voor krijgt; variërend van 10 tot 20 cent per kilo.
Volgens de duurzame ondernemer is nog veel meer mogelijk. Eerder deze maand opende Droppie een locatie in Utrecht en de Amsterdamse wijk Bos en Lommer. Het zijn de eerste locaties waar beeldherkenning en kunstmatige intelligentie worden ingezet om materiaalsoorten automatisch te herkennen en te sorteren.
Ook daar zal altijd iemand in de winkel aanwezig zijn om klanten te ondersteunen, bijvoorbeeld met het installeren van de app, zo benadrukt Traa. ‘We helpen je altijd. Mocht de Dropper het niet doen, wat het afgelopen half jaar slechts een keer voorkwam, dan nemen we het gewoon via de balie in. We hebben honderd procent servicegarantie: je gaat nooit weg met een volle zak.’
Zo ook Qijvani niet, wiens flessenstroom ondertussen is verzwolgen door de Dropper. Hij is verheugd: de 224 ingeleverde flessen zijn goed voor 34 euro en 40 cent.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant