DEN HAAG - 'Ik wilde zelf het dossier van mijn opa lezen, zelf lezen wat hij had verklaard'. De Haagse Lien Cornelissen wist al dat haar opa lid was geweest van de NSB, hij was dus 'fout' in de oorlog. Over wat dat voor haar betekent, heeft de artiest een voorstelling gemaakt, die ze in het weekend van Dodenherdenking en Bevrijdingsdag in een uitverkocht theater zal spelen. 'Ik had liever een ander dossier gelezen.'
'Er was iets in mij dat wilde weten dat het allemaal wel meeviel', vertelt Lien op Radio West. Maar echt meevallen deed het niet. Ze kwam erachter dat haar opa in dienst was geweest bij de NSB en ook echt in het veld had meegevochten.
'Ik heb in zijn dossier niet gelezen dat hij mensen heeft verraden of neergeschoten. Dat was wel prettig', zegt ze. Maar die uitspraak relativeert ze ook meteen weer: 'Die dossiers zijn niet compleet, dus dat wil niet zeggen dat het niet gebeurd is.'
Lien heeft haar opa zelf nooit gekend. Hij was al overleden toen ze geboren werd. Toch kwam ze erachter dat het verleden van haar opa ook heel veel met haar heeft gedaan: 'Ik heb altijd gevoeld dat dit heeft gespeeld door de generaties heen. De schaamte ervoor en misschien zelfs plaatsvervangende schuldgevoelens.'
'Ik heb ook de neiging gehad om voor mijn opa te gaan compenseren, door heel graag goed te willen zijn', bekent de theatermaakster. 'Bizar hé? Rationeel slaat het nergens op!'
In het dossier over haar opa las ze ook dat hij op een gegeven moment zijn leidinggevende heeft aangesproken. Omdat de hogergeplaatsten in de NSB veel geld hadden, terwijl 'de gewone weerbaarheidsman geen broek aan zijn gat kan krijgen'. Daaruit trekt Lien een conclusie: 'Hij had wel iets van een rechtvaardigheidsgevoel.'
Ze denkt dat het misschien 'zijn visie op het socialisme' was wat hem aansprak. 'Maar tegelijkertijd zitten er in die ideologie ook heel veel andere kanten, waarvan ik niet weet of hij daar achter heeft gestaan. Dat staat niet in het dossier. Maar, het is niet fraai', constateert Lien. 'Ik had liever een ander dossier gelezen.'
'Toen ik erin ging duiken ontdekte ik ook hoeveel emoties het bij mij opriep', beschrijft Lien haar persoonlijke ontdekkingstocht tijdens het lezen van het dossier van haar opa. 'Oh god, dit doet kennelijk heel veel met me', zegt ze geëmotioneerd.
Om er vervolgens lachend aan toe te voegen: 'En dan wordt het voor mij als liedschrijver en theatermaker natuurlijk interessant. Maar ook dat heeft twee kanten. Wil ik hier iets mee of niet? Maar juist als iets me zo raakt, is er werk te doen.'
Voor haar voorstelling heeft de theatermaakster ook gesproken met andere mensen die het NSB-verleden van een familielid meedragen. 'Het is ook een collectief iets, dat het familieleden zo raakt', stelt ze vast.
Een van de dingen die haar helpt is dat ze heel duidelijk heeft dat de daden van haar opa 'niet zoveel met haar te maken hebben.' Dit heeft hij gedaan. Dit is zijn dossier, niet dat van mij. Dat helpt met het schuldgevoel.'
Daarnaast is het voor Lien juist belangrijk om over dit verleden te praten: 'Juist dat schuld- en schaamtegevoel heeft heel erg te maken met hoe de buitenwereld naar mij kijkt. Als ik dat mijn hele leven uit de weg ga, dan blijf ik die schuld en schaamte voelen, omdat ik het nooit aanga.'
Op 3 mei gaat Lien Cornelissen al die gevoelens vol aan. Dan speelt ze in theater De Regentes haar kleinkunstvoorstelling met liedjes, grappen en het verhaal van haar reis om het familieverleden openbaar te maken. Vooralsnog is het een eenmalige voorstelling.
Na de oorlog, meteen op 5 mei is de opa van Lien opgepakt door de Canadezen. Hij heeft een aantal jaren gevangen gezeten en heeft daarna zijn leven weer geprobeerd op te pakken. Maar de band met zijn zoon, haar vader, bleef afstandelijk.
En die man op afstand is door het lezen van het dossier en het maken van de voorstelling wel weer een beetje dichterbij gekomen, besluit ze: 'Door mijn zoektocht is hij weer een beetje familie geworden.'
Source: Omroep West Den Haag