Rusland stelt zich steeds agressiever op naar Europa, constateert de militaire veiligheidsdienst MIVD in zijn jaarverslag. Directeur Peter Reesink: ‘Ik heb nooit eerder gezien dat Rusland probeert in een digitaal besturingssysteem te komen van een Nederlandse publieksvoorziening.’
is onderzoeksjournalist bij de Volkskrant met als specialisatie cybersecurity en inlichtingendiensten.
De Russische dreiging voor Europa en Nederland neemt toe. Rusland opereert brutaler en is bereid meer risico te nemen. Dit stelt viceadmiraal Peter Reesink, directeur van de militaire veiligheidsdienst MIVD, bij de presentatie van het jaarverslag.
De militaire dienst ziet dat Rusland het initiatief heeft in de oorlog met Oekraïne. Dat het land zich sterk voelt en bepalend is. Ook valt op dat Rusland veel meer militair materiaal produceert dan nodig is voor de oorlog in Oekraïne. De nieuwste Russische tanks, ziet de MIVD, gaan niet naar het front, maar meer naar de oostgrens of richting de Baltische Staten. Dat maakt een groot conflict met de Navo op termijn voorstelbaar.
Nu al zoekt Rusland in Europa steeds meer de grenzen op en lijkt het een Westerse reactie te testen. Dit gebeurt middels ‘meer brutale, agressieve of provocatieve activiteiten in zowel het fysieke als het cyberdomein, met soms ook een geweldscomponent’, schrijft de MIVD.
In 2024 heeft een Russische hackgroep een ‘cybersabotage-aanval’ uitgevoerd op een Nederlandse publieksvoorziening. Ook probeerden Russische hackers binnen te dringen bij kritieke infrastructuur, mogelijk met als doel deze plat te leggen. Russische eenheden hebben in 2024 opnieuw onderzeese infrastructuur in de Noordzee in kaart gebracht, wat volgens de MIVD duidt op ‘voorbereidingshandelingen voor verstoringen en sabotage’.
Volgens directeur Reesink is 2024 een ‘kanteljaar’ gebleken in de Russische opstelling. ‘Hun gedrag begon in 2023 te veranderen, maar viel ons op in 2024. Het conflict in de grijze zone tussen oorlog en vrede is realiteit.’ Dat Rusland in Nederland een niet nader genoemde organisatie probeerde te saboteren noemt de directeur ‘voor zover bekend de eerste keer’.
Er wordt al langer door Nederlandse diensten geschreven over voorbereidingen voor Russische sabotage. Wat maakt dit geval anders?
‘Het feit dat Rusland probeert om echt in een digitaal besturingssysteem te komen van een publieke voorziening in Nederland, is echt nieuw. Dat heb ik niet eerder gezien.’
Het is ingewikkeld om een intentie af te leiden uit zo’n digitale aanval. Hoe weet u zeker dat het om sabotage gaat?
‘Dat is een aanname, gebaseerd op feit dat ze in zo’n publieksvoorziening iets willen doen. Dat is heel ongebruikelijk. Wij kunnen geen andere aanleiding verzinnen dan sabotage.’
Heeft dat te maken met de aard van de publieke voorziening?
‘Nee. Ik koppel het meer aan wat we in andere landen meemaken, laat ik het zo zeggen. Er zijn daar vergelijkbare tendensen.’
Het moeilijke hieraan is: het voelt bedreigend, maar tegelijk geeft u zo weinig informatie dat de ernst ervan lastig te duiden is.
‘Ja, dat zal altijd zo zijn in ons werk. Wij praten in onze wereld over mate van waarschijnlijkheid. Door bronbescherming, partnerbescherming, of andere zaken kun je of wil je soms niet al te stellig zijn. Soms is er ruimte voor ambiguïteit.’
Uw toon is serieus. Maar het gevaar daarbij bestaat dat u Rusland ook in de kaart speelt door de dreiging groot te maken. U stelt bijvoorbeeld ook dat het effect ‘niet grootschalig’ zou zijn geweest als de sabotage was gelukt.
‘Die afweging speelt altijd mee. Vorig jaar was de boodschap vooral bedoeld om de Nederlandse samenleving er meer bewust van te maken dat we niet naïef moeten zijn. Maar als ik ergens een presentatie geef en ik vraag aan mensen hun telefoon buiten te laten, vragen ze nog steeds of dat echt nodig is. De mate van bewustwording kan best groter. Ik denk niet dat we er al zijn.’
In hoeverre is de weerbaarheid bij Nederlandse organisaties op orde?
‘De grote bedrijven zoals laten we zeggen ASML, die hebben het goed op orde. Maar dat is niet voor elk bedrijf zo, is mijn stellige overtuiging. Dus daar mag nog wel wat gebeuren.’
Heeft de MIVD goed zicht op het gedrag van Russische hackers?
‘Daar hebben we voor nu voldoende zicht op. Maar daarmee is niet gezegd dat je altijd alles ziet. De complexiteit is groot, en die is aan de Chinese kant nog veel groter.’
Komt die informatiepositie door goede monitoring in Nederland of door offensieve operaties in Rusland?
‘Nou, ik denk dat het een beetje van alles is. We kijken al lang naar Russische groepen, dat scheelt. Dat is anders dan bijvoorbeeld met China. Daar moeten we echt nog een positie opbouwen.’
Ondertussen bestaan er grote zorgen over de Amerikaanse omgang met democratische grondrechten en geheime informatie. Hoe goed werken jullie nog samen met de Amerikaanse afluisterdienst NSA?
‘Wij werken heel goed samen met de Amerikaanse diensten. Maar tot op welk niveau, zal ik nooit kunnen beantwoorden.’
AIVD-hoofd Erik Akerboom noemde het plotselinge ontslag van de top van de NSA onlangs ‘onprofessioneel’.
‘Ik was ook erg verbaasd over dat ontslag. Maar we doen langlopende operaties met de NSA, op werkniveau is er niet veel veranderd. We kijken natuurlijk wel wat de ontwikkelingen daar betekenen voor de samenwerkingsrelatie, maar dat is meer politiek. Of dat een aanpassing nodig heeft en hoe, kan ik niet zeggen. We investeren nu wel meer in Europese samenwerking. En dat is een direct gevolg van de situatie in de VS.’
Hoe ziet dat eruit?
‘Je kent het beroemde 5-eyesmodel tussen de Angelsaksische landen (de Verenigde Staten, Canada, Groot-Brittannië, Australië en Nieuw-Zeeland vormen samen het machtigste inlichtingenblok ter wereld, red.). Heel voorzichtig gaan we nu kijken of we zoiets ook zouden kunnen bouwen aan Europese kant. De eerste stapjes op dat vlak worden nu genomen.’
Luister hieronder ook naar de podcast Schaduwoorlog. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant