Mensenrechtenadvocaat Philippe Sands onthulde dat dictator Pinochet wel erg warme banden onderhield met een oud-SS-officier. We moeten zelfs de grootste misdadigers proberen te begrijpen, zegt Sands. Maar waarom?
is boekenredacteur bij de Volkskrant. Zij interviewt Nederlandse en internationale schrijvers over hun nieuwste werk.
Als hij op weg is naar de begraafplaats van zijn grootvader in Parijs, krijgt schrijver en mensenrechtenadvocaat Philippe Sands een telefoontje. Of hij de voormalige Chileense president Augusto Pinochet, die net is gearresteerd in Londen, wil verdedigen.
Het is 1998. Daar op de begraafplaats van Pantin in Parijs vertelt Sands zijn vrouw Natalia over het verzoek. Zij zegt: ‘Als je dat doet, laat ik me van je scheiden.’
Zegt uw vrouw dit vaker?
‘Nee, dit was de eerste en enige keer! We zijn nog steeds getrouwd. Haar moeder is in 1935 in Spanje geboren, Natalia’s grootvader heeft als republikein tegen Franco gevochten en is uiteindelijk met zijn gezin naar Groot-Brittannië gevlucht. Voor mijn schoonfamilie stond Pinochet gelijk aan Franco.
‘Het probleem is dat je als advocaat eigenlijk niemand mag weigeren. Maar omdat ik bij de BBC kritiek had gegeven op Pinochet, had ik een uitweg om zijn verdediging te weigeren. Drie dagen later werd ik gebeld door de andere kant, Human Rights Watch, of ik wilde helpen bij de vervolging van Pinochet. Dat heb ik bijna twee jaar gedaan, zolang hij onder huisarrest stond in Londen’, zegt Sands met bevlogen stem vanachter zijn beeldscherm in zijn Londense werkkamer.
Philippe Sands (Londen, 1960) is jurist, mensenrechtenadvocaat en hoogleraar internationaal recht aan het prestigieuze University College London. Hij heeft zowel de Franse als de Britse nationaliteit. Hij is betrokken geweest bij de belangrijkste internationale rechtszaken van de afgelopen jaren, zoals die rond Guantánamo Bay, Congo, Joegoslavië, Rwanda, Irak en de Rohingya-genocidezaak tegen Myanmar.
Daarnaast schreef hij meerdere non-fictieboeken die niet alleen veelgeprezen werden, maar ook uitgroeiden tot internationale bestsellers – onder andere Oost-Weststraat en De rattenlijn. Onlangs verscheen zijn nieuwe boek De verdwijningen van Londres 38, met als ondertitel Over Pinochet in Engeland en een nazi in Patagonië – over die nazi later meer.
Hoe belangrijk is de zaak-Pinochet geweest voor het internationale recht?
‘Zo belangrijk als maar kan. Het was de eerste keer dat er een zaak was over universele jurisdictie (het idee dat bepaalde rechten over de hele wereld afdwingbaar moeten zijn door rechterlijke uitspraken, red.) waarbij een voormalig staatshoofd werd aangeklaagd voor vermeende misdaden als genocide, martelingen en verdwijningen, en dat die immuniteit claimde. Dit was nog nooit eerder gebeurd. En ik weet zeker dat jouw krant, net als elke krant ter wereld, op de voorpagina had staan dat Pinochet was gearresteerd.’
Dus het was juridische geschiedenis die u schreef.
‘Het was juridische én politieke geschiedenis. Tijdens het proces van Neurenberg in 1945-1946 werd voor het eerst een nieuwe internationale standaard gezet. Maar daarna gebeurde er vijftig jaar lang niets op het gebied van internationaal recht. En toen, in 1998, hadden we de oprichting van het Internationaal Strafhof in Rome en de arrestatie van Pinochet. Dat was de wedergeboorte van het systeem van het internationale recht.’
Maar Pinochet is uiteindelijk niet uitgeleverd, niet veroordeeld en hij kon terugkeren naar Chili, waar hij in 2006 op 91-jarige leeftijd stierf. Dat voelt onrechtvaardig, gezien de misdaden die hebben plaatsgevonden onder zijn regime; naar schatting veertigduizend mensen zijn gemarteld, rond de drieduizend tegenstanders zijn vermoord of verdwenen. Hoe kijkt u naar die uitkomst?
‘Vergeet niet dat hij zijn immuniteit verloor toen hij in maart 2000 terugkwam in Chili. Hij werd onderzocht, aangeklaagd. En toen hij stierf, stond hij onder huisarrest. Dus zijn reputatie was in bepaalde opzichten aan flarden. Maar hij is inderdaad nooit veroordeeld. En voor veel mensen was dit vreselijk. Ik ben verscheurd. Zou het beter zijn geweest als hij was uitgeleverd aan Spanje en daar was veroordeeld?
‘De vraag is ook: welk moreel recht heeft Spanje om een Chileense leider te berechten voor internationale misdaden, terwijl het nooit zijn eigen misdaden in verband met de Spaanse Burgeroorlog heeft aangepakt? Die zijn nooit onderzocht.
‘Ik denk dat het uitgangspunt moet zijn dat in de eerste plaats wordt gekeken of het mogelijk is iemand te berechten in het land waar de misdaden zijn gepleegd. Maar soms is dat niet mogelijk. En daarom hebben we het Internationaal Strafhof in Den Haag opgericht. Jullie hebben daar onlangs de belangrijke uitlevering gehad van meneer Duterte uit de Filipijnen, hij zou in zijn eigen land nooit zijn berecht.’
Vaak spelen politieke overwegingen een rol in internationale rechtszaken. Zo was oud-premier Margaret Thatcher tegen de uitlevering van Pinochet omdat Chili indertijd het Verenigd Koninkrijk had geholpen tijdens de Falklandoorlogen in 1982. Van dit soort politieke spelletjes moet u als mensenrechtenadvocaat toch gek worden.
‘Heel weinig maakt me gek, want ik ben een opgewekt persoon. En ik ben een realist. In alle wetten is er politiek. En in alle literatuur is er politiek. En politiek is het menselijk leven. Het is de normale situatie. Rechtvaardigheid is een langetermijnspel. Het systeem van internationaal recht is nieuw. Het is fragiel. Het is een project van de lange adem en we staan nog maar aan het begin.’
Maar waarom zijn dit soort juridische processen dan toch belangrijk?
‘Dat is een heel grote vraag die je stelt.’
Ja...
‘Dit soort processen is emblematisch. Neurenberg staat symbool voor een reeks waarden die niet alleen om macht draait, maar ook om principes. Deze zaken, ook al zijn ze onvolmaakt en zeldzaam, geven uiteindelijk toch een signaal af over een andere manier van doen.
‘In 1945 wilde Churchill de nazi’s op een rijtje zetten en executeren. Dat gebeurde niet vanwege Roosevelt en Stalin. Zij zeiden: nee, we willen een proces, om heel verschillende redenen – dat terzijde. Dat zette het moderne systeem van internationaal recht in gang dat wordt weerspiegeld in het Internationaal Strafhof in Den Haag, waarmee we zeggen dat we als gemeenschap bepaalde waarden hebben. Een van die waarden is dat als je iets verkeerd doet, je onderworpen zult worden aan een strafrechtelijk proces. Het is een imperfect systeem, dat weten we, maar het is een manier om bepaalde principes en waarden uit te dragen. En dat steun ik.’
In het onlangs verschenen De verdwijningen van Londres 38 schrijft Sands over de schrikbarende verbanden tussen de Chileense dictator Pinochet en de oud-SS-officier Walther Rauff, die in de Tweede Wereldoorlog een bepalende rol speelde bij de totstandkoming van de gaswagens – oftewel mobiele gaskamers – waarin naar schatting bijna honderdduizend Joden zijn vermoord. In de loop van het verhaal komt Sands erachter dat een familielid van hem hoogstwaarschijnlijk ook in een van die gaswagens is omgebracht, iets dat hij voor het schrijven van dit boek niet wist.
De SS’er Rauff (1906-1984) – klein van stuk, kort haar – was een van de tien meestgezochte nazi’s. Hij vlucht na 1945 eerst naar Damascus en vervolgens naar Ecuador, waar hij een man met de naam Augusto Pinochet ontmoet, die hem aanmoedigt naar Chili te komen, want ‘daar houden we van mannen zoals jij’. In 1958 verhuist hij naar Patagonië, naar het plaatsje Punta Arenas in het uiterste zuiden van Chili, waar hij een fabriekje runt dat het vlees van koningskrabben inblikt.
Als Pinochet in 1973 met een militaire coup aan de macht komt, doen al gauw de geruchten de ronde dat Rauff betrokken is bij de misdaden, martelingen en verdwijningen die plaatsvinden in het grijze gebouw op het adres Londres 38 in Santiago.
Je kunt De verdwijningen van Londres 38 lezen als een les in internationaal recht, als detectiveverhaal, als een verhaal over toeval, of als een onthutsend portret van een voormalig SS-officier en een dictator. Maar bovenal is het een onthullend boek.
Voor het eerst weten we zeker of er al dan niet een deal was waardoor Pinochet niet werd uitgeleverd, en voor het eerst is aangetoond dat een hoge nazi in Latijns-Amerika warme banden onderhield met een dictator. En het onthult dat er documenten zijn die door Pinochet zijn ondertekend en zo zijn rol in de misdaden blootleggen.
Saillant detail: Sands brengt ook aan het licht dat de Duitse journalist Gerd Heidemann, bekend als de man die de valse dagboeken van Hitler kocht voor het tijdschrift Stern, een Mossad-agent was.
Het verhaal leest als whodunit, steeds worden er clues en details gegeven. ‘Dat heb ik geleerd van mijn buurman David Cornwell, beter bekend als John Le Carré, die in 2020 is overleden maar met wie ik veel over dit boek heb gesproken. Hij leerde me hoe ik details kan gebruiken om de verbeelding van de lezer te prikkelen. En hij zei: ‘Philippe, vertrouw op je instinct.’
‘Ik vertelde hem dat ik in een brief in het familiearchief van de nazi Wächter, over wie mijn eerdere boek De rattenlijn ging, de naam Rauff had zien opduiken. Toen ik erachter kwam dat Rauff naar Chili was gevlucht, dacht ik meteen: is er een connectie met Pinochet? Le Carré was hierdoor geïntrigeerd, hij geloofde dat veel dingen in het leven met elkaar verbonden zijn, dus hij spoorde me aan verder onderzoek te doen.’
‘Zonder alles in dit interview prijs te geven: voor mij waren de verbindingspunten schokkend, het idee dat de man die in 1942 gaswagens bestuurde, in 1974 koelwagens bestuurde...’
U verdiept zich – niet voor het eerst – in nazi’s. Is het belangrijk om daders te begrijpen?
‘Dat is de grote vraag in al mijn werk. Hoe kunnen gewone mensen betrokken raken bij gruwelen, bij monsterlijke daden? Het is een eeuwig mysterie hoe mensen vreselijke dingen kunnen doen.’
Maar waarom is het belangrijk ze te begrijpen?
‘Dat heeft met veel dingen te maken. Misschien ook met de naïeve hoop dat als we begrijpen waarom bepaalde mensen op een bepaalde manier handelen, we wellicht kunnen voorkomen dat andere mensen zich in de toekomst op die manier gedragen.
‘Ik denk dat dat de hoop is. En natuurlijk is dat nu relevant, als je kijkt naar wat er in Europa, de Verenigde Staten en het Midden-Oosten gebeurt. We hebben het gevoel dat de caleidoscoop van de geschiedenis snel verschuift in een richting die pijnlijk en donker is.’
U weet, onder meer door uw werk als mensenrechtenadvocaat, dat mensen elkaar de vreselijkste dingen kunnen aandoen. Toch zit er in uw boeken altijd iets positiefs.
‘Ik ben groot fan van de dichter en zanger Leonard Cohen. Hij zingt: There is a crack, a crack in everything. That’s how the light gets in. Dat is mijn leidmotief. Zelfs op de donkerste momenten.
‘Wat me nu bijvoorbeeld een beetje positief stemt over de wereldpolitiek, is dat Europa, met de komst van de regering van meneer Trump, wakker wordt. Ik wil dat Europa wakker wordt. Ik wil dat Europa serieus gaat handelen op het wereldtoneel. Ik wil dat Europa voor zijn eigen bescherming zorgt en ik ben blij de veranderingen te zien die in heel Europa plaatsvinden.
‘Ik denk dat we donkere tijden voor de boeg hebben, maar die donkere tijden zullen voorbijgaan. Uiteindelijk zullen we een zonniger plek bereiken.’
U gelooft in de goedheid van de mens?
‘Ja, absoluut. Honderd procent. Ik denk dat de meeste mensen ongelooflijk fatsoenlijk zijn, en ik ben een optimist. En ik denk dat fatsoen uiteindelijk altijd zal zegevieren.’
U heeft eerder gezegd dat het vermogen van mensen om te praten over wat hun is overkomen, beperkt is. Dat u dat heeft gezien bij uw Joodse grootvader, die in de Holocaust meer dan tachtig familieleden heeft verloren. Zag u dat ook in Chili toen u slachtoffers van Pinochet sprak?
‘Ja, het is heel herkenbaar voor me. Een generatie die zelf trauma heeft meegemaakt, wil niet praten over de verschrikkingen of over de details. Een van de redenen dat ze dit niet willen, is om de volgende generaties te beschermen. En dus gaan gemeenschappen over tot stilte. Er is stilte na trauma. Overigens ook aan de kant van de daders.
‘Pas na twee of drie generaties beginnen mensen te spreken. In Duitsland en Europa na de Tweede Wereldoorlog. In Rwanda, Joegoslavië, Chili, Argentinië, Soedan, Gaza, Israël. Het is heel, heel moeilijk. Er ontstaat een stilteruimte. En in die stilteruimte dringen zich literatuur, gedichten, liedjes, fictie- en non-fictieboeken op. Mensen gebruiken deze vormen om uit te leggen wat er is gebeurd en hoe ze daarop hebben gereageerd.
‘Ik ben gaan begrijpen dat literatuur en cultuur op deze manier een belangrijke rol spelen bij het leveren van gerechtigheid. En ik durf de vraag te stellen of literatuur misschien een even belangrijke rol speelt bij het leveren van gerechtigheid als een rechtbank.
‘Het is anders. Het is niet beter, het is niet slechter, maar het is een manier om verhalen te vertellen en verantwoording af te leggen. Ook in Chili, waar tot dertig jaar na de gebeurtenissen van 1973 geen gerechtigheid had plaatsgevonden, want pas toen Pinochet terugkeerde in 2000, werden er rechtszaken aangespannen. Maar het was niet zo dat er in die tussenliggende periode niets gebeurde. Er waren liederen, er waren gedichten. Er was geweldige literatuur. Denk aan schrijvers als Bruce Chatwin, Roberto Bolaño en de dichter Pablo Neruda, die de kloof vulden, die verhalen vertelden.
‘Rauff duikt op in allerlei literaire werken. Neruda schreef bijvoorbeeld over hem: ‘Ik kan niet ontkennen dat deze man verstand heeft van besteltrucks.’
‘Dat is toch ongelooflijk! En die verhalen speelden een belangrijke rol in het leveren van gerechtigheid. Dus gerechtigheid gaat niet alleen over rechtszaken, het gaat over andere dingen, en die andere dingen omvatten literatuur en de kracht van het woord en de kracht van het boek. En wat we zien na trauma is dat het niet begint met rechtszaken, maar met boeken.’
Is dat ook waarom u boeken schrijft, om recht te doen?
‘Dat zou kunnen kloppen. De rattenlijn kun je zien als de veroordeling van de nazi Otto Wächter die geen enkele rechtbank ooit heeft uitgesproken. En het nieuwe boek als die van Rauff, want ook hij is nooit door een rechtbank veroordeeld toen hij in 1984 overleed.’
U was heel close met uw grootvader.
‘Heel close.’
Hoe zag die stilte er bij hem uit?
‘Als je me zou vragen waar ik het meeste spijt van heb in mijn leven, dan is mijn antwoord heel simpel. Ik heb mijn grootvader nooit gevraagd: ‘Wat voor iemand was je moeder? Vertel me over haar.’ Maar ik wist dat ik die vraag niet moest stellen, omdat we allemaal wisten hoe pijnlijk die was. Dus ik heb hem nooit over zijn moeder, mijn overgrootmoeder, horen vertellen. Ik heb er zo’n spijt van dat ik hem nooit naar haar heb gevraagd.’
Maar het was dus onmogelijk?
‘Ja, onmogelijk. De vraag was te pijnlijk. Voor hem. Het zou te egoïstisch van me zijn geweest om hem te stellen. En dus wisten we allemaal: vraag er niet naar, vraag er niet naar.’
Sands blijft even stil.
In uw epiloog schrijft u over een Chileense vrouw die zowel Pinochet als Rauff had gekend. En zij zei: ze leken op elkaar, ze waren mannen met twee gezichten, met een zachtaardige en een harde kant. Ziet u dat ook zo?
‘Het sprak me aan, het klonk als de waarheid. Want tegen mij zei ze dat ik drie gezichten had: schrijver, advocaat en iemand die persoonlijk geraakt is door de verschrikkingen die mijn eigen familie hebben getroffen. Ze vroeg: hoe scheid je deze gezichten? Daar had ze een goed punt.’
Ziet u in het gerechtshof ook altijd meerdere gezichten van iemand, al heeft die monsterlijke dingen gedaan?
‘Ja, ik zal een voorbeeld geven. Toen ik de zaak tegen Myanmar voerde over de Rohingya, in december 2019, zat ik twee meter bij Aung San Suu Kyi vandaan. Ze hield een pleidooi voor de rechtbank waarin ze verdedigde wat de Tatmadaw, het leger van Myanmar, had gedaan tegen de Rohingya-gemeenschap. Ik was het niet eens met wat ze zei, maar ik begreep wat ze deed. Want haar vader was de oprichter van de Tatmadaw. Dus ze verdedigde in feite haar vader. Ze sprak met twee gezichten, als leider van Myanmar en als dochter van haar vader. En dat begreep ik toen ze sprak.
‘We hebben allemaal meerdere gezichten. De meeste massamoordenaars zijn ook vaders. Rauff heeft nooit enige spijt betuigd, hij vierde tot zijn dood de verjaardag van Hitler. Maar zijn kleinzoon, die ik heb ontmoet, noemde hem een geweldige grootvader, van wie hij meer hield dan van zijn eigen vader. Het is geen kritiek om te zeggen dat iemand twee gezichten heeft. Het leven is ingewikkeld. Misschien is het goed om dit altijd in het leven te proberen te zien: het is complex.’
1960 Geboren in Londen.
1982 Studeert af aan de Universiteit van Cambridge.
1983-1984 Gastonderzoeker aan Harvard Law School.
1985 Wordt lid van de Bar of England and Wales (orde van advocaten).
2002 Hoogleraar internationaal recht aan University College London en directeur van het Centre for International Courts and Tribunals aldaar.
2003 Eretitel Queen’s Counsel.
Sands was de afgelopen jaren als advocaat betrokken bij een groot aantal belangrijke internationale strafzaken.
Boeken (selectie):
2016 Oost-Weststraat
2020 De rattenlijn
2022 De laatste kolonie
Donderdag 24 april spreekt Philippe Sands in De Balie in Amsterdam, gevolgd door een panelgesprek met onder anderen Arnon Grunberg, Judith Belinfante en Nico Schrijver.
Philippe Sands: De verdwijningen van Londres 38. Uit het Engels vertaald door Jan Wynsen. Spectrum; 528 pagina’s; € 34,99.
Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant