Ngo’s in Israël lopen gevaar. Met nieuwe wetgeving dreigt de regering-Netanyahu hun belangrijkste inkomstenbron – buitenlandse steun – af te knijpen. ‘Als deze wet wordt aangenomen, houdt de mensenrechtenbeweging op te bestaan.’
schrijft vanuit Israël en de Palestijnse gebieden.
Mensenrechtenorganisaties in Israël vrezen voor hun voortbestaan. Twee nieuwe wetten, in behandeling bij het parlement, dreigen het werk van de ngo’s onmogelijk te maken. ‘Ik weet niet of wij over een jaar nog bestaan’, zegt directeur Ziv Stahl van Yesh Din, een organisatie die mensenrechtenschendingen tegen Palestijnen op de Westoever documenteert.
Een van de wetten maakt elke vorm van samenwerking met het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag strafbaar. Overtreders kunnen 5 jaar celstraf krijgen. De andere wet bepaalt dat ngo’s 80 procent belasting moeten betalen over alle donaties die ze krijgen van buitenlandse regeringen of multilaterale organisaties.
Vooral deze laatste ‘ngo-wet’ is verontrustend, zeggen drie hoofden van Israëlische ngo’s. Naast Stahl zijn dat Nadav Weiman, directeur van Breaking the Silence, en Avner Gvaryahu, directeur van Aufoq. Breaking the Silence is een klokkenluidersorganisatie van reservisten in het leger, Aufoq werkt met Joden en Arabieren.
‘Als deze Poetin-wet wordt aangenomen, houdt de mensenrechtenbeweging zoals we die kennen op te bestaan’, zegt Gvaryahu. ‘We hebben dan het punt bereikt waarnaar twintig jaar is toegewerkt: een totale vernietiging van de mensenrechtensector. Dat gaat samen met een aanval op de mensenrechten zelf. They want to kill the messenger.’
Israëlische ngo’s zijn wereldwijd een belangrijke bron van informatie over de situatie in Palestijns gebied. Betaalde krachten en vrijwilligers verzamelen feiten en getuigenissen. Vaak krijgen ze geld van westerse regeringen, multilaterale organisaties en ontwikkelingsorganisaties die op hun beurt worden gevoed met overheidsgeld. Ook die laatste donaties vallen onder het bereik van de ngo-wet.
Dat de wet de mensenrechtenbeweging als doelwit heeft, blijkt duidelijk uit bepalingen die erin staan, uitlatingen van politici en de voorgeschiedenis. Tien jaar geleden kreeg een minder vergaande ngo-wet al de bijnaam ‘Breaking the Silence-wet’, naar de klokkenluidersorganisatie die regelmatig een boekje opendoet over misstanden in het leger.
‘We lachten om die wet’, zegt Weiman. ‘We waren verplicht onze donoren bekend te maken. Maar die stonden vanaf het begin gewoon op onze website, uit trots.’
Ook moest de organisatie in haar publicaties vermelden dat meer dan 50 procent van de inkomsten van buitenlandse donoren kwam. Weiman: ‘Dat deden we, met de toevoeging dat 100 procent van onze getuigen als militair had gediend.’
Volgens de conceptwet wordt de donorbelasting niet geheven als de betrokken instelling óók geld ontvangt van de Israëlische overheid. Uiteraard zijn zulke organisaties nooit luizen in de pels van de staat, zoals de drie hier genoemde. Bovendien, zegt Gvaryahu, kan de regering met een kleine subsidie bevriende ngo’s al vrijwaren van belastingheffing. Daarnaast mag de minister van Financiën naar believen ngo’s uitzonderen.
Mogelijk wordt het tarief van 80 procent door het parlement verlaagd, maar dat maakt volgens de directeuren weinig uit voor de desastreuze gevolgen. ‘Landen en instellingen zullen hun donaties staken als een deel terechtkomt in de Israëlische schatkist’, zegt Stahl.
Gvaryahu, met ironie: ‘Gevaarlijke, angstaanjagende landen als Nederland, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk zullen niet toestaan dat een regering met extreemrechtse ministers als Itamar Ben-Gvir een deel van hun geld afpakt.’
Een ander probleem is dat ngo’s met 50 procent buitenlandse donaties geen toegang krijgen tot Israëlische rechtbanken. Dat maakt het onmogelijk slachtoffers van mensenrechtenschendingen juridisch bij te staan.
De aanval op de mensenrechtensector kan niet louter aan de huidige rechtse regering worden toegeschreven. De ngo’s liggen al langer onder vuur. ‘Degenen die de weg voor de wet hebben geplaveid, komen uit het politieke midden’, zegt Gvaryahu. Hij noemt politici als Yair Lapid (‘viel de mensenrechtenbeweging aan’) en Naftali Bennett (‘de man achter de Breaking the Silence-wet’).
Ruim vijftien jaar geleden begonnen vooraanstaande politici samen met rechtse media een aanval op ngo’s die opkwamen voor Palestijnen, schrijft politicoloog Dahlia Scheindlin in haar boek The Crooked Timber of Democracy in Israel (2023). Ze werden afgeschilderd als ‘interne vijanden’, gefinancierd door het buitenland.
‘Het Israëlisch-Palestijns conflict werd het toneel voor een aanhoudend offensief tegen organisaties die mensenrechten zouden gebruiken als dekmantel voor anti-Israëlische activiteiten’, aldus Scheindlin.
Zij citeert de rechtse waakhond NGO Monitor: ‘Ngo’s als B’tselem en Breaking the Silence ontvangen enorme bedragen van buitenlandse regeringen, zogenaamd omdat ze de mensenrechten bevorderen. In werkelijkheid richten zij zich op het wereldwijd demoniseren van Israël.’
Die retoriek werd spoedig overgenomen door politieke partijen als Likud, de partij van premier Netanyahu.
De opstelling van de centrumpartijen maakt de kans groot dat de ngo-wet het zal halen. Een wetsontwerp dat zeker ook door het parlement zal komen, is dat over het Internationaal Strafhof. De afkeer van het ICC wordt breed gedeeld in de Israëlische politiek.
De wet stelt een celstraf van maximaal 5 jaar op samenwerking met het ICC. ‘Samenwerking’ wordt breed opgevat; het kan ook passief zijn. ‘Iedereen die informatie naar buiten brengt die vervolgens wordt gebruikt door het hof, kan worden vervolgd’, zegt Stahl. ‘Dus als de aanklager een rapport op onze website citeert, zijn wij strafbaar.’
Misschien zelfs eerder al: de Israëlische justitie hoeft niet eens te bewijzen dat de aanklager het bewijs daadwerkelijk heeft gebruikt, het is genoeg dat het gebruikt zou kúnnen worden. Ook journalisten moeten zich zorgen maken, aldus Stahl. ‘Maar we gaan ervan uit dat ze vooral ons in het vizier hebben.’
‘Feitelijk ontmantelen deze wetten de wereldwijde rechtsorde van na de Tweede Wereldoorlog. Die is mede bedoeld om minderheden, waaronder Joodse mensen, te beschermen. Wat op het spel staat is het hele concept van mensenrechten en respect voor het internationaal recht.’
Luister hieronder naar onze nieuwspodcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant