De veelbelovende samenwerking tussen Carlos Sainz en Williams heeft nog niet zijn vruchten afgeworpen. De topcoureur maakte in de winter de overstap van Ferrari, en de verwachtingen waren hooggespannen. Hoewel Williams duidelijk een stap in de goede richting heeft gezet – het team heeft na vier races al meer punten gescoord dan in 2024 – heeft Sainz moeite om aan te haken bij zijn nieuwe teamgenoot Alexander Albon. Laatstgenoemde heeft achttien van de negentien kampioenschapspunten voor het Britse team gescoord.
Na de vrijdag in Saudi-Arabië heerst er echter een positieve stemming aan beide kanten van de Williams-garage, aangezien de Spanjaard de eerste en tweede vrije trainingen afsloot op respectievelijk P7 en P5. Naderhand erkent de viervoudig Grand Prix-winnaar dat hij zijn aanpak heeft moeten aanpassen aan de FW47. “Ik heb geprobeerd om de auto in een werkvenster te krijgen dat beter past bij mijn rijstijl, rekening houdend met de beperkingen die we dit jaar hebben”, legt Sainz uit. “Sommige dingen werkten, andere niet.”
Gevraagd of de Spanjaard mikt op een top 10-startpositie op het stratencircuit in Jeddah, antwoordt hij dat dat ieder weekend het doel is voor het team. “Tot dusver is dat lastig gebleken, want we hebben wat moeite gehad met het aanpassingsproces. Bepaalde zaken vielen niet echt mijn kant op. Hopelijk is dit weekend een stap in de goede richting”, vertelt Sainz na de vrijdagsessies.
De FW47 is nog niet helemaal naar wens afgesteld, maar de coureur uit Madrid doet er alles aan om de bolide van binnen en van buiten te doorgronden. “Je ziet duidelijk progressie. Soms doe ik iets [met de afstelling] waardoor ik een stap achteruit ga. Dan weet ik welke richting ik niet moet gaan, dus eigenlijk zet ik een stap voorwaarts. Hetzelfde geldt voor mijn rijstijl. Ik moet mezelf de tijd gunnen om de dingen waarvoor ik was gewaarschuwd beter te begrijpen. Uiteindelijk kom ik er wel”, concludeert de Williams-coureur.
Source: Motorsport