Astronomen hebben een ‘buitenaardse wereld gezien die mogelijk bewoond wordt’, zoals de hoofdonderzoeker het zei op een persconferentie. Andere experts reageren kritisch. ‘Dit is onverantwoordelijke onzin die het vak schade zal berokkenen’.
is wetenschapsredacteur voor de Volkskrant. Hij schrijft over sterrenkunde, natuurkunde en ruimtevaart.
Een warme oceaan, die tjokvol leven is. Dat is, als je het hoofdonderzoeker Nikku Madhusudhan van de University of Cambridge vraagt, de beste verklaring voor de metingen die zij deden van verre planeet K2-18b, op zo’n 120 lichtjaar afstand van de aarde.
‘Dit is een revolutionair moment. Het is de eerste keer dat de mensheid een potentiële biologische handtekening heeft gezien van een planeet waarop leven mogelijk is’, zei hij op een persconferentie.
Nadat de resultaten waren verschenen, pakten veel media er flink mee uit. Buitenlandse kranten zoals The New York Times bespraken het nieuws uitgebreid, en ook het NOS journaal meldt donderdagochtend dat wetenschappers ‘de sterkste tekenen hebben gevonden van mogelijk buitenaards leven’.
Aanleiding is het resultaat dat Madhusudhan en collega’s overleggen in een artikel in het vakblad The Astrophysical Journal Letters. Daarin beschrijven ze hoe ze met ruimtetelescoop James Webb, het vlaggenschip van de moderne astronomie, in de atmosfeer van planeet K2-18b aanwijzingen hebben gevonden voor de stoffen dimethylsulfide en dimethyldisulfide, organische verbindingen die op aarde uitsluitend door leven worden gemaakt.
Zulke metingen interpreteren is lastig, want aanwijzingen voor buitenaards leven zijn altijd indirect. Niemand is naar K2-18b gevlogen om daar foto’s te maken, laat staan dat iemand de veronderstelde oceaan of het daarin rondzwemmende leven met eigen ogen heeft gezien of bemonsterd.
Resultaten van dit soort metingen staan daarom altijd open voor interpretatie. Wetenschappers die zoeken naar leven op zogeheten exoplaneten, die draaien om een andere ster dan de zon, waarschuwen daarom al langer dat we nooit een krantenkop zullen zien die stelt ‘buitenaards leven ontdekt!’, omdat zo’n ontdekking stapsgewijs zal plaatsvinden.
Eerst ontdekt men een voorzichtige aanwijzing voor leven, dan volgt discussie en vervolgonderzoek, en pas veel later, als het al bijna geen nieuws meer is, komt de definitieve bevestiging. ‘Het is in niemands belang om vroegtijdig te claimen dat we leven hebben ontdekt’, zei Madhusudhan daarom tijdens de persconferentie.
Maar zelfs met dat in het achterhoofd zijn andere experts in dit geval verre van overtuigd. ‘Ik weet niet of ik moet lachen, of dat ik moet huilen’, zegt exoplaneetonderzoeker Ignas Snellen van de Universiteit Leiden. ‘Dit gaat heel ver over mijn persoonlijke grens heen van wat ik nog verantwoorde wetenschapscommunicatie vind.’
Volgens Snellen kunnen de onderzoekers hun claim niet hard maken. ‘Ze zien een bobbel in een signaal, dat is het. Ze weten niet of het dimethylsulfide is, het kan gerust iets anders zijn. En omdat dimethylsulfide op aarde gemaakt wordt door leven zeggen ze: een plus een is twee. Dat is onverantwoordelijke onzin.’
Volgens Snellen heeft Madhusudhan een heel andere visie hoe je aandacht moet krijgen voor dit soort onderzoek. ‘Ik ken hem, hij wil enthousiasme genereren voor dit vak. En op deze manier krijg je die aandacht inderdaad. Maar wie gelooft ons straks nog als we écht serieuze aanwijzingen voor buitenaards leven vinden? Ik denk dat dit op termijn alleen maar schade berokkent aan ons vak.’
Luister hieronder naar onze wetenschapspodcast Ondertussen in de kosmos. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Alles over wetenschap vindt u hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant