schrijft elke week over een alledaags opvoedkundig probleem waarvoor ze een oplossing zoekt.
De 10-jarige dochter van een collega klaagt vaak over een bazig meisje in de klas dat alles bepaalt. Het is vervelend om te horen dat je kind niet aan bod komt. Keur je het gedrag af, zodat je kind begrijpt dat dit niet oké is, of blijf je diplomatiek neutraal?
Kinderen ontwikkelen hun sociale vaardigheden voor een belangrijk deel door wat ze van hun ouders meekrijgen. ‘Hoe ga jij als ouder om met mensen die over je grenzen gaan?’, zegt Minne Fekkes, bijzonder hoogleraar sociale vaardigheden en weerbaarheid aan de Universiteit van Amsterdam. ‘Die tactieken nemen kinderen over.’
Om te voorkomen dat hun kind over zich heen laat lopen, spreken sommige ouders zich negatief uit over zo’n bazige klasgenoot. ‘Je stelt dan een norm’, zegt Fekkes. Begrijpelijk, maar niet het meest effectief. ‘Het is waardevoller om kinderen zelf te laten nadenken tijdens een gesprek: wat betekent het dat iemand bazig is? Wat voor gevoelens roept dat op? Hoe kun je reageren? Hierdoor ontwikkelen ze een groter sociaal inzicht en zelfbewustzijn.’
Bij oudere kinderen kun je samen bespreken waar dat bazige gedrag vandaan komt. ‘Dat betekent niet dat je het goedkeurt, maar je stimuleert wél de empathie van je kind’, zegt Fekkes. ‘Gedraagt het meisje zich misschien zo omdat ze onzeker is of het thuis moeilijk heeft? Zo leert je kind het gedrag van anderen beter begrijpen, in plaats van er overweldigd door te raken. Dat is weerbaarheid.’
Nederlandse jongeren kunnen goed met hun ouders praten, zo blijkt uit het internationale onderzoek Health Behaviour in School-aged Children. Zo’n 91 procent van de jongens en 87 procent van de meisjes geeft aan makkelijk met hun moeder te kunnen praten wanneer zij ergens mee zitten. Bij vaders ligt dit percentage iets lager (87 procent versus 75 procent).
Uit onderzoek onder gepeste kinderen blijkt dat een goede band met ouders beschermend werkt. ‘Kinderen met een warme relatie met ten minste één ouder hebben minder kans om gepest te worden,’ zegt Fekkes. ‘En als ze wél gepest worden, ontwikkelen ze minder snel klachten. Die band voorkomt dat een kind zich geïsoleerd voelt.’
‘Probeer te achterhalen wat er precies speelt’, adviseert kind- en oudercoach Elliëtte Kreek. ‘Gaat je dochter thuis ook vaak mee in de wensen van anderen? Of hecht ze juist sterk aan haar eigen wil, waardoor er op school eerder sprake is van twee kapiteins op één schip?’
Stroop niet direct de mouwen op. ‘Als ouder loop je mee als een sherpa, niet voorop als een gids die de route bepaalt’, zegt Kreek. Je wilt immers dat je kind een eigen sociale antenne ontwikkelt en niet enkel de orders van ouders opvolgt. ‘Stel vooral veel vragen: ‘Wat maakt het vervelend dat die klasgenoot altijd beslist? Zou jij vaker willen kiezen wat jullie gaan doen? Heb je dat al geprobeerd? En heb je aangegeven dat je het onprettig vindt?’
Kinderen vinden het lastig om ongewenst gedrag aan te kaarten (net als veel volwassenen!). ‘Dan kun je zeggen: dat is dan echt jouw uitdaging. Net zoals het de uitdaging van je klasgenoot is om niet altijd de baas te spelen’, zegt Kreek. Spreek het vertrouwen uit dat je zeker weet dat zo’n moment vanzelf komt. ‘Je hoeft het niet op te lossen. Soms is het genoeg om het zaadje te planten.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant