Het gesprek tussen het Rijk en gemeenten lijkt te blijven steken in een discussie over de verdeling van financiële tekorten op de jeugdzorg. Hierdoor blijven de benodigde investeringen voor een sterke samenleving uit.
Het gaat niet goed met veel kinderen en gezinnen in Nederland. Inmiddels maakt meer dan één op de zeven kinderen in Nederland gebruik van jeugdzorg. Dat cijfer is alarmerend. Het laat zien dat er iets structureel mis is. Niet alleen in de jeugdzorg maar in onze hele samenleving. Armoede, schulden, woningnood, de invloed van sociale media, mentale problemen bij ouders, vechtscheidingen en toegenomen prestatiedruk op school zijn stuk voor stuk aanjagers voor instroom in de jeugdzorg. Als we kinderen en gezinnen echt willen helpen dan moeten we beginnen bij de basis van hun problemen.
Over de auteurs
Boris van der Ham is voorzitter van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland en de Branches Gespecialiseerde Zorg voor Jeugd. Ronnie van Diemen is voorzitter Jeugdzorg Nederland. Ruth Peetoom is voorzitter de Nederlandse ggz.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Dat is geen revolutionair inzicht. Alle rapporten van commissies en inspecties zeggen hetzelfde. Als we de problemen in de jeugdzorg willen aanpakken moeten we gezinnen beter ondersteunen en de samenleving versterken. De focus moet liggen op de oorzaken van problemen in gezinnen in plaats van het bestrijden van symptomen. Jongeren die vastlopen, komen bij ons terecht – in de jeugdzorg, de geestelijke gezondheidszorg, de gehandicaptenzorg, en vaak in een combinatie daarvan. Maar wij als zorgorganisaties kunnen het niet alleen.
Op 16 april Woensdag zitten de Rijksoverheid en gemeenten om tafel, en wat daar besloten wordt is voor de toekomst van onze jongeren cruciaal. De aanloop naar dat gesprek stelt ons niet gerust. Het gesprek lijkt te blijven steken in een discussie over de verdeling van financiële tekorten op de jeugdzorg.
Het is begrijpelijk dat in die valkuil wordt getrapt. Want de kosten van de jeugdzorg zijn sinds de decentralisatie in 2015 explosief gestegen. Gemeenten kunnen dit niet ophoesten en worden ook nog eens geconfronteerd met een bezuiniging van een miljard euro op de jeugdzorg en het naderende ‘ravijnjaar’. Maar de discussie overschaduwt het inhoudelijke debat over de verbetering van de jeugdzorg en maakt de problemen alleen maar groter.
Niet alleen op de jeugdzorg, maar ook op basisvoorzieningen in de wijk, op sportclubs, jongerencentra, bibliotheken, zwembaden en welzijnswerk moet door gemeenten worden bezuinigd. Het zijn juist deze plekken die bijdragen aan het versterken van de veerkracht van kinderen en gezinnen. Het buurthuis waar een kind even tot rust kan komen. De jongerenwerker die ziet dat het thuis niet goed gaat. De school waar tijd is voor een goed gesprek. Als die plekken onder druk staan, breken we netwerken rondom gezinnen af. We zijn het als samenleving verplicht om voor onze kinderen een basis te bieden om veilig, gezond en kansrijk te kunnen opgroeien.
Daarom is het hoog tijd voor serieuze investeringen in de basis en voor duidelijke wet- en regelgeving. Elke gemeente moet weten wat zij minimaal moet regelen voor kinderen en gezinnen. Zorg dat hulp op school laagdrempelig en dichtbij is. Zorg dat er in iedere wijk professionals zijn die signalen oppikken vóórdat problemen uit de hand lopen. En vooral: geef kinderen en ouders een stem. Niet alleen beleidsmakers mogen bepalen wat er nodig is.
Ook in de jeugdhulp moet het beter, menselijker en gezinsgerichter. De hervormingsplannen liggen er, met goede voorstellen. Nu is het aan ons om ze waar te maken en daar hebben we de Rijksoverheid en gemeenten voor nodig. We kunnen niet wachten op een volgend rapport, of op een volgend schrijnend incident. De kinderen die nú opgroeien in kwetsbare situaties hebben recht op actie. Als we dat niet doen richten we schade aan bij kinderen en gezinnen. En die schade wordt uiteindelijk niet alleen zichtbaar in zorgbudgetten, maar ook in schooluitval, armoede, criminaliteit en mentale problemen.
Dus kabinet en gemeenten, jullie taak komende woensdag is glashelder. Praat niet alleen over geld maar pak het werkelijke probleem aan. Zet, zoals ook de commissie-Van Ark adviseert, in op een samenhangende jeugd- en gezinsaanpak. Want als we blijven bezuinigen op de basis, en niet het inhoudelijke gesprek over de zorg voor de meest kwetsbaren centraal voeren, dan betalen onze kinderen de hoogste prijs.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant