Home

Miljoen laatbetalers gemeld aan gemeenten, maar hulp wordt vaak afgehouden

Zorgverzekeraars, energieleveranciers, waterbedrijven en woningverhuurders hebben vorig jaar ongeveer een miljoen meldingen gedaan bij gemeenten over klanten die niet op tijd betalen. Ondanks meerdere openstaande rekeningen nemen deze laatbetalers meestal geen hulp aan van de gemeente.

De vier vastelastenpartners zijn verplicht om de gemeente op tijd in te seinen als een klant achterloopt met betalen. Het doel is dat de lokale overheid in een vroeg stadium te hulp schiet als inwoners geldproblemen hebben. Maar lang niet iedereen zit daarop te wachten.

In 2024 kregen gemeenten 945.000 zogeheten vroegsignalen over een betalingsachterstand, blijkt uit cijfers die vandaag verschijnen van Divosa, een vereniging voor gemeentedirecteuren van het sociaal domein. Niet alle gemeenten deden mee aan het onderzoek. De cijfers gaan over 94 procent van de Nederlandse bevolking.

Het aantal meldingen ligt 10 hoger dan in 2023. Verder gaven energiebedrijven nog eens 85.000 berichten door over klanten van wie hun contract bijna beëindigd werd vanwege openstaande rekeningen. Deze telling is relatief nieuw, waardoor een vergelijking met eerdere jaren mank gaat. Bij elkaar opgeteld ligt het aantal signalen op 1.030.000.

De stijging van betaalachterstanden betekent niet per se dat er meer geldproblemen zijn, legt Divosa-onderzoeker Anna Schors uit. "Het kan ook zijn dat de vastelastenpartners meer meldingen doen dan eerder."

Verder sturen veel drinkwaterbedrijven sinds kort maandelijks een rekening in plaats van per drie maanden. Omdat ze vaker om geld vragen, wordt ook vaker te laat betaald.

Toch zijn de aantallen zorgelijk, zegt schuldenexpert Nadja Jungmann. "Bij problematische schulden gebruikt een groot deel van de mensen geen hulp, terwijl ze het niet zelf kunnen oplossen."

Bij de meeste meldingen staat een rekening open van 250 tot 1.000 euro. " Als mensen eenmaal meerdere termijnen missen op een vaste last, dan speelt er vaak meer", zegt Jungmann. Gemeenten schieten te hulp vanaf een minimumbedrag aan schuld. Vorig jaar gebeurde dat 800.000 keer.

Maar lang niet iedereen met een schuld blijkt open te staan voor contact met de gemeente. Bij slechts één op de vijf meldingen over een openstaande rekening kreeg de lokale overheid contact met de inwoner. 35 procent van die mensen ging akkoord met hulp zoals een betalingsregeling, tips of een doorverwijzing naar andere hulpverlening.

"Er is een groep die zich moeilijk laat bereiken en dat is zorgelijk", zegt Jungmann. "Het is een opgave voor gemeenten om eerst contact te krijgen en om inwoners dan te motiveren voor hulp."

Mensen hebben volgens Jungmann allerlei redenen om de overheid niet meer als voor de hand liggende helper te zien. Ze hebben bijvoorbeeld de strengheid van de gemeente ervaren door de participatiewet, die mensen naar werk moet begeleiden.

Organisaties die armoedehulp bieden (zoals voedselhulp) zien al jaren een stijgend aantal hulpvragen, blijkt uit cijfers van het Armoedefonds. "Eén tegenvaller en de problemen stapelen zich op", zei directeur Henk de Graaf eerder deze maand. "En van de ene op de andere dag leef je ineens in armoede. Dit zien we steeds vaker gebeuren."

Overigens is het niet alleen aan gemeenten om hulp te bieden. Zorgverzekeraars, die met ruim 350.000 signalen de meeste betalingsachterstanden meldden, hebben hier ook een taak in.

Zorgverzekeraar VGZ ziet vooral dat jongere klanten moeite hebben met betalen. Bijna één op de tien klanten van 18 tot en met 35 jaar komt in de problemen met rekeningen van VGZ. Voor 4 procent van de jongere klanten geldt dat de zorgverzekeraar uiteindelijk een incassobureau of de uitvoeringsinstantie CAK inschakelt.

"Het is heel vervelend dat ze in die situatie belanden", zegt VGZ-topman Art Beuting. Hij noemt het "lastig" om deze doelgroep te bereiken en maakt zich zorgen over mensen die de zorg mogelijk gaan mijden. "Dan kan je op lange termijn meer zorg nodig hebben."

VGZ werkt al samen met gemeenten om minderbedeelden speciale pakketten aan te bieden. Verder zullen jongere klanten anders benaderd gaan worden met onder meer de inzet van ervaringsdeskundigen. "Richting 2030 willen we de helft minder mensen in betalingsproblemen", zegt Beuting.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next