Home

Het tragische verhaal van Foekje Dillema op toneel: ‘Ze zeggen dat ik geen meid ben’

Het theaterstuk Foekje over de in de kop geknakte sportcarrière van Foekje Dillema is een schrijnend verhaal over een atlete die werd uitgeloten omdat ze geen vrouw zou zijn.

is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, zwemmen en tennis.

Met gepijnigde blik verzucht de trainer: ‘Achteraf heb ik wel eens gedacht, had ik haar maar nooit dat advies gegeven.’ Op zijn aansporen sprintte de onbekende Foekje Dillema halverwege de vorige eeuw naar haar eerste overwinning – op sokken, ze beschikte niet over hardloopschoenen. Een succesverhaal leek geboren, maar het ontvouwde zich tot het schrijnende verhaal van een Friezin die onverwachts werd uitgesloten – ze zou geen vrouw zijn.

Nu, 75 jaar later, krijgt die vertelling een podium in de theatervoorstelling Foekje. In de gymzaal van een middelbare school in Leeuwarden ging de anderhalf uur durende voorstelling vrijdagavond in première. Een verhaal uit het verleden, met tegelijkertijd ook een sprong naar de huidige tijd. ‘Het gaat niet alleen om een Fries icoon, maar ook om onderwerpen middenin het hedendaagse discours’, zegt regisseur Jos van Kan. Genderclassificatie zorgt nog steeds voor worstelingen in de internationale (top)sport.

In de Friese gymzaal liggen lichtgroene, met lijnen versierde matten; wedstrijdbanen. Acteurs van theatergezelschap Tryater praten, sprinten, springen, rekken en zingen. In uiteenlopende scènes reconstrueren ze, soms humorvol, Dillema’s leven. Dat gaat overwegend in het Fries, Nederlandse boventiteling staat op de muur.

Het publiek wordt aan het denken gezet. Hoe is het om uitgesloten te worden om wie je bent? Wie moet zich daarvoor eigenlijk schamen, de intersekse, of de samenleving?

Snelste op sokken

Dillema (1926-2007) groeide, als derde dochter in een arm gezin met acht kinderen, op in het Friese Burum, een dorpje nabij de provinciegrens met Groningen. Voor sport was in haar tienerjaren geen tijd en geld. Al op jonge leeftijd maakte ze huizen schoon. Maar nadat ze in 1948 de atletiekwereld had verrast door op haar sokken te eindigen als snelste van Friesland, ging het rap.

Ze werd de Friese Fanny Blankers-Koen genoemd, om vervolgens een bedreiging te vormen voor dat Nederlandse atletiekboegbeeld. In 1950 verbeterde Dillema Blankers-Koens landelijke record op de 200 meter. Een maand later beëindigde ze abrupt haar loopbaan. Dillema weigerde een net ingevoerde, vernederende seksetest, die haar mede op aandringen van Jan Blankers, bondscoach en echtgenoot van Blankers-Koen, zou zijn opgelegd. De Nederlandse Atletiekunie KNAU schorste Dillema voor het leven.

Sporttas vol dode dromen

De voorstelling schetst een situatie op een perron in juli in 1950. Dillema was samen met teamgenoten vanuit Leeuwarden per trein op weg naar een atletiekinterland in Frankrijk. In Amsterdam werd ze overvallen door bondsbestuurders die haar sportdoelen vernietigden en haar terug naar huis stuurden. Haar wedstrijdresultaten werden geschrapt. Haar verbaasde teamgenoten meldde ze bij het pakken van haar valies: ‘Ze zeggen dat ik geen meid ben.’

Ze nam alleen de trein terug en liep vervolgens door de nacht, haar sporttas ‘zwaar van schoenen en dode dromen’, de 35 kilometer van het station van Leeuwarden naar haar ouderlijk huis. Ze zou zichzelf in de drie jaar die volgden zo min mogelijk buiten vertonen. Dillema ruilde haar 28 gewonnen medailles in voor een boormachine. Over haar atletiekcarrière weigerde Dillema nog te praten.

Schrijver Kees Roorda stuitte in de coronaperiode tijdens een fietstocht door Friesland per toeval op een stenen monumentje in een grasveld in Burum. Het was geplaatst ter nagedachtenis aan Dillema. De naam van de atlete zei hem niets, maar haar verhaal, dat hij middels een QR-code op het kunstwerk ontdekte, bleef tijdens de terugtocht door zijn hoofd spelen. ‘Het trof me als een mokerslag.’ Hij besloot erover te schrijven, al vroeg hij zich tegelijkertijd af hoe hij recht zou kunnen doen aan Dillema’s zwijgen.

Honderd procent zeker

Alleen door het project heel serieus te nemen, besloot Roorda. Hij sprak tientallen mensen; atleten, journalisten, buren, mensen uit de interseksegemeenschap en ‘de enkeling die Foekje nog persoonlijk heeft gekend’. Zoals Geesje Jorna, haar goede vriendin tijdens haar korte topsportcarrière, met wie Dillema tijdens wedstrijden af en toe uit kostenoverwegingen een kamer deelde. Roorda: ‘Zij wist honderd procent zeker dat Foekje geen man was.’

In de voorstelling heeft Dillema geen rol. Ze wordt weergegeven door de ogen van anderen, zoals Jorna, of een jongen uit de buurt die regelmatig meeging om te vissen. Zij praten over haar, of laten hun eigen verhaal horen als ervaringsdeskundige. Zwijgen was gebruikelijk in de tijd van de uitsluiting van Dillema. Dat werd geadviseerd, zo leerden Roorda en regisseur Van Kan door uitgebreid onderzoek.

Spectrum tussen man en vrouw

Nog steeds wordt ouders dringend geadviseerd er niet over te praten als een baby in het spectrum tussen man en vrouw in valt, weet Van Kan. ‘Met de boodschap: dan heeft iemand er het minste last van.’ Daardoor is zwijgen complex. Het staat iemand vrij, kan als moedig of stoer worden gezien, maar mensen kunnen ook monddood worden gemaakt. Roorda: ‘Het woord intersekse bestond toen ook nog niet. Er werd gewoon gezegd: je bent geen vrouw, maar een man. Dat is zo ingrijpend. Het gaat over je identiteit.’ Met de voorstelling wil Van Kan mensen laten kijken in de ziel en het hart van iemand die wordt uitgesloten.

Aan bod komt een monoloog van een voormalig zwemmer die er op haar 40ste pas achterkwam dat ze XY-chromosomen heeft. In haar jeugd zwom ze op hoog niveau, maar ondanks haar snelle tijden werd ze nooit geselecteerd voor belangrijke internationale wedstrijden. Later ontdekt ze: iedereen wist het. De bondscoach, haar trainer, de artsen. Maar ze hadden zwijgplicht. ‘XY-vrouwen mochten niet weten wat ze hadden. Dat was het beleid toen.’

Krachtig is de Engelse monoloog van Caster Semenya, de Zuid-Afrikaanse atleet die tussen 2009 en 2017 meerdere titels op de 800 meter pakte, waaronder tweemaal olympisch goud. Zij koos er juist wél voor om te praten over de twijfels over haar vrouwelijkheid, en ging de barricaden op. ‘Stel je voor dat je te horen krijgt dat je door een medische aandoening eigenlijk geen vrouw bent. Dat je niet mag doen wat je het liefste doet. Dat je nu iets anders bent in de ogen van de wereld dan je weet dat je werkelijk bent. En dat die wereld niet zal ophouden over je te praten, nooit.’

Twijfelachtige seksetest

Het thema gender is veelbesproken. Zo werd Imane Khelif, de Agerijnse bokster, afgelopen zomer tijdens de Olympische Spelen in Parijs het middelpunt van een internationale discussie. Khelif werd geboren als vrouw, maar zou op basis van een twijfelachtige seksetest niet voldoen aan de criteria om mee te doen aan de vrouwencompetitie, vond de Internationale Boksbond (IBA).

De Amerikaanse president Donald Trump tekende recentelijk een genderdecreet: de VS erkennen voortaan nog maar twee, onveranderlijke seksen: man en vrouw. En de mondiale atletiekbond besloot onlangs een wangslijmtest in te voeren om te bepalen of een atleet biologisch gezien een vrouw of man is.

In december 2007, na Dillema’s overlijden, onderzocht een forensisch onderzoeker nagelaten huidcellen op haar kleding. Dat onderzoek toonde zowel vrouwelijke XX-chromosomen als een mannelijk Y-chromosoom. Maar er werd ook een onbalans in X- en Y-chromosomen vastgesteld. De moleculair bioloog veronderstelde dat Dillema een vrouw was. In de voorstelling: ‘Een genetisch mozaïek.’ En: ‘Volgens mij kwam ze daar pas achter toen anderen haar daar op wezen.’ Pas kort na haar overlijden werd Dillema’s persoonlijke record op de 200 meter erkend door Atletiekunie KNAU.

Foekje de voorstelling, die door heel Friesland en tijdens het Oerol festival op Terschelling wordt gespeeld, is niet alleen het schrijnende, droevige verhaal van Dillema. Het is ook een vertelling van veerkracht, meent Van Kan. Na de periode dat Dillema zich schuilhield in huis, werd ze gymlerares. ‘Ondanks dat ze zweeg, bleef het kloppende hart voor de sport en vond ze een andere vorm.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next