Home

Verdroging komt in Nederland niet door een tekort aan water, maar door een gebrek aan feng shui

Hoe kan een land waar zo veel water uit de lucht valt nu last hebben van droogte en bosbranden? Nederland ziet er misschien niet uit als een woestijn, maar delen ervan gedragen zich wel zo. Om het hoofd te bieden aan de verdroging waar we nu last van hebben, moeten we meer water vasthouden.

En niet alleen op de plekken die in de brand staan, maar juist ook in de Randstad. Want we noemen steden wel ‘urban jungles’, maar met hun slecht doorlaatbare en snel opwarmende oppervlaktes, zou ‘urban desert’ een veel betere term zijn. En wat dacht je van onze groene woestijnen? Monoculturen van gras die weinig doen voor de biodiversiteit of watermanagement.

Vorige week schreef ik nog een column over een overstromend riool, deze week roep ik op om water vast te houden. Het klinkt tegenstrijdig, maar het zijn in wezen twee zijden van hetzelfde probleem: een veranderend klimaat. Aan de effecten van die veranderingen kunnen we in ons eigen land best veel doen.

Dat vindt de overheid ook, daarom hebben we sinds vorig jaar een landelijke ‘maatlat groene klimaatadaptieve omgeving.’ Deze maatlat is bedoeld als handreiking aan corporaties, projectontwikkelaars en overheden om hen te helpen om meer klimaat adaptief te bouwen.

Deze week rapporteerden ministers Mona Keijzer (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) en Barry Madlener (Infrastructuur en Waterstaat) mede namens staatssecretaris Jean Rummenie (LVVN) over de voortgang op die maatlat. Zij vinden dat we ons minder moeten richten op de gebouwen en meer op het gebied.

Dat is een goed idee, want als het gaat om klimaatadaptatie moeten we zeker verder kijken dan de voordeur. Maar met gebied bedoelen de ministers dan vooral een (nieuwbouw)wijk. Voor een meer lonkend perspectief over wat er mogelijk is, als we de ‘maatlat’ nog wat hoger zouden leggen, hoeven we maar over de grens te kijken naar hoe vergroening op gebiedsniveau wordt ingezet om echte woestijnen op afstand te houden.

In China slaagden ze er bijvoorbeeld in om grote delen van de Kubuqi-woestijn weer te vergroenen en nog indrukwekkender is de ‘Great Green Wall’ die tot 2050 wordt aangelegd om de oprukkende Gobiwoestijn te stoppen. Dat China voorop loopt, als het gaat om vergroening én herstel van de watercyclus, blijkt ook uit een andere uitvinding: ‘de sponsstad’. In Guangzhou, een stad met 18,7 miljoen inwoners, hebben ze het Sponge City Plan.

Dat plan heeft als doel om 44 procent bebossing van het stedelijk gebied en hergebruik van 70 procent van het regenwater te realiseren. Er worden maar liefst 73 stadsparken aangelegd waarin tijdelijk regenwater kan worden opgevangen. Er zijn in China al dertig van zulke sponssteden. Bijkomend voordeel is dat ze niet alleen helpen tegen droogte, maar juist ook overstromingen voorkomen.

Over de auteur
Zairah Khan is stadsvernieuwer. In de maand april is zij gastcolumnist op volkskrant.nl/opinie.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier meer over ons beleid. Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Hoe dat werkt, is als volgt: bomen en planten zorgen dat het water in de bodem vastgehouden wordt tot het weer nodig is om bij droogte te verdampen. De opstijgende waterdamp hecht zich samen met kleine deeltjes aan een passerende wolk en daardoor gaat het regenen.

Water wordt zo continu rondgepompt en dat vermindert weersextremen. Lange tijd dacht men dat het regenwoud ontstond op plekken waar het vaak regent, maar inmiddels heeft men wetenschappelijk aangetoond dat het andersom is: het regent vaker op plekken waar veel bos is. In Europa is inmiddels de eerste sponswijk aangelegd, In de Berlijnse wijk Rummelsburg.

Ook in Nederland wordt met interesse gekeken naar het Chinese voorbeeld. We hebben al een groot voordeel: vanwege de gunstige ligging aan de kust is er een genereuze hoeveelheid (potentiële) regen. We hoeven al die kostbare druppels in principe alleen maar te vangen. Maar juist dat laatste is waar het, vanwege onze grijze en groene woestijnen, aan schort. En omdat we zo’n piepklein land hebben, en best wat wind, is een buitje ook zo weer gevlogen en, hup, de grens over.

Bij onze oosterburen is namelijk nog wel echt bos. Idealiter zouden we daarom een hele grote ‘spons-randstad’ hebben. In China zouden ze wel raad weten met een dergelijke ingreep. Dat komt onder meer omdat ze daar denken vanuit ‘feng shui.’ Dat is een eeuwenoude filosofie die streeft naar harmonie tussen de mens en zijn omgeving. Letterlijk betekent het wind en water.

En nee, dat gaat dus niet alleen over de positie van het nachtkastje ten opzichte van het raam, voor wie het ooit wel eens heeft horen noemen in een woonprogramma. Juist klimaatverandering vraagt om meer feng shui. Is ons ‘poldermodel’ ook geschikt om een spons-randstad van de grond te krijgen? Polderen spreekt misschien minder tot de verbeelding dan een oosterse filosofie, maar in het verleden hebben we er toch aardig succes mee behaald.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next